De voedselcommissaris. De keuzes van Jan Groen Tukker

Jan Groen Tukker biografie

Voor mij was het nieuw, lezen over de voedselvoorziening van ons land tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ontelbaar veel boeken heb ik gelezen over verraad, onderduik, diefstal, over goed of fout. Maar niet eerder las ik een boek dat zo duidelijk de praktische dilemma’s schetst waarvoor mensen kwamen te staan die verantwoordelijk waren voor de verdeling en bescherming van de welvaart die ons land toen kende.

De voedselcommissaris. Het gevaarlijke dubbelspel tijdens de oorlog van topambtenaar Jan Groen Tukker is geschreven door journalist, programmamaker en schrijver Kees Tukker. Het is het verhaal van zijn oom, die in de ogen van de jonge Kees duidelijk anders was; hij had een auto met chauffeur en kunst in huis. Maar waarom was de familie niet trots op wat hun familielid bereikte? Waarom werd er gezwegen?

Kees wil weten hoe dat komt en gaat op onderzoek uit. Met Sicco Mansholt, de eerste minister van Landbouw na de oorlog en nauw betrokken bij de voedselvoorziening in het westen van het land, probeert de auteur over zijn oom te praten, maar hij krijgt geen gehoor. Des te meer reden om de onderste steen boven te halen.

Pluimvee en eieren

Jan Groen Tukker, zoon van een liberale herenboer in de Alblasserwaard, zit op de HBS in Gorinchem in de klas met Adje (Anton) Mussert. Dat is rond 1913, in de aanloop naar de Eerste Wereldoorlog. Mussert wil marinier worden maar wordt vanwege ‘te geringe lengte’ afgewezen. Voor zover Kees Tukker na heeft kunnen gaan hebben Groen – zoals hij door veel mensen genoemd werd – en Mussert elkaar na die tijd nooit meer gesproken. Wat mij betreft een intrigerend los draadje in dit verder mooi afgehechte historische verhaal.

De vrouw van Groen, Leida van der Maas, groeit op in het katholieke Roermond en raakt bevriend met Sara van der Meij, dochter van de architect Joan Melchior van der Meij, die het Amsterdamse Scheepvaarthuis ontwierp, het eerste gebouw van de Amsterdamse school. Vooruitstrevend en vrijzinnig is de sfeer, en Leida ziet dat de wereld een stuk groter is dan Roermond.

Jan en Leida vinden elkaar in vooruitstrevendheid, in het ideaal om de wereld beter te maken. Ze trouwen en gaan wonen, als ongelovigen, midden op de Veluwe, middenin de boerenstand. Als dat niet ‘anders’ is! Groen is in de jaren 30 voorzitter van de Pluimveecentrale. Tegelijkertijd, dat kon toen, is hij directeur van het Instituut voor Pluimveeteelt. Dat is gevestigd op landgoed Spelderholt, in 1906 aangekocht door jhr. ir. L.F. Teixeira de Mattos, telg van een Portugese familie die aan de Herengracht in Amsterdam een gerenommeerd bankiershuis had. Texeira de Mattos liet het na zijn dood na aan de Staat.

Op Spelderholt ontvouwt Groen zijn plannen met de kip. Eiercontrole is belangrijk, er moeten afspraken worden gemaakt over de legcapaciteit van de kippen. Voeding en huisvesting van de kippen zijn daarop van invloed. Samen met Leida zet hij zich ook in voor het verbeteren van de inkomens van de ‘zandboeren’ van de Veluwe. De eiercontrole is het begin van de wereldwijde export van Nederlandse eieren. Ze gaan op werkreis naar Halifax, naar het derde Wereldpluimveecongres in Ottawa en worden ontvangen door de Canadese premier, die liever steun verleende ‘aan vreedzame wedstrijden in het eierleggen dan in de wedstrijden tot bewapening der volkeren’.

Groen is boer tussen de diplomaten en dat heeft voordelen. Hij weet waar hij het over heeft. De Duitsers nemen het systeem van de eiercontrole over. Hij is 38 als hij voor zijn verdiensten geridderd wordt. Natuurlijk had hij dat niet gekund zonder Leida, die er altijd voor de culturele nood en praktische ondersteuning is.

Berlijn

Op 6 februari 1933 zijn Leida en Groen in Berlijn, een week nadat Hitler kanselier is geworden. Als directeur van de Nederlandse Pluimveecentrale onderhandelt Groen daar met de Duitsers over handelsovereenkomsten waarbij Nederland voor het leveren van eieren de voorkeur krijgt boven andere landen. En Groen en Leida bezoeken een bijeenkomst van de NSDAP.

Terug in Nederland maken ze plannen. Over hoe Nederland in geval van oorlog zelfvoorzienend kan zijn, maar ook over hoe ze zelf van niemand afhankelijk hoeven te zijn. Groen krijgt tien hectare weiland van zijn vader en ze vragen architect Van der Meij om er een huis voor te ontwerpen. Het is het begin van de bouw van vakantiehuis ‘De gave Gulden’. De plek waar Kees Tukker zijn bijzondere oom zal leren kennen.

In 1939 is Groen Tukker provinciaal voedselcommissaris van Gelderland geworden. Twee jaar daarvoor, in 1937, schrijft de Nederlandse regering een handleiding voor ambtenaren waarin staat hoe ze moeten handelen in geval van bezetting door een vreemde mogendheid. Het gaat er vooral om zoveel mogelijk van de bestuurlijke autonomie te bewaren. Nederland hoopt net als in de Eerste Wereldoorlog neutraal te kunnen blijven, maar had daar dus drie jaar voor de inval van de Nazi’s grote vraagtekens bij. Op de post blijven is de opdracht, en met traineren proberen schade te voorkomen. Groen volgt die aanwijzingen, vooral omdat hij zijn eigen voorbereidingen zo goed mogelijk wil uitvoeren.

Bezetting

Dus gaat Groen na de bezetting door Duitsland door met onderhandelen met de Nazi’s. De belangen van de eierboeren moeten behartigt. Hij houdt zichzelf voor dat zolang Engeland niet valt, Duitsland de oorlog niet zal winnen.

De Landstand wordt opgericht, de formele landbouw komt ogenschijnlijk in handen van NSB’ers. Doel van de Nederlandse Landstand is onder meer alle organisaties op het gebied van landbouw en visserij te overkoepelen en onder nationaalsocialistische controle te brengen. Maar niet in Gelderland. Een tiental NSB’ers wordt voorgedragen bij provinciale voedselcommissaris Groen als plaatselijke bureauhouder. Niet een van hen wordt als plaatselijke opzichter, die bepaalt hoe de aanwezige voedingsmiddelen en landbouwproducten verdeeld gaan worden, door hem aangenomen. Als het de NSB uiteindelijk in Ruurlo wel lukt een partijgenoot benoemd te krijgen, negeert Groen die opzichter totaal en betaalt hem ook geen salaris. Wanneer de man verhaal komt halen, laat Groen weten niks met hem te maken te hebben. Groen geeft systematisch te kleine voorraden door aan de Duitse overheersers en de ambtenaren die gaan over de voedseldistributie. Zo kan hij zorgen dat er ook eieren en meel beschikbaar is voor de onderduikers en het verzet in zijn provincie. Hij speelt een gevaarlijk dubbelspel.

Spelderholt

Na de bevrijding betrekt prins Bernard Spelderholt, het landgoed waar Groen zijn werk in de jaren dertig begon en dat hij tijdens de bezetting moest afstaan omdat de Oostenrijkse Rijkscommissaris Seyss Inquart het wel een aardig optrekje vond.

Moreel baken, verzetsstrijder en aartsbisschop van Utrecht Jan de Jong noemt de ambtenarenzuiveringen kort na de bevrijding ‘het grootste ongeluk dat ons volk treffen kon bij de heropbouw van ons land.’

Groen wordt beschuldigd van collaboratie, een van de bewijzen is zijn lidmaatschap van het Nederlands-Duits Cultuurgezelschap. Kortom, hij was fout. Ondertussen worden andere mannen, die veel minder of zelfs helemaal niet hun nek uitstaken, benoemd op hoge posten. Sicco Mansholt staat er wat dat betreft niet al te mooi op in het boek van Kees Tukker.

Groen krijgt steun van hoog tot laag, van alle mensen die weten wat hij heeft gedaan en welke risico’s hij heeft genomen. Uiteindelijk wordt hij gerehabiliteerd en ‘weggepromoveerd’ tot inspecteur van Landbouw. Moegestreden legt Groen Tukker zich neer bij die benoeming. Hij blijft in die functie tegen schaalvergroting in de pluimveesector, ook al moet er veel geld verdiend worden met de export om ons land weer op poten te krijgen. Schaalvergroting zorgt in zijn ogen voor ziektes en is niet efficiënter dan de bestaande organisatie van de sector . Minister Mansholt, die hem eerder had laten vallen, kiest deze keer wel zijn kant. Nederland wordt in 1953 de grootste exporteur van eieren. Toen een economische prestatie van formaat, nu misschien niet perse iets om trots op te zijn.

In 1959 gaat Groen Tukker met pensioen Na zijn dood blijkt dat hij een klein archief naliet dat de familie jaren later in een geërfd bureau vindt. Wat moeten ze er mee? Ach, die moeilijke periode is achter de rug, gooi maar in de kachel. Gelukkig blijkt Groen een vasthoudende neef te hebben.

De voedselcommissaris. Het gevaarlijke dubbelspel tijdens de oorlog van topambtenaar Jan Groen Tukker
Kees Tukker
Uitgeverij Ambo/Anthos
ISBN 9789026337659
Verschenen in september 2018

Bestelinformatie

Koop bij Athenaeum Boekhandel

Bestel als paperback bij Athenaeum Boekhandel (€ 21,99)
Bestel als ebook bij Athenaeum Boekhandel (€ 14,99)

Koop bij bol.com Bestel als paperback bij bol.com (€ 21,99)
Bestel als ebook bij bol.com (€ 14,99)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here