J.Edgar Hoover en de voorzaten van Snowden

J. Edgar Hoover

In de avond van 8 maart 1971, terwijl Amerika aan de buis zat gekluisterd vanwege het titelgevecht om het wereldkampioenschap in het zwaargewicht tussen Muhammad Ali en Joe Frazier, wisten onbekenden een dependance van de FBI in Media, Pennsylvania binnen te dringen. Ze verschaften zich toegang tot de archieven en fotografeerden alles wat los en vast zat in de burelen van de FBI. Kort daarop verschenen in The Washington Post de eerste onthullingen. J. Edgar Hoover’s bolwerk van moed, trouw en integriteit bleek een spionagebolwerk te zijn dat gewone Amerikanen nauwlettend in het oog hield en lak had aan de meest fundamentele burgerrechten van de fellow citizens. Hoover zocht de daders van de inbraak in de hoek van de radicale anti-Vietnambeweging en zette 200 agenten op de zaak. Maar de retoriek van de communistenvreter, die Martin Luther King publiekelijk ooit “the most dangerous and effective Negro leader in the country” had genoemd, werkte niet meer. Door de publicatie van de secret files kwam onder andere aan het licht dat de FBI de buitenechtelijke escapades van Martin Luther King minutieus in kaart had gebracht en getracht had hem met deze gevoelige informatie te chanteren.
De reputatie van Hoover als rechtschapen hoeder van de American Way of Life was voorgoed beschadigd. Hoover werd het gezicht van de gecorrumpeerde macht in de Verenigde Staten. Hij overleed een jaar na de onthullingen aan een hartaanval. Ondanks de inzet van het enorme politieapparaat werden de inbrekers nooit gepakt. De betrouwbaarheid van de Amerikaanse overheid had een kaakslag gekregen. Twee jaar later volgde de K.O. van het Watergateschandaal.

Bijna 43 jaar na dato onthullen vijf van de acht  inbrekers hun identiteit aan Betty Medsger. Zij was toentertijd de reporter van The Washington Post die de eerste publicaties over de FBI-files verzorgde. In The Burglary. The Discovery of J. Edgar Hoover’s Secret FBI maken we kennis met William C. Davidson, scheikundige aan het Haverford College en het grote brein achter de kraak, en met de vijf leden die thans in de openbaarheid zijn getreden: John en Bonnie Raines, Keith Forsyth, Bob Williamson en Susan Smith. Ze noemden zichzelf de Citizens’ Commission to Investigate the FBI, bestudeerden maandenlang de routines van de agenten in Media en sloegen hun slag in de avond van het titelgevecht.

Waarom maken zij zich uitgerekend nu bekend? Forsyth laat er tijdens een persconferentie geen misverstand over bestaan. Zij zijn het steuntje in de rug van Edward J. Snowden, de klokkenluider van de NSA. “Our government is again conducting mass surveillance of Americans and again lying to Congress. We hope that by coming forward we can contribute in some small way to a debate that is essential for the health of our democracy.”

The Burglary. The Discovery of J. Edgar Hoover’s Secret FBI
Betty Medsgser
Knopf Publishing Group
ISBN 9780307962959
Verschenen januari 2014

Bestelinformatie

Bestel hier als hardcover bij bol.com (€ 21,99)

Reviews

Seth Rosenfeld in San Francisco Gate
Mark Mazzetti in The New York Times
Carrie Johnson voor NPR
Ed Pilkington in The Guardian

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here