Billie Holiday. De personificatie van waardigheid en klasse

In Bitter Crop, The Heartache and Triumph of Billie Holiday’s Last Year, beschrijft biograaf Paul Alexander het laatste levensjaar van de jazzlegende. Holiday was de enige zangeres die ‘de luisteraar kon laten voelen met welke emotie ze zong’.

‘Bend the notes’, is het advies dat Frank Sinatra van haar kreeg. “Bending those notes, that’s all I helped Frankie with.” Ze kende The Voice al ruim twintig jaar, maar bleef altijd bescheiden over haar invloed op hem. Sinatra op zijn beurt had een mateloze bewondering voor Holiday die hij de grootste zangeres aller tijden noemde.

Hij was er kapot van, toen hij hoorde van haar dood. Naar verluidt sloot hij zich twee dagen op in zijn appartement in Manhattan, om met een karrevracht aan sterke drank in eenzaamheid te rouwen. Billie Holiday (echte naam: Eleanora Fagan) bezweek in een ziekenhuis in New York aan levercirrose, verwoest door heroïne en alcohol. Ze was 44.

Het graafwerk van Paul Alexander, die eerder boeken schreef over Sylvia Plath en JD Salinger, is indrukwekkend. Honderden bronnen raadpleegde hij, van nog levende tijdgenoten die dichtbij Holiday stonden, tot alle mogelijke recensies en columns in de grote dagbladen en de meest onbeduidende wijkblaadjes. En natuurlijk de autobiografie van Billie Holiday zelf, die, zo merkt hij fijntjes op, nogal wat onwaarheden bevat. Zoals het verhaal van Strange Fruit.

Strange Fruit

Black bodies swingin’ in the southern breeze/ Strange fruit hanging from the poplar trees’, daar had Columbia Records geen trek in; een tekst die onverbloemd racisme aan de kaak stelt in een toen nog altijd sterk gesegregeerd land. In Lady Sings the Blues (1956) schrijft de zangeres dat het lied gebaseerd is op een gedicht van Lewis Allen.

“I dug it right off. Allan suggested that Sonny White, who had been my accompanist, and I turn it to music. So the three of us got together and did the job in about three weeks.”

‘Dat zat toch iets anders’, schrijft Alexander. De schepper van het lied was Abel Meeropol, een Russische jood uit Manhattan. Meeropol (die inderdaad schreef onder het pseudoniem Lewis Allan) was docent aan het Dewitt Clinton High School in de Bronx, aspirant schrijver en lid van de communistische partij. Het gedicht, dat hij baseerde op een foto getiteld ‘Bitter Fruit’, verscheen in 1937 in The New York Teacher. Niet lang hierna componeerde hij zelf de muziek bij zijn eigen tekst. Pas nadat zangeres Laura Duncan het lied in The Madison Square Garden zong, tijdens een betoging tegen fascisme, kwam het via via bij Billie Holiday terecht, waarna het een mythische status kreeg.

Lady in Satin

Nog even terug naar Sinatra; de adoratie was wederzijds. Haar grootste wens was om, net als ‘Frankie’ een album op te nemen met een compleet orkest; niet zomaar een verzameling liedjes met een jazzcombo, maar een groots opgezet conceptalbum, met een authentiek narratief dat haar leven vertelt. En dat leven werd getekend door racisme, verslaving en gewelddadige mannen.

Die wens gaat in vervulling met het album Lady in Satin. De nog betrekkelijk onbekende opnameleider Ray Ellis was aanvankelijk vereerd dat hij gevraagd werd door de diva. Maar na de eerste opnamesessie maakte beroepstrots plaats voor onversneden wanhoop en vooral angst; angst dat zijn carrière met dit project voorbij zou zijn. Toen ver na middernacht van die eerste dag de muzikanten de studio hadden verlaten en zijn zangeres zwaar beschonken naar huis waggelde, rende hij naar de wc om kokhalzend lucht te geven aan zijn woede en frustratie. De opnamen klonken beroerd en haar stem leek in de verste verte niet op wat hij van haar kende. Ze had gezongen met een dubbele tong en moest keer op keer partijen opnieuw zingen. Er volgden nog meer dagen in de studio, en steeds weer was Holiday op z’n minst in kennelijke staat.
Dit werd een ramp.
Toch, aan het einde van de rit stonden songs als I’m a Fool to Want You en You’ve Changed als een huis. Lady in Satin werd, in weerwil van Ellis’ zwakke maag een doorslaand succes en een klassieker.

Miles Davis

Het zijn anekdotes die Alexander nauwkeurig en met precies de juiste dosering drama in herinnering brengt. Soms zo goed en invoelend dat het lijkt alsof hij haar chaperonne was die niet van haar zijde week.

Bijvoorbeeld deze. Het borrelt in het hoofd van Miles Davis, tijdens de avond van de 9e september 1958. Want de eerste vage contouren van Kind of Blue, dat een jaar later zou uitkomen, beginnen vorm te krijgen. Maar deze avond heeft hij een bijrol. Hij zit aan een tafel in een zaal van het Plaza, het chicste hotel van New York. Naast hem, de zangeres aan wie de avond is gewijd. Even verderop zitten onder meer John Coltrane, Bill Evans en Duke Ellington. Billie is gekleed in een stijlvolle zwarte jurk, het haar in een charmante bijpassende shawl. Ze geniet van de tintelende spanning die voorafgaat aan haar optreden. Ze is de hoofdact tijdens een avond om de jazzdivisie van Columbia Records in het zonnetje te zetten. Als ze haar set gezongen heeft, lijkt het alsof de hele stad New York haar adem in heeft ingehouden. Een van de aanwezigen merkt op: “You listen – and you hear a magnificent performance. You listen and you listen and you hear – an authentic artist.”

Triomf

Alexander beperkt zich niet tot dat ene laatste jaar, hoewel dat turbulent genoeg is. Als in filmische flashbacks graaft hij ook in haar verleden, waaronder haar jeugd in Baltimore, toen ze moest tippelen om aan de kost te komen. De gewelddadige mannen in haar leven komen voorbij, maar ook de romances met andere vrouwen, en de afschuwelijke verhalen over het geïnstitutionaliseerde racisme. En hoe bijtend ze kon zijn naar collega zangeressen, zoals Sarah Vaughan: “Sassy, you sound like you piss ice water.” Het zijn verhalen die al eerder zijn opgetekend of verfilmd. Maar het past in dit boek, dat ontroerend, schokkend en meeslepend is.

De vileine stukken van critici die haar neersabelden en beschouwden als een ongeschoolde zangeres die geen noot kon lezen noch schrijven, klinken nu potsierlijk en pijnlijk. Zij zagen haar liever als een drugsverslaafde alcoholiste die haar kansloze jeugd nooit te boven was gekomen. Maar, zo schrijft Alexander “her life was a triumph. She was the personification of dignity and class.”

Bitter Crop. The Heartache and Triumph of Billie Holiday’s Last Year
Paul Alexander
Penguin Random House
ISBN 9780593315903
Verschenen februari 2024

Bestelinformatie

Bestel als hardcover bij bol.com (€ 19,99) Bestel als e-book bij bol.com (€ 11,99)

Pieter Nabbe
Pieter Nabbe
Pieter Nabbe studeerde Nederlandse Taal & Letterkunde in Nijmegen. Hij is zanger en tekstschrijver van de band Juneville, door een voormalig OOR-recensent omschreven als ‘het best bewaarde geheim uit Nijmegen, tussen Frank Boeijen en De Staat’.

Fijn als je dit artikel met anderen deelt:

Lees ook...

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in