V.S. Naipaul: een briljante rotzak

Vidiadhar Surajprasad Naipaul, geboren op 17 augustus 1932, wordt alom gevreesd en bewonderd. De auteur van Een bocht in de rivier, Een huis voor meneer Biswas en Een half leven staat bekend als arrogant, misprijzend, gewelddadig, vrouwonvriendelijk en provocatief. Naipaul zal het zonder meer beamen. Toen Patrick French in 2001 het aanbod kreeg zijn biografie te schrijven, twijfelde hij. French stelde als voorwaarde dat hij toegang kreeg tot de niet publiek toegankelijke archieven, en dat hij mocht schrijven wat hij wilde schrijven. Naipaul stemde toe. Wellicht werd die permissie ingegeven door nobele motieven, dat de ‘waarheid niet tekortgedaan mag worden’, maar aannemelijker is dat Naipaul niet wakker lag van de biografie in wording. Naipaul gaat buitengewoon lankmoedig om met gossip over zijn onmogelijke karakter. ‘I don’t care.’ Wat zou French kunnen ontdekken dat hij in zijn oeuvre al niet ontsloten heeft? De boeken van Naipaul gaan in belangrijke mate over de geestelijke misvorming die sociale verhoudingen teweeg brengen – niet alleen bij  sociaal gedepriveerden, vrouwen, onderdrukten, maar ook bij de onderdrukker, de machthebber, de man. Als lid van een voorname en invloedrijke familie in Trinidad was hij in staat dat proces van binnenuit te beschrijven. Het leverde hem in 2001 de Nobelprijs voor de literatuur op.

Fictie als overlevingskunst

De voornaamheid van de familie had overigens een buitengewoon dubieuze grondslag. Wie de banden verbreekt met het moederland om elders zijn geluk te zoeken, zoals de Naipauls hebben gedaan, krijgt de kans het bestaan opnieuw vorm te geven, ook in fictieve zin. Capildeo Maharaj, de grootvader van moederskant, was de ‘boot-brahmaan’. Waarschijnlijk behoorde hij in India tot de onderkant van de samenleving, die van de ‘onaanraakbaren’, maar tijdens de overtocht naar Trinidad loog hij zichzelf de hoogste kaste in: hij was de zoon van een pundit, een geestelijk leider. De gemeenschap van Indische immigranten, van wie de meesten als contractarbeider hun brood verdienden, accepteerde hem als brahmaan. Goed liegen was een overlevingskunst in de Caraïben. ‘Het kwam in Trinidad wel vaker voor dat mensen zich omtoverden tot een nieuwe persoon, hun naam veranderen of hun verleden bijvijlden. De slimmerik die het lukte anderen gewiekst beet te namen werd in Trinidad zeer bewonderd,’ zo typeert French deze maskerade. Uiterlijk vertoon, de noodzaak van een publiek gezicht, is plaatsbepalend in een samenleving met zoveel etnische groeperingen en culturen. Vido had zijn fictionele talent niet van vreemden: wie je bent, wat je bent, is de uitkomst van een sterk verhaal. Droapatie Naipaul, zijn moeder, hield de mythe van de goede komaf zorgvuldig in stand; ze was ‘ijdel, trots en verwaand en had al deze eigenschappen nodig om te overleven.’

How To Treat a Lady?

Het thema van de culturele verminking wordt wellicht nog het pijnlijkst zichtbaar in Naipauls omgang met vrouwen. De Indische man, die de reputatie van de Kama Sutra aan zijn kont heeft kleven, is in werkelijkheid een treurniswekkende stumper. ‘Dit heel eigen idee dat seks iets is voor jou alleen en geen verband houdt met de persoon voor je,’ het tekent zijn leven. Naipaul is met moeite intiem met Patricia (‘Pat’) Ann Hale, met wie hij in 1955 trouwt. Hij behandelt haar als drek, wat niet wegneemt dat hun huwelijk tot aan haar dood in 1976 standhoudt. Naipaul houdt er dan al twintig jaar een verhouding met Margaret Gooding op na. Ze verlaten nauwelijks de hotelkamer, als hij tijdens zijn vele reizen weer eens ergens op de wereld een ontmoeting weet te arrangeren. De seks is rauw, gewelddadig. ‘Ik verfoei het ten diepste, verfoei het omdat het in zeer grote mate een Indisch falen is. Wanneer ik Indisch zeg, bedoel ik onze gemeenschap. En het is altijd een kenmerk van verslagen mensen, niet? Dit slaan van je vrouw is denk ik meer iets van Indiërs dan van negers…De verhalen van mijn vader gaan over het slaan van de vrouw en hij plaatst het als het ware in een oeroude Indische traditie, een oeroude Indische dorpstraditie.’ Toen bij Pat in de zomer van 1976 borstkanker werd geconstateerd, kon zij nauwelijks de moed opbrengen om zich tegen de ziekte te verzetten. Naipaul vond de tijd rijp het bestaan van zijn minnares, en zijn levenslange bezoek aan prostituees, aan haar op te biechten. ‘Ik was bevrijd. Zij ging eraan kapot. Het was onvermijdelijk.’ Na de dood van Pat hoopte Margaret de tweede miss Naipaul te worden. Ze moest in de krant vernemen dat hij met een ander was getrouwd.

V.S.Naipaul. Een biografie is bij tijd en wijle onthutsend, goed en meeslepend geschreven en geeft inzicht in hoe het met die briljante rotzak zo gekomen is. French had daartoe ook alle gelegenheid. Nadat hij van Naipaul het groene licht heeft gekregen, heeft hij zich ‘nauwgezet aan onze afspraken gehouden en heb ik kunnen werken zonder richtlijnen of beperkingen.’ Waarom zouden die er ook zijn? ‘I don’t care.’

V.S. Naipaul. Een biografie. 
Patrick French
Uitgeverij Atlas
ISBN978 90 450 1007 6
Van € 39,90 voor € 9, 90

Eric Palmen
Eric Palmen is historicus en hoofdredacteur van Biografieportaal. Hij schreef onder andere Kaat Mossel, helleveeg van Rotterdam en Dwaze liefde, een familiegeschiedenis, uitgegeven bij Prometheus. Voor Vrij Nederland, Het Parool en Elsevier Weekblad schreef hij artikelen over de biografie.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here