“Simon, terima kasih”

Simon Tahamata - Van der Mee
1981 © Hans van Dijk / Anefo (CC0 1.0 ) Bron: Nationaal Archief

Simon Tahamata kwam, zag en overwon. AD-journalist Tonny van der Mee beschrijft in Simon Tahamata, de kleine dribbelaar op een vlotte wijze het leven van Simon Tahamata. Hij doet dat langs een aantal voortdurend met elkaar verbonden en in elkaar overlopende verhaallijnen. Wat vooral duidelijk is, is dat Simon niet een gewone voetballer was; Simon was een Molukse voetballer!

Natuurlijk wordt het verhaal van de voetballer Simon Tahamata verteld. Een verhaal dat zich prima laat vergelijken met vele andere voetbaltalenten met een niet-Nederlandse achtergrond. Waar de talenten-van-nu zich vaak ontwikkelen op de pleintjes van de Nederlandse Vinex wijken, doet Simon dat tussen de garageboxen naast de Molukse wijk in Tiel.
En net als zijn Grote Meester Johan Cruijff weet hij al snel dat hij vooral zijn slechte been moet trainen. Urenlang richt hij de bal op de 30 cm brede smalle stenen muurtjes tussen de metalen garagedeuren. “Ik legde mezelf de druk op perfect te schieten, zegt hij. Gék worden de buren van het felle geluid van de bal op de metalen garageboxdeuren.

KNIL

Simon wordt in 1956 geboren als zoon van Lambert Tahamata  (Alleen zijn voornaam al staat symbool voor de eeuwenoude band met Nederlands Indië) en Octovina Leatemia. Zijn ouders zijn dan al vijf jaar in Nederland en behoren tot de grote groep KNIL-militairen (met hun gezinnen) die door de Nederlandse overheid vanuit Indonesië naar Nederland zijn verscheept. De volgende generatie Molukkers  – en Simon behoort tot deze generatie  – zal in de jaren 70 met gijzelingsacties van zich laten horen. In Wijster en De Punt worden treinen gekaapt door Molukse leeftijdsgenoten van Simon. Er vallen doden en gewonden. Simon toont zich solidair met zijn Molukse leeftijdsgenoten. Hij zegt daarover: “Voor de treinkapingen liep ik nooit te koop met mijn afkomst. Nu moest ik kleur bekennen. Ik had een van die jongens in de trein kunnen zijn. Daar doe ik niet schijnheilig over.” Wat mij betreft de belangrijkste passage van het boek. Zijn ferme standpunt wordt Simon niet kwalijk genomen; vergelijk dat eens met nu! Zelf ben ik van ’57 (een jaar jonger dan Simon) en opgegroeid in Oosterwolde naast de Molukse wijk. Ik herken veel van hetgeen Tonny van der Mee beschrijft. Onbedoeld wordt Simon de belangrijkste man in de assimilatie van de Molukse gemeenschap in de Nederlandse samenleving.

Simon Tahamata biografie
Op de training met Dick Schoenaker © Rob Bogaerts / Anefo (CC0 1.0 ) Bron: Nationaal Archief

Als voetballer ontwikkelt hij zich als een komeet. Eerst binnen de Molukse gemeenschap. Het wemelt er van de vaardige voetbaltalenten maar Simon koppelt zijn uitzonderlijk talent aan een minstens net zo groot doorzettingsvermogen en zo belandt hij op 15-jarige leeftijd bij Ajax. Na een positief advies van onder andere Bobby Haarms, de man die een grote rol in zijn leven zal gaan spelen. In de kost bij Molukse familie kan hij zich in de luwte ontwikkelen. Maar wat een verschil met 2018: “Ik moest alles zelf bekostigen. Ik heb wedstrijden op witte Adidas-schoenen van mijn broer Tete gespeeld.”

Ajax

Simon werd met zijn 1.64 meter groot bij Ajax. En in Nederland. Bij het Nederlands elftal dient hij – net als eerder zijn vader in het KNIL – de Nederlandse leeuw. Van 1976 tot 1980 is hij een vaste waarde. Toevallig zat ik op de tribune van Ajax  tijdens Simons Europees debuut tegen Lillestrom; ik was me er toen niet van bewust dat hij debuteerde. Het publiek adoreerde hem. Van der Mee beschrijft in deze biografie dat adoratie van het publiek helaas ondergeschikt is aan winstbejag.

Na vier jaar moet Simon weg. Zonder dat hij dat wil, wordt hij verkocht aan Standard Luik; slavenhandel anno 1980. Er wordt gefluisterd dat zijn vertrek te maken heeft met zijn Molukse achtergrond. “Zo ging dat met transfers, zegt hij. Ik had daar zelf geen zeggenschap over. Ik heb gehuild maar ben gewoon naar Luik gegaan. Trainer Ernst Happel wilde me graag hebben.” Zijn afscheidsreceptie (!) was in het café van trainer Bobby Haarms.

En daarmee is de derde verhaallijn in het boek genoemd. De relatie die Simon vanaf zijn 15e had met Bobby Haarms. Al vanaf het eerste moment was het raak. Op de eerste training kreeg Simon een trap op zijn scheenbeen. De reactie van de trainer: ”Laat hem maar liggen. Hij staat vanzelf weer op. En dat deed Simon, zijn hele carrière. En hij weet als geen ander dat het niet alleen talent en doorzettingsvermogen is om te overwinnen.  “Je moet de drive en het geluk hebben. Bij tegenslagen moet je terugboksen. Ik wilde doorgaan om de top te bereiken. Mijn motivatie haalde ik uit de mensen die vonden dat ik niet goed genoeg of te klein was. Je moet dan het geluk hebben dat je iemand treft die het wél in je ziet zitten en in je wil investeren. Dat geluk had ik met Bobby.”

België

Na zijn onvermijdelijke verplichte vertrek bij Standard Luik (het befaamde omkoopschandaal onder regie van trainer Goethals) gaat hij naar Feyenoord, om drie jaar later terug te keren in België.
In het seizoen 1995/1996 is hij wisselspeler bij Germinal Ekeren. Op de dag dat hij 40 wordt, krijgt hij daar zijn afscheidswedstrijd. Niet tegen Ajax of een of een of ander wereldelftal. Nee, hij wil een wedstrijd tussen het Molukse elftal en Germinal Ekeren, een groot feest met zijn eigen volk. “Simon, terima kasih” staat op een spandoek. “Simon, bedankt”.

Simon Tahamata, de kleine dribbelaar leest vlot en geeft naast Simons levensbeschrijving ook een mooi beeld van de geschiedenis van het Nederlandse profvoetbal van de jaren 70 en 80. Maar wat de biografie vooral lezenswaardig en onderscheidend maakt, is het Molukse kompas waarop Simon zijn leven bepaalt. Dat kompas staat altijd vol aan.

Simon Tahamata, de kleine dribbelaar
Tonny van der Mee
Edicola Sport
ISBN
9789492920249
Verschenen in oktober 2018

Bestelinformatie

Koop bij Athenaeum Boekhandel

Bestel als paperback bij Athenaeum Boekhandel (€ 19,95)

Koop bij bol.comBestel als paperback bij bol.com (€ 19,95)

Jan Veenstra
Jan Veenstra is in 1957 geboren in Jorwerd. Hij begon zijn werkzame carrière als onderwijzer aan de schippersschool in Lemmer. Vervolgens hoofd der school en later directeur op een aantal Friese basisscholen. Hij is nu bestuurder van Comprix; een grote organisatie van basisonderwijs in Zuidoost Friesland. Friesland ligt hem na aan het hart. Het zal met name de Friese taal zijn die de Friese cultuur overeind moet houden. Daar waar hij kan, zal hij het belang van het gebruik van het Fries dan ook stimuleren. Hij is getrouwd, heeft twee volwassen kinderen en één kleinkind; Jelte.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here