De totale Beets 

Van mijn vader erfde ik een pocketeditie uit de jaren vijftig van de Camera Obscura van Hildebrand, pseudoniem van de schrijver en predikant Nicolaas Beets. Op de flaptekst van het beroemdste boek van Beets staat: “voor wie ooit een blik in Beets’ overige werk geslagen heeft, zal het geen geheim zijn waarom juist dit boek gered is uit de reddeloze ondergang van ’s mans stichtelijke gerijmel.” Beets wordt zelfs “de vleesgeworden negentiende-eeuwse braafheid” genoemd. Hoe is het Rick Honings dan toch gelukt om een biografie over Beets te schrijven die blijft boeien?

Nicolaas Beets heeft bijna de hele negentiende eeuw geleefd, van 1814 tot 1903, van koning Willem I tot koningin Wilhelmina. De eeuw van Beets was dan ook de werktitel van de biografie, maar dat werd uiteindelijk God, gezin en Vaderland. Het uitgangspunt van biograaf Honings was om Beets’ leven te beschrijven in wisselwerking met zijn omgeving. De predikant-schrijver ging namelijk om met de belangrijkste mensen van zijn tijd, van het koninklijk huis tot de literaire coryfeeën. Dat blijkt uit de correspondentie in Beets’ omvangrijke persoonlijke archief in de Leidse Universiteitsbibliotheek. Dat bevat niet alleen brieven en zijn preken, maar ook foto’s en intieme objecten zoals zijn kinderschoentjes en een haarlok van zijn overleden vrouw.

Zucht naar bewondering

Rick Honings was eerder te gast in Biografie op de Bühne en vertelde daar aanstekelijk enthousiast over de rijke bronnen waaruit hij kon putten. Hij kreeg soms ‘het gevoel dat Beets ervan uitging dat iemand een keer een boek als dit zou schrijven’. Honings onderzoek levert een gedetailleerd en levendig boek op over een ambitieuze man die veel verwachtingen waar wist te maken. Nicolaas Beets werd geboren in een gegoed, maar niet intellectueel Haarlems apothekersgezin. Hij wilde graag theologie gaan studeren en toen hij eenmaal in Leiden aangekomen was, was zijn leven ‘pas echt begonnen’. Hij genoot met volle teugen van het studentenleven. Hij kleedde zich zoals de Britse dichter Lord Byron, met wiens werk hij dweepte en die hij navolgde. Al gauw publiceerde Beets zijn romantische gedichten in allerlei (studenten)tijdschriften en werd een veelgevraagde gast. Beets wilde hogerop en dat lukte hem. Het ging nog bijna mis toen hij zich in een gedicht een adellijke afkomst aanmat en daarmee de dichter Potgieter tegen zich in het harnas joeg. Maar zijn grootste triomf was zijn verloving met de adellijke Aleida van Foreest. Een religieuze ervaring zorgde voor een drastische ommekeer in zijn levenshouding. De ijdele student veranderde in een hardwerkende dominee-in-opleiding. Wat bleef, was zijn zucht naar bewondering.

Nicolaas Beets in 1881 op een portret van Thérèse Schwartze (public domain)

Herder

Vlak voor Beets’ 25e verjaardag verscheen zijn Camera Obscura, een geniale serie geestige inkijkjes in het gezapige burgerlijke leven van de Biedermeier-tijd. Hij verwerkte er herinneringen in aan zijn eigen jeugd en studententijd. Het boek verscheen onder het pseudoniem Hildebrand, want veel kennissen hadden zich kunnen herkennen in de typetjes. De bundel werd een ongelooflijk succes en een verhaal als ‘Een onaangenaam mensch in de Haarlemmerhout’ kan nog steeds op bijval rekenen. Jarenlang voegde Beets nieuwe verhalen toe aan de Camera.

Na het behalen van zijn kandidaatsexamen en kerkelijk examen trok Beets zich terug uit het studentenleven. Hij promoveerde in 1839 op dissertatie over paus Pius II en nam afscheid van Leiden. Zijn eerste standplaats als dominee was Heemstede. Op zijn deur schroefde hij het naamplaatje ‘N. Beets, Herder’. Beets werd gezien als orthodox predikant en aanhanger van de stroming van het Réveil, die het religieuze gevoel centraal stelt. Hij was oprecht betrokken bij zijn gemeente en bood ook praktische steun aan minderbedeelden en bijvoorbeeld ‘gevallen’ meisjes.  

Voor zijn literaire werk had hij minder tijd. In wat hij schreef, waren zijn religieuze ervaringen te lezen zoals ‘Een paaschgezang’, het eerste werk van Beets als predikant in 1845. Ook schreef hij poëzie over de Oranjes zoals ‘Aan de bruid van den erfprins’ ter gelegenheid van het huwelijk van (de latere) Willem III met Sophia van Württemberg. Via prinses Marianne (1810-1883) kreeg hij voet aan de grond bij het hof. Hij stuurde trouw presentexemplaren en gelegenheidsdichten.

Verdriet

Achteraf bezien waren de jaren in Heemstede Beets’ finest hour. Zijn huwelijk met Aleide van Foreest was uitstekend en ze werden gezegend met acht kinderen. Een zoontje, ook Nicolaas geheten, overleed echter als dreumes. Hij bewaarde haarlokjes van het kindje en verwerkte zijn verdriet in poëzie.

Beets was zo’n populaire predikant dat hij verschillende ‘beroepen’ kreeg, verzoeken om elders predikant te worden. Hij was zelfs gevraagd om hoogleraar in Stellenbosch te worden. In 1854 koos hij voor Utrecht. Het beviel hem uitstekend in de Domstad. Tot het noodlot toesloeg: in 1846 stierf Aleide na de bevalling van haar achtste kind, slechts 37 jaar oud. Ook jongste zoon Theodorus (1) en oudste zoon Marten (16) stierven in het jaar daarna. De twee stukken van Martens wandelstok belandden ook in het Leidse Beets-archief. Hij hertrouwde met Aleides zuster Jacoba en zij baarde hem zes kinderen. Beets was een betrokken en hartelijke vader voor zijn grote kinderschare, maar kon ook streng en koppig zijn.

Stichtelijke uren

Nadat Beets zich had uitgesproken tegen de slavernij, nam hij zelden nog openlijk stelling over een maatschappelijke kwestie, al spande hij zich nog wel in voor de zending. Hij schreef vooral veel religieuze en moralistische poëzie en gelegenheidsgedichten. Bundels zoals ‘Stichtelijke uren’ en zijn preken werden goed verkocht. Zijn roem beleefde eind jaren zestig een hoogtepunt. Hij trok niet alleen veel volk naar de kerk met zijn preken (de koetsjes stonden in de file), maar ook met literaire redevoeringen, bijvoorbeeld over Vondel. Zijn meest memorabele lezing ging over vrouwenemancipatie. Hij juichte intellectuele ontwikkeling van vrouwen toe, maar moest niets hebben van feministes. De behoudende Beets wilde niet dat zijn dochter arts werd. Verpleegster mocht wel.

Beets’ carrière bereikte een volgend hoogtepunt toen hij, als zestigjarige, benoemd werd tot hoogleraar in de kerkgeschiedenis aan de Universiteit Utrecht. Zijn overvolle agenda liet literair werk bijna niet meer toe. Na zijn emeritaat beleefde hij nog rustiger jaren in Utrecht en maakte reisjes met zijn vrouw. Aan het eind van zijn leven kreeg Beets steeds meer moeite met de moderne tijd. De man die nog met de trekschuit naar Leiden was gevaren, zag nu auto’s in de Utrechtse straten rijden en hij werd volop gefotografeerd. Er kwam nu ook kritiek op het literaire ‘gerijmel’ van de oude bard, bijvoorbeeld van de Tachtigers. Toch noemt Honings het gedicht ‘De moerbijtoppen ruischten’ uit 1895 het mooiste van zijn oeuvre. Gerrit Komrij vond dit religieuze gedicht zelfs ‘een smetteloos vers’.

Roem

Biograaf Rick Honings is neerlandicus en Scaliger-hoogleraar aan de Universiteit Leiden. Hij is een specialist op het gebied van de negentiende-eeuwse Nederlandse en de Nederlands-Indische literatuur. Eerder publiceerde hij onder meer met Peter van Zonneveld de biografie van Willem Bilderdijk, De gefnuikte arend. Zijn boek De dichter als idool gaat over literaire roem en dat thema komt sterk terug in de biografie. Het boek opent zelfs met de beschrijving van Beets’ feestelijk gevierde zeventigste verjaardag en de biograaf beschrijft verderop pagina’s lang alle plechtigheden en de bijdragen in het album amicorum. Beets’ dood was voorpaginanieuws en voor zijn drukbezochte begrafenis stuurde koningin Wilhelmina een palmtak. Hoe ‘de groote Nicolaas’ van gevierd studentenauteur tot een nationaal symbool geworden is, is dan ook de rode draad in het boek. Honings laat goed zien hoe Beets zelf hard werkte aan zijn imago en hoe al het eerbetoon paste in de (Europese) beroemdheidscultus van de negentiende eeuw. Door voortdurend in- en uit te zoomen plaatst hij Beets goed in zijn tijd en tussen zijn tijdgenoten. Beets leidde weliswaar een bedaard, maar beslist geen saai leven. Hij was voortdurend in contact met interessante mensen. Daarnaast geeft de biograaf ruim voldoende aandacht aan het dagelijks leven van Beets, zijn gezin en zijn persoonlijke opvattingen en emoties. Door de sprekende en soms ontroerende details krijgt de domineesdichter een veelzijdig gezicht. In Trouw zei Honings: “Ik wil dat mijn boeken door meer dan een paar vakgenoten gelezen worden.” Zijn prettig heldere stijl, vertelplezier en de mooie vormgeving met veel illustraties maken deze biografie inderdaad aantrekkelijk voor een groter publiek. Wellicht is ‘de totale Beets’ dik en het onderwerp te specialistisch om hordes lezers naar de boekhandels te lokken, maar ik ben tot mijn eigen verrassing wel een beetje van Nicolaas Beets gaan houden.

God, gezin en vaderland. De eeuw van Nicolaas Beets (1814-1903)
Uitgeverij Prometheus
ISBN hardcover 9789044642285 
ISBN e-book 9789044661705
Verschenen in januari 2026

Bestelinformatie

Bestel als hardcover bij bol.com (€ 49,99)
Bestel als e-book bij bol.com (€ 29,99)

Petra Teunissen-Nijsse
Petra Teunissen-Nijsse
Petra Teunissen-Nijsse werkt als freelance redacteur, journalist en biografisch onderzoeker. Zij publiceerde over Louis Couperus, Carry van Bruggen en Clare Lennart. In juni 2017 promoveerde zij op het proefschrift Voor ’t gewone leven ongeschikt. Een biografie van Clare Lennart. Haar tekstbureau heet Leven in Woorden

Fijn als je dit artikel met anderen deelt:

Lees ook...

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in