Biograaf Richard Holmes: onder de sterrenhemel in Writing Talk

© Eric Palmen (CC BY-SA 4.0)

Zitten in een schrijverscafé, daarmee vergelijkt Derek Neale, samensteller van Writing Talk: Interviews With Writers about the Creative Process de ervaring van deze bundel schrijversinterviews. Inderdaad vliegen de meningen en ervaringen over het creatieve proces dat schrijvers doorlopen je om de oren. De schrijverswerkplaats wordt in dit boek binnenstebuiten gekeerd. Sommige dingen blijken verrassend algemeen, andere uniek en individueel. Het is een resonerend, bijzonder interessant compendium geworden.

De springlevende auteur

De schrijversinterviews dateren uit de periode 2003-2019 en de selectie is een waaier van diversiteit, vol iconische kracht. Interviews met romanschrijvers, scriptschrijvers, toneelschrijvers, you name it – en één biograaf. De Inleiding door Derek Neale smeedt ze tot een prachtige kleurrijke eenheid met rake observaties, een inleiding die zich laat lezen als een meer dan boeiend essay vol opmerkelijke feiten en conclusies over het toch altijd nog mysterieuze creatieve proces. Boeiend voor iedereen die geïnteresseerd is in dat proces – en misschien voor biografen die schrijvers als onderwerp hebben in het bijzonder.
Want de schrijver doet er toe. Neale stelt in zijn analyse van het belang van het schrijversinterview dat de beruchte Death of the Author, waarbij de auteur zijn totalitaire zeggenschap over de interpretatie van zijn tekst verloor en die werd ingeluid in de tweede helft van de twintigste eeuw, niet heeft geleid tot een negeren van de auteur. Integendeel. Het leidde tot een verlegging van de focus. Vele jaren na deze aardverschuiving is de auteur nog steeds zeer relevant. Echter, niet meer als autoriteit die bepaalt hoe een tekst bedoeld is – die is in vele disciplines binnen de literaire theorie nu naar de lezer verschoven. Met de nadruk op het multi-interpretabele en het duiden zelf als analytisch onderwerp. Wat nu in academische kringen vooral interesse wekt als het gaat om de auteur is het proces dat tot creatie leidt, stelt Neale. Het mysterie is gedemystificeerd, niet de ongrijpbaarheid van inspiratie maar de analyse van het creatieve proces is hiervoor in de plaats gekomen. In ieder geval heeft de schrijver binnen de literaire kritiek weer een unieke plaats verworven.

De schrijversbiografie wint hiermee dus aan belang. Het is biografisch goed werkbaar, in die zin dat het creatieve proces een mooi onderdeel kan zijn van een interessante schrijversbiografie.

Richard Holmes

Derek Neale stelt dat je dit hele boek (en zou je dan kunnen stellen, elk schrijversinterview) als een vorm van autobiografie of biografie kunt beschouwen. Het boek bestaat uit interviews met 19 auteurs: 10 mannen en 9 vrouwen.

De stem in het schrijverscafé die ik met de meeste belangstelling volg, is die van Richard Holmes. Een grote naam in de biografische praktijk. Ik bewonder hem, zowel als biograaf als in de hoedanigheid van kroniekschrijver over de wereld van het onderzoek dat achter de biografieën schuilgaat – in de handen van Holmes minstens zo interessant als het biografisch eindproduct. Zijn Footsteps: Adventures of a Romantic Biographer (1995), Sidetracks: Explorations of a Romantic Biographer (2000) en This Long Pursuit: Reflections of a Romantic Biographer (2016) zijn magistrale verslagen van zijn leefwereld en de boeiende reizen die hij maakte voor zijn biografisch onderzoek.

Holmes heeft een panoramische kennis opgedaan over de biografie, wat zijn stem extra lading geeft. Hij schreef als jongeman korte biografieën voor The Times, later ‘grote’ klassieke biografieën over onder andere de romantische dichters Coleridge en Shelley, en over de iconische figuur Samuel Johnson. Sommige van zijn boeken hebben elementen van reisjournalistiek, hij schreef cultuurhistorisch werk en een hoorspel voor de radio in de vorm van een biografie. Ook was hij werkzaam als journalist. Al die ervaringen gebruikte hij in het mede opzetten van de Master niveau opleiding Life Writing aan de University of East Anglia. Zijn fascinerende autobiografische verslagen over het ontstaan van zijn biografieën hebben cultstatus en zijn heerlijk intellectueel leesvoer. En: hij heeft een open mind als het gaat om de mogelijkheden van de biografie. Richard Holmes vertegenwoordigt de biografie met een interview dat plaatsvond in de BBC studio’s in Exeter in 2005.

De kracht van biografie

Holmes is ook in een interviewsetting een boeiend verteller. Virtuoos lardeert hij de dramatische kracht van een verhaal met sprekende details en anekdotes. Hij is echter zeker ook bereid om dieper te graven en te tonen waar het volgens hem om draait bij biografie en te vertellen hoe hij probeert dat te bereiken. Holmes geeft dit boek een goudader mee.

Gevraagd naar een uitspraak van Samuel Johnson, de iconische figuur die wordt beschouwd als een van de grondleggers van de moderne biografie, stelt Richard Holmes:

“What he was saying actually goes back to the Greek writer and biographer, Plutarch, who wrote Parallel Lives in the first century AD. Plutarch said, I am not writing history, I am writing lives, and what is common to lives is common to a Roman emperor or to a slave. And that is partly the power of the whole form of biography: ideas of desire, ambition, falling in love, falling out of love, success, failure, fear, achievement. All those things are common human experiences, and that is what Plutarch meant when he said, I am no longer writing about the gods, I am writing about men. And that is what Dr Johnson meant. He said he could write the life of a broomstick and that it would be interesting (…).”

Dat van die bezemsteel is natuurlijk een Johnsoniaans grapje. Maar dat biografie sociaal breed moest zijn, meende hij. Een pleidooi dus voor veelvormigheid, waarbij Holmes ingaat op een vertegenwoordiging van alle klassen in de biografie en interessante voorbeelden noemt. Als interessant voorbeeld noemt hij de aanzet van Virginia Woolf in haar biografie Flush, waarin ze stelt dat Wilson, de bediende, belangrijk is. Dit leidde tot een historische roman door Margaret Forster, Lady’s Maid, waarin deze bediende van dichteres Elizabeth Barret Browning centraal staat.

Een open genre

Richard Holmes filosofeert over het belang van plot en de auteursstem voor de biografie, waarbij hij de vorm en het effect van verschillende aspecten boeiend voor het voetlicht haalt. De interviewer vraagt hem voor te lezen uit zijn iconische bestseller Footsteps en Holmes voldoet aan zijn verzoek. Ineens zijn we in de ruige Cevennes in een slaapzakje onder de nachtelijke sterrenhemel, in de voetsporen van Robert Louis Stevenson. Na het voorlezen – de inleidende alinea van Footsteps, meegenomen in de tekst – gaat hij vloeiend verder over zijn ervaringen waarmee hij goed laat zien hoe er ook een samenspel bestaat tussen bewuste beslissingen en het volgen van serendipity, waarbij dingen er ineens gewoon zijn, omdat ze er misschien moesten zijn in een bepaalde biografie. Holmes benadrukt dat elk biografisch onderwerp een nieuwe, het onderwerp tot bloei brengende aanpak vergt. Holmes stelt dan ook:

“The form of biography is open-ended in the way a novel is not. For example, there are well over two hundred biographies of Byron, and there are certainly over half a dozen biographies now of Sylvia Plath. Each biography takes a different view. They may use the same facts, but they may interpret them differently. They may bring new facts in or they may challenge facts. So, it is an open genre. It is an ongoing enquiry, and that is part of its fascination.”

Mooi vind ik zijn herinneringen aan hoe hij als gepassioneerde, jonge biograaf de Cevennes doorkruiste, één met de ruige omgeving, zwervend, zoekend. Er is lichte ironie maar ook een prachtig weten dat het goed was wat hij daar deed. Dit bewaarheid het woord ‘romantic’ in de subtitel van Footsteps en de andere autobiografische boeken. Er is een link, waarbij ‘romantic’ vooral refereert aan de stroming van de Romantiek, door de gevoelslagen en individuele ervaring die hier benadrukt wordt. De romantische stroming heeft hem beïnvloed. Vooral de ruimte die hij het biografische genre daarmee geeft voor een individuele uitvoering door de biograaf, maakt hem een interessante keuze om de biografie in deze bundel rond het creatieve proces te vertegenwoordigen. Ik kan het met hem eens zijn en hij biedt toch ook weer extra elementen om over na te denken. Het belang van de plot benadrukt hij met interessante voorbeelden uit zijn eigen werk. De feiten zijn en blijven belangrijk in een biografie. Maar als een diamant heeft de biografie facetten die wisselende invalshoeken mogelijk maken en dat houdt het genre spannend.

Dat biografie in beweging is en blijft, leidt tot deze twee belangrijke conclusies, die Holmes ook bij zijn studenten met nadruk meegeeft: “(…) no biography is ever definitive” en “the form continually changes”. Elke biograaf mag het genre opnieuw uitvinden voor zichzelf. De biografie, als discipline en genre, als wetenschap en ambacht, is een werk in uitvoering. Een vloeiend, open genre, dat deels zijn kracht vindt in wat ons als mensen verbindt. De biograaf die als jongeman de Cevennes doortrok op zoek naar Stevenson weet in het schrijverscafé van Derek Neale een boeiend, subtiel geluid toe te voegen.

Writing Talk: Interviews With Writers about the Creative Process
David Neale
Taylor & Francis Ltd
ISB 9781138320307
Verschenen in februari 2020

Bestelinformatie

Bestel als paperback bij bol.com (€ 44,00)
Bestel als paperback bij bol.com (€ 27,35)

Koop bij Athenaeum Boekhandel

Bestel als paperback bij Athenaeum Boekhandel (€ 38,99)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here