Uitgeverij Noordboek en het Biografie Instituut gunnen biografieën tweede leven

Een interview met uitgever Steven Sterk

Steven Sterk © Eric Palmen (CC BY-SA 4.0)

Met de heruitgave van Ferdinand Domela Nieuwenhuis – Een romantische revolutionair van Jan Willem Stutje en Mansholt. Een biografie van Johan van Merriënboer, start uitgeverij Noordboek, in samenwerking met het Biografie instituut van de Rijksuniversiteit Groningen, een nieuwe reeks biografieën onder de titel Over Leven. ,,Het moet een serie worden die er toe doet,’’ zegt Steven Sterk. De directeur van uitgeverij Noordboek, gevestigd in het Friese Gorredijk, is ambitieus. Hij richt zich op de bovenkant van de markt door kwalitatief hoogstaande non-fictie uit te geven in Nederland, inclusief het Friese taalgebied. Ik spreek hem tijdens zijn druk bezochte vierdaagse Boekenbeurs, een inmiddels ieder jaar terugkerend evenement, dat zo’n vierduizend bezoekers trekt. Groot geworden in de ramsj-handel, bevindt Sterk zich nu, als uitgever, ook aan de andere kant van de boekenmarkt. Een positie die hem wel ligt: ondernemer en uitgever, zich bewegend tussen twee werelden.

Boeken hebben hem altijd gefascineerd. En dat terwijl er in zijn ouderlijk huis, zijn vader en moeder hadden een café-restaurant in Sloten, nauwelijks werd gelezen. Sterk las wèl, met dank aan de bibliobus. ,,Hielke en Sietse Klinkhamer waren mijn helden.’’ Daarnaast handelde hij al op jonge leeftijd in alles wat los en vast zat. Sterk combineerde zijn liefde voor boeken met zijn ondernemingszin en bouwde een grote Ramsj-handel op, waarin hij alleen grote partijen opkoopt. De handel ziet hij als een sport, waarin hij de beste wil zijn. Hij omschrijft zichzelf als ‘een intellectuele sportman’. ,,Je zou me fanatiek kunnen noemen.’’ Zijn winkel in Utrecht en de advertenties in de NRC bezorgden hem ook bekendheid buiten Fryslân. ,,Mensen in het westen kennen me meestal van mijn winkel in Utrecht. Grappig hoe beeldvorming werkt, die zaak is de kleinste van al mijn bedrijven.’’

Het geld dat hij met de ramsjhandel verdiende, had hij kunnen beleggen maar hij besloot er mooie dingen mee te doen en begon, eerst in eigen beheer, boeken uit te geven waar met enige regelmaat geld bij moest. De eerste uitgave verscheen in 1998, ‘Akten fan winter’ van de Friese schrijver/dichter Eeltje Hettinga, die hiermee een jaar later meteen de Fedde Schurerprijs won. De Friese vertalingen van de Ilias en de Odysseia van Homerus volgden en in 2007 verscheen het standaardwerk ‘Asega, is het dingtijd’ van Oebele Vries, ‘met de hoogtepunten uit de Oudfriese tekstoverlevering.

© Eric Palmen (CC BY-SA 4.0)

Hoewel de nadruk in eerste instantie op de Friese taal lag, ziet Sterk zichzelf inmiddels, na diverse fusies en overnames, als een Nederlandse uitgever die ‘toevallig’ in Fryslân gevestigd is. Begin dit jaar richtte hij met zijn collega Katrien De Vreese, de uitgeverij Sterck & De Vreese op. Het gaat crescendo. ,,De omzet groeide vorig jaar met 50 procent en ook het eerste half jaar van 2019 ziet er goed uit. Die schaalvergroting is nodig, omdat ik het belangrijk vind om naast het uitgeven van boeken, een podium te bieden aan het intellectuele debat in Fryslân en daarbuiten. Het bedrijf moet groeien om te kunnen overleven, zodat ik de vrijheid heb ook andere initiatieven te kunnen ontplooien. Zie het als mijn maatschappelijke bijdrage.’’

Sterk mist het intellectuele debat in Fryslân, zoals dat vroeger gevoerd werd door kopstukken als Fedde Schurer, Laurens ten Cate, Jacob Noordmans en Jan Piebenga. Friese kosmopolieten noemde hij ze in een eerder interview in het algemene culturele opinieblad De Moanne. ,,Dat kennen we hier nauwelijks meer. Omrop Fryslân wil ‘leuk’ zijn en is daardoor niet relevant. Gelukkig wordt de kwaliteit van de Leeuwarder Courant beter, sinds Sander Warmerdam er hoofdredacteur is, maar al met al houdt het niet over.’’

De uitgever beweegt zich voornamelijk op de achtergrond als iemand die adviseert en projecten initieert. ,,Momenteel werk ik aan een uitgave getiteld De Friese utopie, waarin bijdragen van tien auteurs, die hun licht laten schijnen op een ideale wereld, het Fryslân en dùs ook de wereld van de toekomst. Zo’n project kost veel geld maar ik vind dat dat boek er moet komen. Een dergelijke uitgave kan een belangrijke impuls zijn om de maatschappelijke discussie over de toekomst van de provincie aan te zwengelen.’’

Een ontmoeting met Hans Renders, hoogleraar Geschiedenis en Theorie van de Biografie en directeur van het Biografie Instituut, zorgde ervoor dat een idee waar Sterk al langer mee rondliep, het uitgeven van een serie biografieën, ook daadwerkelijk handen en voeten kreeg. In hem vond hij een ideale partner om mee samen te werken. ,,Hans is een klassieke intellectueel, ter zake kundig en door zijn functie als geen ander in staat om onder zijn promovendi toekomstige biografen te signaleren. Daarnaast is hij een boerenzoon en praktisch ingesteld. Zo iemand past bij mij. Ik kom ook van het platteland, we spreken dezelfde taal.’’

Noordboek streeft ernaar minimaal twee en maximaal vier biografieën per jaar uit te brengen. Dat kunnen herziene edities zijn maar ook biografieën die niet meer leverbaar zijn. Daarnaast zullen ook nieuwe biografieën verschijnen, zowel in oorspronkelijk Nederlands als vertaald. Sterk realiseert zich dat het een groeiende markt is. Daarnaast past het genre prima in de non-fictie kant van het bedrijf. ,,Alleen goede boeken ‘overleven’ mijns inziens hun tijd, althans dat is het idee achter deze reeks. Het is een selectieve keuze. Hans en ik hebben al een lijstje opgesteld.’’

Renders bracht de biografie van D. F. Malan in, de man die van 1948 tot 1954 minister-president van de Unie van Zuid-Afrika was. ,,Het boek is geschreven door Lindie Koorts en vertelt het verhaal van het ontstaan van het Afrikaner-Nationalisme. Het is een gok maar ik hoefde er geen seconde over na te denken. Mijn liefde voor Zuid-Afrika is daar debet aan en het onderwerp interesseert me. Het is een keuze van Hans, waar ik helemaal achter sta.’’

Alhoewel Sterk zelf niets van voetbal en het merendeel van de voetbalbiografieën moet hebben, maakt hij wat dat genre betreft toch één uitzondering: Abe, de biografie over Abe Lenstra, geschreven door sportjournalist Johann Mast. ,,Dat is een voetbalboek, waar ik enthousiast over ben. Erg goed geschreven. Die uitgave verschijnt binnenkort. ’’

De lay-out van de serie wordt verzorgd door vormgever Gert Jan Slagter, waar Sterk al heel lang mee samen werkt. ,,In vormgeving ben ik fanatiek, daarin duld ik geen tegenspraak,’’ zegt hij lachend. ,,De biografieën moeten herkenbaar zijn, zodat ze ook visueel een serie vormen. Daarom hebben we gekozen voor een tijdloze vormgeving. De esthetische kant van een boek vind ik net zo belangrijk als de inhoud. Daar besteed ik altijd veel aandacht aan.’’

Zijn belangstelling voor biografieën en egodocumenten is altijd groot geweest. In 2013 gaf hij Een vrije geest tot zwijgen gebracht van Roel T. van der Heide uit, over de op 5 mei 1943 door de Duitsers gefusilleerde Gorredijkster onderwijzer Jan Eisenga. Een jaar later volgde het dagboek van diens weduwe Tjitske Eisenga-de Groot. Onlangs verscheen Ben jij er ook nog, besproken op Biografieportaal, waarin door Bert van Slooten en Elly van der Klauw het levensverhaal van Roos Derks is opgetekend, die als 10-jarige kind in 1942 met haar twee zusjes alleen achterblijft in het ouderlijk huis in Rotterdam. Sterk: ,,Dat boek moest ik maken. Het is een belangrijk verhaal, dat verteld moet worden. Die uitgave ligt me na aan het hart, ook omdat ik Roos persoonlijk ken. Daarom heb ik me er ook van het begin tot het eind mee bemoeid.’’

Op de vraag wat zijn eigen favoriete biografie is, heeft Sterk niet meteen het antwoord paraat. ,,Dan zou ik eerst even voor mijn boekenkast moeten staan,’’ zegt hij. Na enig nadenken noemt hij Kanttekeningen bij Hitler van Sebastian Haffner. ,,Een fascinerend boek. Haffner analyseert uiterst scherpzinnig en is kritisch. Deels herken ik me er zelf in, omdat ik me ook voortdurend de vraag stel: waarom?’’ Een autobiografie die hem bij is gebleven is die van de Amerikaanse anarchiste en feministe Emma Goldman. Die kocht hij toen hij in de Verenigde Staten verbleef, een land met een rijke traditie als het op biografieën aankomt. ,,Dat boek heeft een enorme indruk op me gemaakt omdat het liet zien dat er ook toen al sprake was van een jacht op anarchisten en communisten. Het geeft tevens een goed beeld van het onbuigzame, gelijkhebberige, anarchisme.’’

Sterk en Renders willen zich ook op andere taalgebieden gaan oriënteren. ,,Nederland is altijd nogal gericht geweest op de Engelse en Duitse taal, wij vinden ook landen als Frankrijk of Italië heel interessant.’’

De biografieën-reeks van Noordboek past perfect in de bedrijfsfilosofie. De eerste twee heruitgaven, de biografie van Ferdinand Domela Nieuwenhuis en Sicco Mansholt bevestigen dat. De hoofdpersonen hebben, ieder in hun eigen tijdsgewricht, maatschappelijk veel los gemaakt. Dat is wat Sterk zo aanspreekt. Voor hem moet een biografie niet alleen alles over de hoofdpersoon vertellen, maar vooral over de tijd waarin hij of zij leefde. ,,Natuurlijk is een psychologische karakterschets onmisbaar, maar voor mij is het relevanter wat de man of vrouw in zijn of haar tijd heeft betekend. De privé-perikelen secu bedavonturen interesseren mij minder, tenzij die dermate op de levensloop van invloed zijn geweest, dat ze niet gemist kunnen worden.’’

Marita de Jong
Marita de Jong is journaliste. Ze werkte jarenlang voor NDC Mediagroep en was als redacteur verbonden aan het cultureel opinieblad De Moanne. Tegenwoordig schrijft ze voor De Moanne, de website Fryslân1 en doet ze ondermeer pr werkzaamheden voor Museum Belvédère en Collegium Vocale Fryslân. In 2008 verscheen bij de Afûk haar boek: 14 schilders uit de Belvédère.

1 REACTIE

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here