Xandra Brood over haar leven met Herman

Xandra Brood

Haar vader was schipper op de grote vaart. Negen maanden per jaar van huis, drie bij zijn gezin in Ulvenhout. Koos ze daarom voor een rock-‘n-roll junkie, die liever de hort op ging dan zich met zijn gezin te bemoeien? Nee, die psychologie van de koude grond klopt niet. “Anders dan mijn vader heeft Herman zijn kinderen zien opgroeien.” Xandra Brood is er alles aan gelegen om een andere kant van Herman te laten zien, die “van de man die een gezin wilde en op zoek was naar een ankerplek in zijn leven.” Rutger Vahl vertelt in Rock-‘n-Roll Widow haar verhaal.

Ze was begin twintig toen ze door haar oom Gert-Jan Dröge, de jongste broer van haar moeder, naar Amsterdam werd gehaald. De Brabantse moest er wennen, de stad voelde “als een nieuwe jas die niet lekker zit en nog geen vertrouwde geur heeft.” Dröge was bedrijfsleider van de Richter in de Regulierdwarsstraat, op dat moment de hipste tent van Amsterdam. Xandra stond achter de bar, nam zo nu en dan een snuif om de slaap de baas te blijven, en zag er een keur van Vips de revue passeren. Robert de Niro, Prince, Elvis Costello (die haar uitnodigde op zijn hotelkamer), Jeroen Pauw, Mick Jagger, de Dolly Dots en Herman Brood (die aanbood om de lege glazen op te halen). April 1984 raakte ze in verwachting, op 3 januari 1985 zijn ze getrouwd. Toen de ambtenaar van de burgerlijke stand naar het ja-woord van de bruidegom vroeg, bleef het even ijselijk stil. “U overvalt me wel een beetje.” Herman had zich de hele dag verkneukeld op die grap. In plaats van ringen kwamen er tattoos: een pistooltje op het dijbeen van Xandra, een schietschijf op de arm van Herman. Vier maanden later werd Lola Pop geboren, “de beste L.P. die Herman ooit gemaakt heeft.”

Over drugs werd thuis niet gepraat. Ook schreef het huishoudelijk reglement voor dat er in aanwezigheid van de kinderen niet gebruikt werd. De verslaving was een non-issue. Herman was altijd onder invloed, dus Xandra wist niet beter.

Speed en drank, hij noemde het de ‘gouden combinatie’. Het eerste pilletje tijdens een tournee door Duitsland veranderde zijn leven. De dodelijk verlegen jongen had eindelijk een middel gevonden dat hem in staat stelde met de wereld te communiceren, hij was niet langer een buitenstaander. “Hij gebruikte drugs om beter in zijn vel te zitten en streefde naar een roes waarin hij zich geestelijk en lichamelijk lekkerder, zelfverzekerder en sterker voelde.” Een bolletje speed in de ochtend bracht de motor op gang. Daarna ging Brood naar buiten, Hotel Americain of café Hoopman aan het Leidseplein. Per dag gebruikte hij twee gram en dronk hij anderhalf tot twee liter sterkedrank. Over vijfendertig jaar gerekend: 22 kilo amfetamine, twintigduizend liter alcoholica.

In 1998 dienden zich de eerste signalen aan dat de machinerie aan het haperen was. De gouden combinatie werkte niet meer, het precaire evenwicht was verstoord, de speed had Herman verlaten. Wat overbleef was de drank, die in nog grotere mate geconsumeerd werd. Brood was toen net weer bij zijn gezin ingetrokken, in de Jan van Eijckstraat, alsof hij een nest zocht waarin hij de laatste jaren door kon brengen. Xandra had hem op een gegeven moment de deur gewezen, nadat ze zijn escapades met steeds jongere meisjes zat was. Zij was inmiddels tot madonna gepromoveerd. Er waren verschillende in zijn leven. Zijn moeder, die hem nooit veroordeeld heeft vanwege zijn levenswijze, Majoor Bosshardt, met wie hij vier dagen in Villa Felderhof had doorgebracht. “Ik ben overal welkom, maar nergens thuis,” zei de majoor. Een soulmate. Xandra koestert de weerslag van de ontmoeting tot op de dag van vandaag, omdat het een glimp laat zien van de Herman Brood die zij dagelijks meemaakte. Haar kinderen vertrouwde ze hem zonder meer toe. “Ik kon niet meer met Herman samenleven, maar wilde wel dat hij een thuis had. Hij mocht zo vaak langskomen als hij wilde om de kinderen te zien.” In het publieke leven een rock-‘n-junkie, in het private een familiedier bij wie kinderen zich op hun gemak voelden. Hij kon net zo geconcentreerd tekenen als zij.

Rutger Vahl interviewde meerdere mensen, waaronder Xandra Brood, en koos voor de ik-persoon om haar verhaal te vertellen. Vahl zit zo dicht op haar huid dat het boek de schijn heeft van een memoire, sommige media – waaronder nu.nl – kopten dan ook dat de weduwe een boek geschreven heeft over haar leven met Herman Brood. Het misverstand zegt iets over de bewonderenswaardige dienstbaarheid waarmee Rutger Vahl Rock-‘n-roll widow gemaakt heeft. Ik heb vaak zitten te grinniken om onze “nationale troeteljunk”, maar was ook meerdere malen aangedaan. Vooral de loyaliteit van dat meisje uit Ulvenhout, die aan het onvoorwaardelijke grenst, ontroert. Vahl stelt de vraag die hij haar moet stellen.
Zou ze het nog een keer over doen?
Dat weet ze zo net nog niet.
Wellicht overviel haar de vraag een beetje.

Xandra Brood. Rock-‘n-roll widow
Rutger Vahl
Nijgh & Van Ditmar
ISBN 9789038801315
Verschenen in januari 2016

Bestelinformatie

Koop bij Athenaeum Boekhandel

Bestel hier als paperback bij Athenaeum Boekhandel (€ 19,99)
Bestel hier als ebook bij Athenaeum Boekhandel (€ 12,99)

Koop bij bol.com

Bestel hier als paperback bij bol.com (€ 19,99)
Bestel hier als E-Book bij bol.com (€ 12,99)

DELEN
Eric Palmen

Eric Palmen is historicus en hoofdredacteur van Biografieportaal. Hij schreef onder andere Kaat Mossel, helleveeg van Rotterdam en Dwaze liefde, een familiegeschiedenis, uitgegeven bij Prometheus.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here