Tussen voetballer, Napolitaan en mens – Diego Maradona en ‘zijn’ stad

Of we het nu leuk vinden of niet, we zitten momenteel midden in het wereldkampioenschap voetbal. De meest groteske versie ooit van het toernooi voltrekt zich in de VS, Canada en Mexico. Het laatstgenoemde was precies veertig jaar geleden ook gastland van een WK, en wat voor een. De sport en zijn liefhebbers werden toen eens te meer verrijkt met de strapatsen van ’s werelds beste voetballer, Diego Maradona. Met Argentinië werd hij wereldkampioen, maar vooral twee van zijn doelpunten in de kwartfinale tegen Engeland staan in het collectieve geheugen gegrift.

Het ene staat bekend als de ‘Hand van God’, een handsbal zoals tv-verslaggever Theo Reitsma onmiddellijk zag en de Engelse verdedigers ook, maar de Tunesische scheidsrechter niet. 1-0 voor Argentinië dus. ‘Straatjongensgeluk,’ aldus Reitsma in zijn iconische wedstrijdcommentaar. Het andere, amper vier minuten later, was het ‘Doelpunt van de Eeuw’, de afronding van een schier eindeloze en weergaloze dribbelslalom langs de Engelse verdediging. De last man standing daarvan leek de bal met een wanhopige sliding als laatste te raken, maar net als zijn ploeggenoten tastte hij mis. Foto’s en video’s uit diverse hoeken bevestigen dat Maradona’s eigen schoen gewoon eerder bij de bal was.

‘Viva el futbol!’ riep de Argentijnse tv-commentator uitzinnig.

Verdicht of vergeten

Ja, Maradona was behalve een fenomenale voetballer een figuur die de poëzie aan zijn broek had hangen, zowel in positieve als negatieve zin. Rond hem bestaan talloze verhalen en geschiedenissen, waarvan enkele minder fraaie lang na zijn dood in 2020 nog steeds dooretteren. Ook de boekenkast is goed gevuld met werken en werkjes over hem van divers allooi.

Zoals de bundel Il vangelo secondo Diego, die auteur en podcastmaker Sander Grasman (ja, what’s in a name) oppikte tijdens een bezoek aan de Maradonastad bij uitstek Napels. Maradona speelde jaren met groot succes in het vaak als minderwaardig weggezette zuidelijke Napels. In 1987, een jaar na die wereldtitel in Mexico, werd niet een van de grote clubs uit Rome, Milaan of Turijn kampioen van Italië, maar voor het eerst SSC Napoli, mét en dankzij Maradona. Sindsdien vereren de Napolitanen hem niet als een heilige, maar als een halfgod – vandaar ook de bijbelse proporties van de titel van dat boekje.

Rond die voetballende halfgod bestaat in Napels daadwerkelijk ook een mythologie, in woord en beeld, op papier en op straat. Eén bepaalde geschiedenis die Grasman in Il vangelo secondo Maradona aantrof kende hij daaruit echter nog niet. Tot zijn begrijpelijke verbazing las hij dat Maradona wekelijks op bezoek zou zijn gegaan bij een Napolitaans weeshuis. Hij zou ballen. shirtjes en schoenen voor de kinderen hebben meegenomen en met hen hebben gespeeld. Grasman, gebiologeerd, besloot uit te zoeken of dit opmerkelijke en onbekende verhaal op waarheid berustte.

Mythische status

Het lijkt op het eerste gezicht een beetje jammer dat Grasman, op het moment dat hij dit laatste formuleert als de probleemstelling van zijn boek, net het verschil tussen ‘mythe’ (verzinsel) en ‘legende’ (volksoverlevering) nog eens heeft uitgelegd. Dat is op zich niet verwonderlijk in casu Maradona, rond wie zoveel vertelsels bestaan. Maar daardoor bekruipt de lezer ook twijfel over de inhoud van Grasmans eigen boek, dat hij immers Maradonas mythe heeft gedoopt, met die kinderen in de ondertitel. Gaan we hier eigenlijk wel over een waargebeurde geschiedenis lezen?

Het blijkt anders in elkaar te steken. Dat ‘mythe’ slaat op de reputatie en verering van Maradona in het algemeen, vooral in Napels, die evangelische proporties hebben. En Grasman moet die status uitpluizen om naar de ware aard van het weeshuisverhaal te kunnen tasten. Hij gaat dus in Napels zelf (en in boeken) op zoek. Het brengt hem als vanzelf ook tot nadere overpeinzingen inzake die mythe – en, natuurlijk, Maradona zelf.

Zijn zoektocht gaat gepaard met veel straten, onderwerpen en personen, alsook zijpaadjes, bijzaken en nevenfiguren. Ze zijn niet allemaal even interessant, maar Grasman gebruikt ze om een soort mozaïek te leggen dat Maradona en zijn Napolitaanse decor in kaart brengt. De weeshuiskwestie zelf blijft hier heel lang boven ‘hangen’. Grasman onderbreekt zijn speurtocht regelmatig om weer nieuwe figuren en fenomenen te introduceren – muzikanten, kunstenaars, rebellen – en de facetten die aan hen kleven. Soms duiken namen uit eerdere hoofdstukken op zonder dat je die weer meteen kunt plaatsen, hetgeen het nodige terugbladeren vereist. Het is een beetje eigen aan zoektochten en puzzels, en Grasmans boek en schrijfstijl maken het gelukkig geenszins tot een beproeving.

Knollen en kinderen

Dat weeshuisverhaal lijkt gaandeweg ook de kwestie niet meer. Dit boek is geen biografie, maar het bezit wel een biografische lijn – zij het veeleer van Napels dan van Maradona. Die is niet uit nood geboren, maar ontstaan, gegroeid en bewust doorgezet. Grasman heeft tijdens zijn zoektocht zoveel opgeduikeld dat hij daar een veel breder opgezet portret van kon gaan maken. Zijn speurtocht an sich heeft ook niet echt veel om het lijf (teleurstellende bezoekjes en contacten) en levert pas laat in het boek een uitkomst op, als hij door zijn vasthoudendheid eindelijk de juiste persoon treft – iemand die jarenlang tot Maradona’s directe entourage behoorde.

‘Onderweg’ heeft hij echter met veel moois portretten kunnen smeden van beide onderwerpen, maar vooral van Napels. Zijn zwerftochten door de stad tintelen, hoe bescheiden en eenvoudig ze eigenlijk ook zijn – maar is Napels zelf dat niet ook? Min of meer in de marge, want grotendeels natuurlijk al bekend, ontvouwt hij tussen de bedrijven door ook de voetballoopbaan van Maradona. Hij dist die op met gevoel voor detail. Daarmee en met de nodige ‘oh ja’s’ zet hij je ertoe aan sommige wedstrijdfragmenten nog eens op te zoeken, en voor je het weet ben je weer meegesleept. Knap is zijn zorgvuldige reconstructie van het beroemde ‘Live is Life’-filmpje met de balverliefd jonglerende Maradona, waarin de Belgische verslaggever Frank Raes de hand blijkt te hebben gehad. Maar het allermooiste is een veel prozaïscher en onbekender potje voetbal dat hij opdist: een benefietwedstrijd voor een gehandicapte kleuter op een modderig knollenveld. Voetbaldier Maradona had er de grootste lol – en betaalde zijn verplichte verzekeringspremie voor dit onofficiële privéwedstrijdje uit eigen zak.

Napels und kein Ende

Grasman is in het algemeen goed ingelezen en op de hoogte, zodat ook zijn portret van Napels, ondanks het enigszins fragmentarische karakter, blijft boeien. In de uitvoering oogt het soms wat onaf. Elk hoofdstuk draagt de naam van een figuur die betekenisvol moet zijn, maar dat concept blijft wel eens steken. De mixtape-artiest Erry bijvoorbeeld komt na te zijn geïntroduceerd niet verder voor in ‘zijn’ hoofdstuk, dat overvol is met ook het ontstaan van het Spaanse kwartier en de fameuze acteur Totò. Dat deze Erry in de hoofdstuktitel ook nog eens ‘Erri’ heet maakt het er niet beter op, ook al omdat er een auteur met de naam Erri de Luca in wordt geciteerd.

Het behoort tot de eindredactionele onzorgvuldigheden die her en der in dit boek opduiken. Jammer genoeg gebeurt dat ook in de zin die het moment suprême van Grasmans speurtocht neerzet: ‘Het verhaal dat bij vlagen zo onwaarschijnlijk had geleken […] was er toch regelmatig in geslaagd om naar het weeshuis bij hem om de hoek te trekken.’ Grasman bedoelt hier natuurlijk Maradona, die ook in de tussenliggende bijzinnen voorkomt, maar het is ontsierend dat het er zo (niet) staat.

Viva el futbol

Eenmaal uitgespeurd komt Grasman met een langgerekte verzuchting: dat er in het voetbal gelukkig meer te vinden is dan het resultaat en amusement waarmee we tegenwoordig worden doodgegooid. Eerder al had hij ontdekt dat de Belgische voetballer Dries Mertens tijdens zijn Napolitaanse periode soms pizza’s aan daklozen uitdeelde.

Grasmans boek is daarmee ook een ode aan de poëzie van het voetbal, een statement voor het pure tegenover het poenige dat we momenteel ervaren, zoals hij in zijn epiloog nog eens benadrukt. Het geplaagde, arme Napels is daarvoor ook het perfecte decor. Misschien de moeite waard om even bij stil te staan als de volgende WK-wedstrijd in de holle miljardenstadions van Los Angeles, Kansas City of Houston begint.

Maradona’s mythe. Diego en de kinderen van Napels
Sander Grasman
Spectrum / Uitgeverij Unieboek
ISBN 978 90 0040353 0
Verschenen in juni 2026

Bestelinformatie

Bestel als paperback bij bol.com (€ 23,99)
Bestel als e-boek bij bol.com (€ 13,99)

Marco Daane
Marco Daane
Marco Daane (1959) schreef de biografieën van de Vlaamse dichter-journalist Richard Minne (De vrijheid nog veroveren, 2001) en schrijver/schilder Jac. van Looy (Monsieur le coloriste, 2022). Daarnaast publiceerde hij het biografisch reisboek Het spoor van Orwell (2008). Hij is redacteur van De Parelduiker.

Fijn als je dit artikel met anderen deelt:

Lees ook...

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in