Patti Smith & Robert Mapplethorpe: for ever young

Patti Smith and Robert Mapplethorpe - Just kids

Toen Patti Smith in 1975 met haar album Horses doorbrak had ik helemaal niets met haar androgyne verschijning en bronstige stemgeluid. Ik was 10, en erg op Saturday Night Fever. De Bee Gees, die konden pas zingen. Pas later, met haar optredens tijdens Rock Palast en Saturday Night Live , viel ik als een blok voor ruige Patti, als zij als een Rock & Roll Junkie haar lippen tuitte, haar getormenteerde blik achter een zonnebril verbergend, en in staccato begon te declameren:

The boy looked at Johnny, Johnny wanted to run,
but the movie kept moving as planned
The boy took Johnny, he pushed him against the locker,
He drove it in, he drove it home, he drove it deep in Johnny

De zonnebril ging pas af als Johnny door paarden omsingeld was. ‘Do you know how to pony like bony maroney.’ Het metrum was belangrijker dan de inhoud, zoals het een dichter betaamt. Want dat was wat Patti Smith echt wilde: dichteres worden. Ze was verknocht aan haar ouders, maar verpieterde in de zompige moerassen van New Jersey. Op haar negentiende raakte ze zwanger. Het was 1966. Ze besloot het kind af te staan en iets van haar leven te maken. Ze nam de bus naar New York, met in haar haar koffertje een versleten regenjas, kleurpotloden, een schetsboek en haar beduimelde exemplaar van Illuminations van Arthur Rimbaud, met wie ze zich volledig identificeerde. De eerste maanden bracht ze voornamelijk in de metro door, van Coney Island naar Washington Square en weer terug, want daar kon ze tenminste beschut slapen. Op een dag ontmoette ze een bleke jongen in het park, die haar vroeg of ze iets wilde eten.

Chelsea Hotel

Patti en Robert wonen al snel samen, in Hallstreet in het noorden van Brooklyn, en dromen van een kunstenaarsbestaan. Ze zijn straatarm. Patti verdient  61 dollar per week als assistent-boekverkoopster,  en daarvan betalen ze de huur, het eten, de telefoontjes naar ma en pa Smith en de LSD-tripjes die Robert zich permitteert. Soms probeert ze hem ervan af te houden. ‘You’re looking for shortcuts,’ I said. ‘Why should I take the long road,’ he answered. In de zomer van 1969 betrekken ze het het Chelsea hotel. Patti is doordrongen van de geest van Dylan die er rondwaart, zowel die van Bob als Thomas. Ze leert er Allen Ginsburg kennen, die bij de eerste ontmoeting denkt dat ze een mooi jongetje is en haar schielijk vergeeft als ze gewoon een meisje blijkt te zijn. Een vriendschap voor het leven. In het belendend café, El Quicote, ontmoeten ze andere grootheden. Op een avond zijn het er wel heel veel. Jimmy Hendrix, Janis Joplin, Grace Slick en de overige leden van Jefferson Airplane…het ontgaat Patti volkomen dat er in de buurt van New York, Woodstock geheten, een openluchtconcert gehouden wordt. Mapplethorpe is dan al uit de kast, maar kan zich een leven zonder Smith niet voorstellen, en dat verbond is geheel wederzijds, dus bijven ze samenwonen. Hij krijgt een relatie met David Croland, die hem introduceert in de kringen van Andy Warhol. De gloriedagen van de Factory zijn dan al voorbij. Mapplethorpe is gefascineerd door de freaks en het sadomasochisme in het oeuvre van Warhol, maar ambieert geen leven als toeschouwer, en daarin verschilt hij met zijn leermeester ten enenmale – hij wil aan de actie deelnemen. Patti ziet met lede ogen toe hoe Robert zich opmaakt om te gaan hoereren rond Bloomingdale’s aan de East Side. Hij had net Midnight Cowboy gezien en wilde Joe Buck zijn, de stud die aan de bak probeert te komen als gigolo en ondertussen behoorlijk in de knoop ligt met zijn onderdrukte homoseksualiteit. Ma Mapplethorpe denkt nog steeds dat haar zoon met Patti is.

Doorbraak

In St. Mark’s Church, de progessieve episcopale kerk aan de Lower East Side, treedt Patti Smith voor het eerst op. Zij declameert er haar gedichten. Haar minnaar Sam Shepard doet haar het idee aan de hand de gedichten op muziek te zetten. Het optreden slaat in als een bom, Smith krijgt een platenconctract aangeboden, maar vindt de tijd nog niet rijp om publiek bezit te worden. Het is 1971. Robert heeft zijn eerste polaroid camera aangeschaft en legt hun leven vast. In dat jaar komt  Sam Wagstaff in zijn leven, de steenrijke mecenas wordt zijn promotor en minnaar. Het jaar daarop, Patti is inmiddels met Allen Lanier van Blue Oyster Cult, gaat ieder zijns weegs.

It was time to go.
‘Do you feel sad?’ he asked.
‘I feel ready,’ I answered.

Het zou nog drie jaar duren voordat Smith een band formeerde en van haar gedichten songteksten maakte. De foto op de hoes van Horses was natuurlijk van Robert Mapplethorpe.

In 1979 verliet ze New York City, met haar man Fred Sonic Smith.

‘What about us?’ Robert said suddenly. ’My mother still thinks we’re married.’ I really hadn’t thought about it. ‘I guess you will have to tell her we got a divorce.’ ‘I can’t say that,’ he said, eyening me steadily. ‘Catholics don’t divorce.’

In 1986 kreeg ze het bericht dat Robert ziek was. Sam Wagstaff bevestigde het gerucht en deelde haar en passant mee dat hij er slechter aan toe was. Ze pendelde in de drie jaar die Robert zouden resten tussen Detroit en New York. De laatste polaroid die Mapplethorpe van haar maakte was met dochter Jesse Paris Smith. Op 9 maart 1989 stierf Robert Mapplethorpe aan de gevolgen van AIDS.

Ik kocht Just Kids toen het pas verschenen was, in City Lights Booksellers & Publishers, de befaamde beatnik bookstore van Lawrence Ferlinghetti in San Francisco. Op weg naar Phoenix Arizona, met een tussenstop bij Yoshua Tree, las ik in de motels de kroniek van Patti Smith over haar vriendschap met Robert Mapplethorpe. Ik voelde me bedroefd en goed.

Just kids.
Patti Smith
Uitgeverij De Geus
ISBN 9789044522259
Verschenen maart 2012 

Bestelinformatie

Bestel hier als paperback bij bol.com (€ 19,99)
Bestel hier als digitaal boek bij bol.com (€ 15,95)
Bestel hier als digitaal boek in de iBookstore (€ 15,99)

DELEN
Eric Palmen

Eric Palmen is historicus en hoofdredacteur van Biografieportaal. Hij schreef onder andere Kaat Mossel, helleveeg van Rotterdam en Dwaze liefde, een familiegeschiedenis, uitgegeven bij Prometheus.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here