Olivia Laing en de alcoholische schrijver

Het zit ongeveer zo. De gelukzaligheid van de roes is de dopamine, in de volksmond ook wel “gelukshormoon” geheten, hoewel we eerder met een neurotransmitter te maken hebben. De ontspanning komt van het gamma-aminoboterzuur vandaan, dat het gemaal in onze hersenen op non-actief stelt. De frontaalkwab hijst de rode vlag – drank maakt meer kapot dan je lief is – maar die Sire-campagne wordt vroegtijdig om zeep geholpen door de verlokkingen van het mesolimbische systeem, ons reptielenbrein, met de hippocampus als trouw bondgenoot, waar alle eerdere geneugten trouw staan opgeslagen. Brick Pollit in Cat on a Hot Tin Roof van Tennessee Williams noemt het merkwaardige vermogen van alcohol tegelijkertijd te stimuleren en te kalmeren ‘de klik’. Dat je er bij gewenning steeds meer van nodig hebt en dat het je uiteindelijk te gronde zal richten, doet er niet toe. Ook die zielstoestand – een ouderwetse woord in een era waarin we onze hersens zijn – heeft Williams beschreven. “Ik kan maar moeilijk begrijpen dat iemand zich er druk over maakt of hij wel of niet leeft, of aan het doodgaan is, of zich waar dan ook druk over maakt behalve over de vraag of er nog drank in de fles zit,” zegt Brick aan het sterfbed van zijn vader.
Het uitstapje naar Echo Spring van Olivia Laing bevat de portretten van vijf schrijvers die verknocht waren aan de fles: Ernest Hemingway, F. Scott Fitzgerald, Tennessee Williams, John Cheever en Raymond Carver. Laing bezocht de plekken waar deze auteurs werkten, dronken en ontnuchterden, van het New York van John Cheever aan de Oostkust tot het Port Angeles van Raymond Carver aan de Westkust van de Verenigde Staten. Ze schrijft openhartig over haar persoonlijke betrokkenheid bij het onderwerp, de alcoholverslaving van haar stiefmoeder en het fysieke geweld waarmee die gepaard ging. Biografie, Road Novel, Memoires – kun je die genres overtuigend met elkaar combineren in een boek van nauwelijks driehonderd pagina’s? Ja, dat kan. Olivia Laing bewijst het.

Het spirituele van de spiritualia

Uiteraard ging Laing op zoek naar de gemeenschappelijke noemer van deze schrijvers. Die queeste is onbegonnen werk, want: “Dé alcoholische persoonlijkheid bestaat niet.” Toch zijn hun oeuvres doordrenkt van grote literaire thema’s die verwant zijn met de gedragingen van een alcoholicus: liegen, bedriegen en verstieren, ontkennen, uitvluchten en rationaliseren. De cover story is, zoals we van grote schrijvers mogen verwachten, van de meeslepende soort. Zo lezen we over Fitzgerald, die alcohol nooit als oorzaak maar als een symptoom van zijn problemen ziet. Als hij droog staat, heeft hij de gin voor twintig flesjes bier per dag vervangen. Hij wordt beloond met een nachtmerrieachtige slapeloosheid, de ‘echokamer van de nacht’, waarin het afgrijzen over zijn mentale gesteldheid de overhand neemt. “Ik had haar niet zo hoeven kwetsen. En dat niet tegen hem moeten zeggen. En mezelf niet kapot moeten maken door te proberen kapot te maken wat niet kapot te maken is.” We lezen over Carver, de meester van het menselijke tekort in de short story, die – vijf jaar nadat hij is afgekickt – de schuld voor zijn alcoholverslaving nog steeds buiten zichzelf zoekt, bij zijn kinderen namelijk. “Zij hadden de teugels vast, en de zweep.” De meest zelfbewuste auteur van het vijftal is wellicht John Cheever. Hij vermoedt een verband tussen schrijverschap en alcoholisme. “Ik moet mezelf ervan doordringen dat voor een man met mijn karakter schrijven geen zelfvernietigend talent is […] De opwinding van alcohol en de opwinding van de fantasie lijken erg veel op elkaar.” Die analyse onderschrijft Laing. “Ik kreeg steeds meer het vermoeden dat er tussen de strategieën van schrijven en drinken een verborgen relatie bestond, dat beide te maken hadden met het besef dat er iets kostbaars was vernield en met de wens om het te repareren.” De erkenning van de lijdzame drang tot zelfvernietiging brengt Cheever uiteindelijk bij zijn eerste AA-bijeenkomst. “Je dood drinken leek me helemaal geen reden tot ongerustheid, totdat ik ontdekte dat ik me dood aan het drinken was.” Hij omarmt de religieuze ondertoon van het Twaalfstappenplan, iets dat alleen in de Verenigde Staten bedacht kon worden. “We hebben geen geschiedenis, we hebben geen Dode Zeerollen, we hebben helemaal geen verleden.” De alcoholicus heeft met Dionysus gemeen dat hij oprecht gelooft in de zegeningen van de dronkenschap, dat je dood drinken mag worden beschouwd “als een aangename, natuurlijke manier om te sterven.” Dat is het spirituele van de spiritualia. “Religie is de overtuiging dat de dood en de angst om te sterven begrepen en overwonnen kunnen worden […] We zien dronkenschap als een wegwijzer naar een aanstootgevende dood, en door elkaar te helpen kunnen wij dat overwinnen.” Net als Carver kwam John Cheever uiteindelijk van de drank af.

Olivia Laing heeft met Het uitstapje naar Echo Spring een meesterlijk boek geschreven – lees het, als u van lezen, drinken of beide houdt. U zult er zich hoe dan ook aan laven.

Het uitstapje naar Echo Spring
Olivia Lang
De Bezige Bij
ISBN 9789023476894
Verschenen januari 2014

Bestelinformatie

Koop bij Athenaeum Boekhandel

Bestel hier als paperback bij Athenaeum Boekhandel (€ 24,90)
Bestel hier als ebook bij Athenaeum Boekhandel (€ 12,99)

Koop bij bol.com

Bestel hier als paperback bij bol.com (€ 24,90)
Bestel hier als E-book bij bol.com (€ 14,99)

Gerelateerde berichten

Tennessee Williams, de geschiedenis van een biografie

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here