George Maduro , de vergeten naamgever van Madurodam

Iedereen die ik vertel dat ik de biografie van George Maduro aan het lezen ben, de jongeman wiens naam aan Madurodam is verbonden, zegt:”Huh, is Madurodam naar een mens vernoemd?”
George Maduro, afkomstig uit een rijke familie op Curaçao, overleefde de Tweede Wereldoorlog niet. Zijn ontroostbare ouders, die vanuit New York alles geprobeerd hebben om hun zoon te bevrijden uit de klauwen van de Duitsers, lieten een park aanleggen ter nagedachtenis van de zoon die zijn hele leven was voorbereid om het familieimperium, handelsmaatschappij Maduro & Sons, over te nemen.  Dat is  het verhaaltje dat mensen die wel over George Maduro hebben gehoord, vooral Hagenaars, weten op te lepelen. Maar er is veel meer dat de wereld moet weten over deze jongeman.

Het gezin Maduro, vader Jossy, moeder Beca, zoon George en dochter Sybil verhuizen, zoals nu nog steeds gebeurt, van Curaçao naar Nederland voor de opleiding van de kinderen. Moeder Beca blijkt niet bestand tegen het Nederlandse klimaat en de herrie op straat en dus verkassen ze naar Parijs.
De kinderen worden ‘in de kost’ gedaan. Ze bezoeken de Haagse Schoolvereniging en het Nederlands Lyceum,  terwijl de ouders hun mondaine leven voortzetten in Parijs. George woont bij admiraal Carl Aronstein, want het is belangrijk dat hij een man in zijn omgeving heeft, vooral als begeleider van zijn studie.
In 1934 is George 18. Hij gaat Rechten studeren in Leiden. Hij is immers voorbestemd om de leiding over te nemen van Maduro & Sons, in die tijd bestierd door twee ooms van Beca. Vader Jossy helpt George om aan het Noordeinde op kamers te gaan. “Indertijd was er nog geen IKEA om in een keer een complete studentenkamer uit het rek te trekken.” Een mooie zin die het gevoel van humor van de biograaf weergeeft.
Voor het eerst krijg ik een verklaring voor het feit dat het verzet tegen de Nazi’s juist aan de Leidse Universiteit zo fel is geweest. Van oudsher werden er koloniale leiders getraind en opgeleid. Het was er daarom multicultureel avant la lettre. In Amsterdam liep George Maduro volgens de biograaf grote kans de deur van het corps in zijn gezicht te krijgen. Dan was Leiden een warm bad. Nou ja, eerst moest hij nog even de ontgroeningscène doormaken,dezelfde die in Soldaat van Oranje is verfilmd.
Ridder zonder vrees of blaam is de titel van deze biografie, geschreven door een familielid van George Maduro, Kathleen Brandt-Carey. Haar tante Vivienne was zijn volle nicht. Ik dacht bij de titel van het boek meteen aan ‘soldaat van Oranje’ Erik Hazelhoff Roelfzema. Die blijkt een klasgenoot en corpsmaat van Maduro te zijn geweest.
“Men was natuurlijk een man van de wereld, of kon er in ieder geval goed een nadoen, gekoppeld aan een onbeperkt zelfvertrouwen en de vaardigheid om uren te discussiëren over zaken waar men weinig of niets van afwist. Academische prestaties telden totaal niet.“ Heerlijk verfrissende taal en een mooie omschrijving van het klimaat waarin de jonge George verkeerde,.
In juli 1936 haalt hij zijn kandidaats en pakt de boot naar Curaçao, om vakantie te vieren met zijn familie. Daarna meldt hij zich bij de cavalerie. Niet omdat hij zo veel van paarden houdt, maar dat is wat de elite doet. Samen met drie jonkheren en een baron begint hij aan de officiersopleiding. De cadetten leren vooral hun angsten onder ogen te zien, een vaardigheid die George tot in de perfectie zal gaan beheersen. Een jaar later is hij wachtmeester.
George studeerde vlijtig verder, onder andere bij professor Van Oven, de man die ontslagen werd omdat hij het voor de Joden opnam. Waarschijnlijk verzweeg George zijn Joodse afkomst in die tijd, al kon iedereen daar zo achterkomen.
Dan wordt hij verliefd, op Hedda de Haseth Möller, de zus van zijn beste vriend Anton. In diezelfde zomer gaat George naar New York om vakantie te vieren met zijn ouders. Vader Jossy heeft een bijbaan als vertegenwoordiger van Curaçao bij de wereldtentoonstelling in 1939 en mag daarom 5 jaar ongehinderd in de VS verblijven.
Jossy en Beca Maduro zijn tegen de relatie met Hedda, omdat diens protestantse vader gezegd heeft dat zijn dochter nooit met een jood zal trouwen.
Op 23 augustus 1939 moet George zich melden in de kazerne van Deventer, mobilisatie vanwege de Duitse dreiging. Hij schrijft zijn vader: “Wedden om hfl 10,- dat er geen oorlog komt?” Acht dagen later valt Hitler Polen binnen.

En dan begint de periode waarin George van een rijke student, met al zijn elitaire privileges, uitgroeit tot een ware held. Uit de vele brieven die bewaard zijn gebleven komt een beeld naar voren van een man van eer.  Biograaf Kathleen Brandt-Carey heeft al die brieven gebruikt om een zo genuanceerd mogelijk beeld neer te zetten. Zonder te veel te psychologiseren. Voor iedere bewering over het karakter van George Maduro heeft ze meerdere bronnen.
George kan Hedda niet vergeten en de twee geliefden blijven elkaar ontmoeten. Hij probeert zich los te maken van de verwachtingen van zijn familie omdat hij verliefd blijft op de vrouw die hem opving toen hij vrijkwam uit het Oranjehotel, de Duitse gevangenis in Scheveningen voor verzetslieden. Dat gebeurde in augustus 1940. Dezelfde vrouw trouwde overigens een jaar later met een ander toen Maduro voor de tweede keer gearresteerd werd. En dan is er dominee Gerrit Bos, die door zijn niet aflatende steun George tot het Christendom weet te bekeren. Die dominee verdient een eigen biografie, denk je na het lezen over zijn stichtelijke werk op een plek die aardig in de buurt kwam van de hel.
George’ ouders willen dat hij Nederland verlaat en  Jossy zet ook al zijn middelen in om dat te bereiken. Maar al in 1938 heeft George zijn vader laten weten:”Pa, bedenk dat wat er ook gebeurt in ’39, de regel moet blijven gelden: ‘A man is a man.’ Ons geslacht heeft veel aan Nederland te danken en indien het in nood is, is het mijn plicht dat ik op de bres sta.”
Hij is ondertussen een bekende Nederlander.
Wat vast ook meespeelt: zijn zus Sybil zingt voor koningin Wilhelmina, in Londen. Wanneer ze de achternaam van de zangeres hoort, informeert ze naar een familieband. Als Sybil die bevestigt, zegt Wilhelmina: “U moet erg trotsch zijn op uw broer, want hij heeft zich als een held gedragen.” Die bekendheid heeft ook een keerzijde. De Duitsers houden hem in de gaten. Maduro zit  diep in het verzet, samen met Oncko Wttewaal van Stoetwegen, de broer van  Christine, door iedereen Bob genoemd. Ze breken in bij Duitse wapendepots, George heeft een vervalst persoonsbewijs onder de naam Gerard Matze en woont op verschillende adressen. Onder andere bij de Wttewaal van Stoetwegens.
“Ik ben geen Jood”, zei George steeds tegen Cora de Jong, wanneer ze hem in ’42 waarschuwde om over straat te lopen zonder gele ster. “Ja, dat ben je wel. Niet dat het me iets uitmaakt,” was haar antwoord. Zij weet ook nog goed hoe populair de knappe George bij de vrouwen was. En hoe hij, na het verraad van Hedda, veel affaires had maar nooit meer echt voor een vrouw zou kiezen.
Als George voor de tweede keer wordt vastgezet in het Oranjehotel, verblijft hij maanden in eenzame opsluiting.  Dit boek weet je een goede voorstelling te geven van de mentale en fysieke martelingen die de mannen daar hebben ondergaan.
Toch wordt hij vrijgelaten en samen met Oncko probeert George zijn lot te ontvluchten. In Brussel aangekomen denken ze een betrouwbare route via Parijs naar de vrijheid te hebben gevonden. Niets is minder waar. Ze zijn in de val gelopen van Prosper de Zitter, een misdadiger die infiltreert in de ondergrondse en zijn slachtoffers ‘verkoopt’ aan de Nazi’s. Oncko en George worden naar Saarbrücken gebracht, zogenaamd een gewone gevangenis maar de omstandigheden daar zijn net zo erg als in de ergste concentratiekampen. Veel te vol, geen eten en het ongedierte dat zorgt voor de meeste slachtoffers. Als in september ’44 de gevangenis getroffen wordt door de geallieerde bombardementen, is er een moment dat ze kunnen vluchten. Maar George voelt zich verplicht zijn getroffen Poolse medegevangenen te helpen en blijft. Bij een volgend bombardement wordt zijn cel door een Pool van het slot gehaald en samen met Oncko probeert hij weg te komen. Helaas, de gevangenisdirecteur staat voor de poort met getrokken pistool.
Oncko wordt doorgestuurd naar Sachsenhausen en op 14 november 1944 gaat George naar Dachau. Een van zijn medegevangen daar zal later aan zijn ouders schrijven:”Hij was een ridder zonder vrees  of blaam die met een glimlach op zijn gezicht ‘de doornen en distels’ van het kampleven heeft verdragen”  Op 8 februari 1945 overlijdt George Maduro aan de gevolgen van tyfus, 28 en een half jaar jaar oud.

George Maduro. Ridder zonder vrees of blaam is een degelijk geschreven biografie, over een man die veel meer aandacht verdient dan hij van Nederland heeft gekregen. Dit boek is verschenen ter gelegenheid van de 100ste geboortedag van George Maduro. De familie zelf heeft een groot deel van de productiekosten van het boek betaald.
Het gaat over een man die uit een totaal andere hoek kwam dan Hannie Schaft maar die net als ‘het meisje met het rode haar’ vanuit overtuiging en eergevoel zijn leven in de waagschaal stelde. Op 14 juli 2016 kreeg hij postuum de Willemsorde toegekend. Echte helden zie je zelden.

Ridder zonder vrees of blaam.Het leven van George Maduro 1916-1945
Kathleen Brandt-Carey
Unieboek | Het Spectrum
ISBN 9789000348176
Verschenen in juli 2016

Bestelinformatie

Koop bij Athenaeum Boekhandel

Bestel hier als paperback bij Athenaeum Boekhandel (€ 24,99)
Bestel hier als ebook bij Athenaeum Boekhandel (€ 4,99)

Koop bij bol.com

Bestel hier als paperback bij bol.com (€ 24,99)
Bestel hier als ebook bij bol.com(€ 4,99)

DELEN
Martine van Poeteren

Martine van Poeteren is journalist en werkzaam voor de KRO-NCRV. Ze is directeur/eigenaar van M4 Producties en sinds december 2016 hoofdredacteur van Biografieportaal. Naast lezen en schrijven is beeldhouwen een passie.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here