Waar bleef de tweede roman van Harper Lee?

Harper Lee in 1960. Fotograaf: Truman Capote

De moordenaar, de advocaat en de schrijver van de Amerikaanse journaliste Casey N. Cep gaat over een boek dat nooit geschreven is. Zestien jaar nadat ze Truman Capote had geassisteerd bij de totstandkoming van In Cold Blood, meende Harper Lee het materiaal gevonden te hebben voor haar true crime novel, waarmee ze het meesterwerk van haar beste vriend en grootste rivaal naar de kroon kon steken. In Atlantic City (Alabama) schoot Vietnamveteraan Robert Burns tijdens de begrafenis van zijn nichtje Shirley Ann Ellington op 18 juni 1977 drie kogels door het hoofd van dominee Willie Maxwel. Er deden geruchten over de dominee de ronde dat hij een voodoo-priester zou zijn en dat je voor je leven moest vrezen wanneer hij in je buurt kwam. Ook de autoriteiten vonden het vreemd dat zoveel familieleden van de dominee vroegtijdig het loodje legden. In zeven jaar tijd stierven zijn eerste vrouw, zijn tweede, zijn broer, zijn neef en zijn aangenomen dochter Shirley Ann Ellington. Er was een motief. De dominee had tientallen levensverzekeringen op de overledenen afgesloten en inde per sterfgeval een slordige honderdduizend dollar. Daarbij zat hij tot aan zijn nek in de schulden. Toch ging hij steeds vrijuit. Volgens het forensisch instituut ging het in de meeste sterfgevallen om een natuurlijke dood. Kennelijk wist Willie Maxwell hoe hij toxines moest toedienen.

To Kill a Mockingbird

Nelle Harper Lee had sinds het gigantische succes van haar debuutroman To Kill a Mockingbird in 1960 geen letter van betekenis meer op papier gekregen. Het verhaal over de rechtschapen advocaat Atticus Finch en zijn achtjarige dochter Jean Louis (roepnaam Scout) veroverde moeiteloos een plek in de canon van de Amerikaanse literatuur, zeker nadat het boek in 1962 verfilmd werd met Gregory Peck in de rol van de plattelandsadvocaat. De roman groeide tijdens de hoogtijdagen van de burgerrechtenbeweging uit tot een aanklacht tegen het virulente racisme in de zuidelijke staten van Amerika.

Lee had drie jaar nodig om To Kill a Mockingbird te voltooien. Haar editor bij J.B Lippincott publishers, Tay Hohoff, zag potentie in het oorspronkelijke manuscript dat ze bij de uitgeverij had ingeleverd, maar ze raadde de auteur aan de plaats van handeling van de jaren vijftig naar de jaren dertig te verzetten. Die enscenering maakte haar portret van broeierig Alabama moreel minder diffuus. Atticus is een hartstochtelijk verdediger van Tom Robinson, de Afro-Amerikaan die ten onrechte beschuldigd wordt de witte Mayella Violet Ewell verkracht te hebben, maar hij vindt ook dat ‘negers’ de ongeschreven wetten van de rassensegregatie in het zuiden hebben te respecteren en hun plaats moeten weten in Alabama. Harper Lee hield zich op de vlakte over de politieke implicaties van haar roman. In de spaarzame momenten dat ze zich uitsprak over de segregatie in Alabama had ze weinig fiducie in burgerrechtenactivisten als Rosa Parks en de Freedom Riders. Een Afro-Amerikaan die in het openbaar vervoer weigerde voor een witte passagier op te staan ‘zorgt alleen voor veel publiciteit en geweld,’ zei ze tijdens een persconferentie in Chicago.

Truman Capote in 1948. Fotograaf: Carl Van Vechten

In Cold Blood

Het verzoek van Truman Capote om hem te assisteren bij een reportage voor The New Yorker, twee maanden na het verschijnen van To Kill a Mockingbird, kwam als geroepen. Capote las een berichtje in de krant over de familie Clutter, die even buiten de gemeentegrenzen van Holcomb in Kansas in haar boerderij was afgeslacht. Hij wilde de impact van een dergelijke gebeurtenis op een kleine plattelandsgemeente als Holcomb beschrijven. Toen tijdens zijn onderzoek de moordenaars van de Clutters in Las Vegas werden gearresteerd, wist Capote dat hij een groter verhaal te vertellen had. Zonder ook maar één scene te fabuleren, wilde hij met de technieken van de roman dat verhaal in al zijn gruwelijke werkelijkheid voor het voetlicht brengen. Capote herkende zich in een van de daders, Perry Smith. Net zo verwaarloosd in zijn jeugd als hij, net zo gebroken.

Harper Lee schreef 150 pagina’s aan aantekeningen voor In Cold Blood. Truman Capote, die zich erop liet voorstaan een ‘bandrecorder’ te zijn – hij kon zich gesprekken jaren later vrijwel letterlijk herinneren – vond in Harper Lee de ideale onderzoeksassistent. Zij voedde hem met ‘couleur locale’: details over interieurs, weersomstandigheden en lichaamstaal van omstanders. Daarbij pasten ze bij elkaar als een ei in een eierdop. Lee en Capote waren samen opgegroeid in Monroeville, een boerengehucht van toentertijd nauwelijks 1300 zielen in het zuidwesten van Alabama. Hij was een verwijfde sissy, zij de tomboy, die de pestkoppen van zijn lijf moest houden. Tegenover de excentrieke Capote hielden de inwoners van Holcomb de kaken stijf op elkaar, maar Lee wist tijdens haar interviews hun vertrouwen te winnen.

Toen In Cold Blood in 1965 eindelijk verscheen, beweerde Capote dat er geen woord gelogen stond in zijn ‘non-fictie roman’. Lee wist wel beter, maar hield haar kritiek op de geromantiseerde passages binnenskamers. Toch brak Capote na de publicatie van het boek min of meer met zijn jeugdvriendin.

De dominee

Cep heeft geen eenduidig antwoord op de vraag waarom de tweede roman van Harper Lee er nooit gekomen is. Was het de drankzucht die ze gemeen had met Capote? Miste ze de eindredactie van Tay Hohoff, die van haar debuutroman een meesterwerk had gemaakt?

Er was nog iets. Op 25 augustus 1984 stierf Truman Capote aan een overdosis barbituraten in Los Angeles. Waarom zou Harper Lee haar eigen In Cold Blood nog voltooien, nu hij die niet meer lezen kon? Uiteindelijk verscheen er een jaar voor haar dood een tweede roman, Go Set a Watchman, maar dat was het manuscript dat ze al in mei 1957 bij Lippincott had ingeleverd voordat ze aan To Kill a Mockingbird begonnen was.

In de zaak-Burns waren de bad guys zwart en de good guys wit, wat het allerminst een ‘ideale parabel over ras en rechtvaardigheid’ maakte, aldus Cep. En de zaak ontbeerde een hoofdpersoon, want die was in het uitvaartcentrum van Atlantic City door Richard Burns doodgeschoten. Uiteindelijk zou ook De dominee een boek over een advocaat moeten worden. Dit keer heette hij Tom Radney. De verdediger van Burns had eerder Willie Maxwell bijgestaan tijdens de talloze rechtszaken die hij had aangespannen tegen levensverzekeringsmaatschappijen die weigerden de polis uit te betalen na het zoveelste dubieuze sterfgeval in zijn familie. Tom Radney was in alle opzichten complexer dan Atticus Finch. En de slechtheid van de Ewells in To Kill a Mockingbird verbleekte bij het Kwaad dat dominee Maxwell vertegenwoordigde.

To Kill a Mockingbird gaat over slechte mensen die slechte dingen doen en in een door en door verrotte wereld goede mensen als Atticus Finch tegenkomen, bekeken door de ogen van een kind. Een boek met zoveel onschuld kun je slechts één keer schrijven in je leven. Daarna wordt die onschuld karikaturaal, naïef wellicht. Misschien is dat wel de pijnlijke conclusie die je over het schrijverschap van Harper Lee moet trekken. Ze had één parel in zich, één roman die de Amerikanen volgens de Book-of-the Month-Club in 1991 meer had bijgebracht over goed en kwaad dan welk ander boek ook, op de Bijbel na natuurlijk. Meer zat er niet in voor Harper Lee.

De moordenaar, de advocaat en de schrijver. Over het boek dat Harper Lee nooit schreef
Casey N. Cep
Atlas Contact
ISBN 9789045031798
Verschenen in juni 2019

Bestelinformatie

Bestel als paperback bij bol.com (€ 24,99)

Koop bij Athenaeum Boekhandel

Bestel als paperback bij Athenaeum Boekhandel (€ 25,00)
Bestel als ebook bij Athenaeum Boekhandel (€ 14,99)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here