Marion Swaab, kind van de oorlog

Het familieportret, enkele jaren na de oorlog, toont een ogenschijnlijk gelukkig gezin. Vader Hijman Swaab kijkt goedgeluimd en zelfverzekerd in de camera. De moeder, Betsy Swaab-Groenteman, straalt terwijl ze het handje van haar dochter vasthoudt. Het meisje schijnt zich ook op haar gemak te voelen. Hanneloes Pen ontrafelt in Een gegeven leven met het gepaste mededogen het bedrog van deze blijmoedigheid en vertelt met de nodige verve het drama dat achter het prentje schuilgaat.

Het grote gebod

Marion Swaab was twee maanden oud toen ze onderdook bij de familie Pel in Zaandam. Geertje Pel was dat jaar weduwe geworden, haar man Wijbrand overleed op 30 maart 1942 aan de gevolgen van kanker.
Geertje en Wijbrand waren lidmaten van de doopsgezinde gemeente. ‘Het grote gebod’ dat Jezus in zijn dispuut met de Farizeeërs de mensheid had meegegeven – “Heb u naaste lief als uzelf” – kregen ze met de paplepel ingegoten. Geloof was een kwestie van geweten en eigen verantwoordelijkheid, niet van dogma en uiterlijk vertoon. Tijdens de Eerste Wereldoorlog bood het echtpaar onderdak aan Hongaarse en Oostenrijkse kinderen, tijdens de Tweede was hulp aan Joodse onderduikers vrijwel een vanzelfsprekendheid. De werkgroep die Wijbrand in maart 1940 met Cor Inja had opgericht, groeide na de Bezetting uit tot een verzetsgroep die onderduikers van voedsel en vervalste persoonsbewijzen voorzag. Ook spoorden Geertje en Wijbrand hun Joodse vrienden in Amsterdam aan bij hen onder te duiken. Rebecca Groenteman-van Praag accepteerde het aanbod in dankbaarheid – voor de baby van haar jongste dochter die op komst was. Hijman Swaab was het land toen al ontvlucht, zijn hoogzwangere vrouw Betsy zou hem na de bevalling naar Zwitserland volgen. Betsy werd in de trein naar Brussel gearresteerd en kwam in de Dossinkazerne bij Mechelen terecht, het Durgangslager in België. Zij overleefde de oorlog, wellicht door aan te pappen met de Joodse kampoverste, de mysterieuze charmeur Dagobert Meyer, die in de kazerne een ongekende macht genoot, ook die over leven en dood.

Intussen groeide Marion Swaab in alle rust op bij de familie Pel. Ze was een gewild kind, van wie de eerste stapjes liefdevol werden vastgelegd. Tegenover de familie woonde Hendrik van der Kraan – iemand van buiten, de politieman was in Schiedam geboren. Na een corruptieschandaal werd hij uit het korps ontslagen en sloot hij zich bij de beruchte colonne Henneicke aan, de club van Jodenjagers die voor een premie van zevenenhalve gulden onderduikers opspoorden en uitleverden aan de bezetter. Zijn eerste slachtoffer was de peuter bij de buren. Geertje werd gesommeerd het kind bij de SD in Amsterdam af te leveren. Bevreesd voor het lot van haar familie, gaf ze zichzelf aan. Haar kinderen wisten Marion onder te brengen bij een nieuw onderduikadres in de Jordaan. Geertje werd na Dolle Dinsdag vanuit kamp Vught naar Ravensbrück gedeporteerd, waar ze in februari 1945 werd vergast. Marion, een kletsende kleuter inmiddels, ondervond hoe ze in mei 1945 door een vreemde meneer in een jeep werd opgehaald die beweerde haar vader te zijn. Ze zette het op een schreeuwen.

Leven in dankbaarheid

Dat is in een notendop de ‘kleine oorlog’ van Marion Swaab, een oorlog die de de rest van haar leven zou tekenen. De getraumatiseerde ouders zwegen over wat hen overkomen was en presenteerden de rekening van hun woede, schuldgevoel en onvermogen aan de dochter. Er werd haar wel heel erg ingepeperd dat ze blij mocht zijn dat ze er nog was. “Voor jou is iemand doodgegaan, voor jou heeft iemand haar leven opgeofferd,” werd het motto waarmee de kleinste ongehoorzaamheid beantwoord werd. Marion Swaab kreeg een opvoeding in dankbaarheid. Toen ze zeventien was, kwam ze in opstand. Ze verstopte zich op een cruiseschip op weg naar Europa, dat haar ouders in 1951 verlaten hadden. Hanneloes Pen vertelt de nasleep van de oorlog zonder opsmuk, met de eenvoudigste middelen, als een reporter. Haar journalistieke achtergrond stelde haar in staat de juiste mensen te bezoeken en de juiste vragen te stellen, haar inlevingsvermogen en nieuwsgierigheid deed de rest. Een gegeven leven lees je in één adem uit, omdat het boek compositorisch en stilistisch knap in elkaar steekt. De blinde vlekken in het verhaal krijgen hun eigen dimensie. Zo blijft de vraag of Betsy Swaab een verhouding had met haar weldoener in de Dossinkazerne onbeantwoord. Pen weet het niet. Ze weet alleen dat het onuitgesprokene alomtegenwoordig was in het gezinsleven van de familie Swaab. Een gegeven leven gaat ook over de verwoestende werking van dat zwijgen, de agressie en de onderhuidse verwijten tussen man, vrouw en kind, een familiegeschiedenis die onlosmakelijk met de grote geschiedenis verweven is geraakt. Een gegeven leven is een non-fictie debuut om jaloers op te zijn.

Een gegeven leven. Een Zaanse vrouw, een Joodse baby en een daad van verzet
Hanneloes Pen
Atlas Contact
ISBN 9789045027708
Verschenen in april 2015

Bestelinformatie

Bestel hier als paperback bij bol.com (€ 19,99)
Bestel hier als e-boek bij bol.com (€ 14,99)

Koop bij bol.com

Video

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here