Joost Halbertsma , fiere Friese allesweter naast Bilderdijk en Van Lennep

“De natie wordt aan alle kanten geplukt, uitgezogen, met fiscale onbeschoftheid als een hoop schurken nagezien en zij juicht in haar geluk. Deze goedheid is zo groot dat zij van beminnelijk over gaat om verachtelijk te zijn. Zij is volkomen rijp voor de slavernij.”

Nee, dit zijn niet de woorden van een woedende SP-er over de afschaffing van de dividendbelasting door het kabinet Rutte. Dit schreef doopsgezind predikant, taal- en letterkundige, redenaar en publicist Joost Halbertsma bijna tweehonderd jaar geleden over het politieke en economische beleid van koning Willem I. Het is te lezen in de vuistdikke biografie, geschreven door Alpita de Jong, Triomfen en tragedies van een uitmiddelpuntig man. Joost Halbertsma 1789-1869.
Het is onbegrijpelijk dat Halbertsma, die in zijn tijd een grote naam was, bevriend was met mannen als Willem Bilderdijk en Jacob van Lennep, zo in de vergetelheid is geraakt. Toen ik deze biografie ging lezen en dat vertelde aan bekenden uit de literaire en journalistieke wereld hoorde ik meer dan eens de vraag: wie is dat ook alweer?
Is dat omdat hij zich zo met het Fries bezighield dat de rest van het land niets over hem hoefde te weten? Of kwam dat voort uit het dedain van de wetenschappelijke wereld tegenover een dominee die zich niet bij zijn leest hield, die kritische vragen stelde en op eigen kosten de wereld op de hoogte bracht van zijn zielenroerselen? Of heeft hij zich met zijn gedrag echt onmogelijk gemaakt? Hij stelde zelf:

“Vraagt gij mij waarom ik altijd pamfletten schrijf? En verwijt gij mij, dat ik maar een pamfletteur ben? Ik antwoord, de Evangelisten waren ook pamfletteurs, die door hunne pamfletten de wereld hebben veroverd. Ik wil niet zeggen dat ik een evangelist ben, maar dat ik mij niet verneder door pamfletten.”

Biograaf Alpita de Jong licht verder toe: “Wat nodig was, in de ogen van Halbertsma, was geen ijdel gejuich en braafheid, maar juist meer weerwoord; geen volgzame vaderlandsliefde maar meer kritisch staatsburgerschap. Het volk moest betrokken worden bij het land, het bestuur en de beslissingen. Niet om een revolutie te ontketenen, maar juist om die te voorkomen.“

Bilderdijk en Van Lennep

Meinard Tydeman (1741-1825) jurist, historicus en de eerste wetenschapper die colleges over de Nederlandse taal gaf, noemt Halbertsma in zijn tijd de belangrijkste taalgeleerde van Nederland. Halbertsma denkt op dat moment dat het Fries de ontbrekende schakel is in de talen van Noord-West Europa en de Germaanse talen maar weet er te weinig van dus studeert verder. Hij zoekt in oude, zeldzame tekstfragmenten naar verklaringen. In 1823 organiseert hij in Bolsward een herdenkingsdag voor de Friese dichter Gysbert Japicx.

Willem Bilderdijk

In 1831 overlijdt Willem Bilderdijk, die Halbertsma vanwege hun gemeenschappelijke interesse in het werk van Gijsbert Japicx goed had leren kennen. Halbertsma wil dat er een biografie van zijn vriend komt en benadert daarvoor de Amsterdamse letterkundige Jeronimo de Vries. Deze eerste poging wordt niks. Maar Bilderdijks ster laat zich niet doven. De jongste biografie van Bilderdijk verscheen vijf jaar geleden, in oktober 2013. De gefnuikte arend, geschreven door Rick Honings en Peter van Zonneveld.

Halbertsma was lid van het Koninklijk genootschap van oudheidkundigen in Kopenhagen, Berlijn en Athene. Hij werd in het buitenland erkend als een groot geleerde, meer dan in eigen land. Hij ‘mocht’ als correspondent van het Koninklijk Instituut, de voorloper van de Koninklijke Academie van Wetenschappen, meepraten tot ze uiteindelijk niet langer om hem heen konden. Jacob van Lennep kwam hem persoonlijk vertellen dat hij het tot ‘lid’ had geschopt. En hij ontving een eredoctoraat van de universiteit van Leiden.
Ondertussen hielp Halbertsma Jacob van Lennep bij de beschrijving van de Friese volksaard voor diens werk De roos van Dekama, de roman over de strijd van Willem IV, de graaf van Holland, tegen de ‘vrije’ Friezen.

Fries

Joost Halbertsma in 1861
De geschriften van Joost Halbertsma waren voor iedereen bedoeld, niet alleen voor de elite. De lapekoer van Gabe Skroar (vertaling: De lappenmand van Gabe Skroar) verhalen en rijmpjes die Halbertsma met zijn broers Eeltje (schrijver van het Friese volkslied) en Tjalling maakte, werden later gebruikt in de strijd voor de erkenning van het Fries als tweede landstaal. Het Fries lexicon waar Halbertsma jaren aan werkte verscheen postuum en is de basis van het Fries zoals dat nu officieel geschreven en gelezen wordt.

Jelle Troelstra, de vader van de SDAP-voorman hield een rede bij de plaatsing van de gedenkstenen in het geboortehuis van de gebroeders Halbertsma in Grouw. En ook diens zoon Pieter Jelles Troelstra verdiepte zich in het werk van Halbertsma, omdat ook hij vond dat de waarde van verhalen die onder het volk leefden niet onderschat moest worden. Halbertsma was een goede bekende van de gebroeders Grimm, van de sprookjesboeken.
Een voorstel van Halbertsma in 1853 aan de Gedeputeerde Staten van Friesland leidde in 1855 tot de oprichting van een ‘Kabinet van Oudheden’. Hij schonk zijn eigen verzameling Friese oudheden aan dit Kabinet, dat tegenwoordig het Fries Museum is.
De voorstelling Gabe Skroar over de vier broers Halbertsma, die in het kader van Leeuwarden Culturele Hoofdstad 2018 in Grouw werd opgevoerd, was op alle speeldagen uitverkocht. De Friese nalatenschap van Joost Halbertsma leeft nog steeds.

Nederland

Als je wilt weten hoe het leven er aan het begin van Nederland uit zag – dat wil zeggen het ontstaan van ons land vanaf de Bataafse Republiek(1795) via het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden (1815) tot het Koninkrijk der Nederlanden (1830) – lees dan dit boek. Er gaat letterlijk een wereld voor je open.
Geboren uit Friese ouders en afgestudeerd als taal- en letterkundige aan de Universiteit van Leiden werd Alpita de Jong docent Friese letterkunde. Ze was tevens lid van de adviescommissie van de Gysbert Japicxprijs 2003. In 2009 promoveerde ze op ‘een proefschrift over de Europese wetenschappelijke contacten van de negentiende-eeuwse Friese taalkundige en schrijver Joast Hiddes Halbertsma.’ Meer dan tien jaar werkte Alpita de Jong, eigenlijk heet ze Aaltje Pietertje maar ik begrijp helemaal dat je daar Alpita van maakt, daarna aan haar magnum opus. Je ziet het werk, de tijd en de liefde die er in deze biografie is gestoken duidelijk aan het eindresultaat af.

Naslagwerk

Het boek is mooi opgebouwd, hoofdstukken zijn onderverdeeld in verschillende verhaallijnen. Niet alleen inhoudelijk maar ook visueel. Daardoor zijn de spanningsbogen van een prettige lengte. Tekeningen en illustraties zijn mooi weergegeven. En ik heb genoten van de aangetroffen ‘Friesismen’.
Dit is een heus naslagwerk, waarbij het prettig is om de privéomstandigheden van de familie Halbertsma apart te kunnen lezen van de belevenissen in het werkzame leven van Halbertsma.

Triomfen en tragedies van een uitmiddelpuntig man. Joost Halbertsma 1789-1869
Alpita de Jong
Uitgeverij Louise
ISBN 9789491536502
Verschenen in april 2018

Bestelinformatie

Koop bij Athenaeum Boekhandel

Bestel als hardcover bij Athenaeum Boekhandel (€ 55,00)

Koop bij bol.comBestel als hardcover bij bol.com (€ 55,00)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here