Beethoven. Een leven in negen composities

Dit jaar is het 250 jaar geleden dat Beethoven geboren wordt en – zoals te verwachten – leidde dat tot een lawine aan boeken en artikelen over de componist. Sommige van die publicaties proberen het beeld te nuanceren dat wij van de componist hebben: een gesloten, humeurige man, onbegrepen in zijn tijd en geplaagd door zijn doofheid.

Laura Tunbridge, musicoloog en hoogleraar aan de universiteit van Oxford, brengt in haar biografie Beethoven. Een leven in negen composities zeker deze nuances aan. Op grond van negen muziekwerken van Beethoven beschrijft ze – in chronologische volgorde – het muzikale leven van Beethoven. Daarbij besteedt ze veel tijd aan de invloed van de roerige tijd waarin hij leefde en aan de stad waar hij praktische zijn hele leven woonde: Wenen.

Septet, opus 20

De auteur begint haar biografie met een beschrijving van het ‘Septet, opus 20’ , een werk dat tegenwoordig niet zo bekend is, maar dat tijdens het leven van Beethoven het meest gespeeld werd. Beethoven was 29 jaar toen hij het Weense publiek kennis liet maken met dit stuk en de uitvoering werd positief besproken door invloedrijke recensenten.

Met name de ‘gevoelige stijl’ werd genoemd, iets wat in de late achttiende eeuw bijna een ‘must’ was voor de kunst. Een andere reden waarom het Septet zo gewaardeerd werd, was het feit dat het om lichte, onderhoudende muziek ging. In die tijd werd dergelijke muziek vaak in de open lucht gespeeld en bovendien was het niet gebruikelijk om tijdens een concert stil te zijn. De lengte van het stuk en de harmonische uniformiteit waren voor een dergelijke context zeer geschikt.

Uit dit eerste hoofdstuk wordt meteen duidelijk dat Beethoven allerminst een wereldvreemd genie was. Al vroeg hield hij zich bezig met de commerciële kant van het vak. Niet alleen zocht en vond hij mecenassen die hem een groot deel van zijn leven ondersteunden, maar ook verkocht hij zijn partituren aan uitgeverijen en probeerde hij ervoor te zorgen dat er zoveel mogelijk concerten van hem werden uitgevoerd. Hoe meer uitvoeringen, hoe meer naamsbekendheid hij immers kreeg. En op grond van die naamsbekendheid kon hij vervolgens betere deals sluiten voor zijn partituren met uitgeverijen.

Partituren waren in die tijd de enige manier om een zo groot mogelijk publiek te bereiken. Concerten waren slechts voorbehouden aan de elite, alhoewel dit al tijdens het leven van Beethoven enigszins veranderde. (Voor 1800 had nog een flink aantal leden van de Weense adel een volledig symfonieorkest in dienst.) Ook werden piano’s goedkoper waardoor het thuis spelen van muziek niet langer was voorbehouden aan de aristocratie. Beethoven schreef dan ook talloze arrangementen voor zijn composities, om alle mogelijke orkestsamenstellingen voor huisorkesten te kunnen bedienen.

Eroica

In haar beschrijving van de ontstaansgeschiedenis van Beethovens derde symfonie, ‘Eroica ’, laat Tunbrige zien hoe de componist beïnvloed werd door zijn tijd. In 1803 begon Beethoven aan deze symfonie. Hij had bewondering voor Napoleon Bonaparte, vandaar dat hij de symfonie aanvankelijk aan hem opdroeg.

Maar toen deze zich een jaar later tot keizer liet kronen was het met de bewondering gedaan. Beethoven schrapte de opdracht. De symfonie werd uiteindelijk opgedragen aan prins Lobkowitz, die 80 florijnen betaalde voor deze eer.

An die Geliebte

In het vijfde hoofdstuk bespreekt Laura Turnbridge het lied 'An die Geliebte' en Beethovens eenzaamheid en zijn toenemende doofheid. In de nalatenschap van Beethoven is een niet-verzonden brief gevonden aan een ‘onsterfelijke geliefde’. Tot op de dag van vandaag is onbekend wie die geliefde is. Talloze biografen hebben zich hierover het hoofd gebogen en voorstellen gedaan over wie deze geliefde zou zijn. Daar waagt Tunbridge zich niet aan. Wel beschrijft ze dat de jaren na het Weense Congres in 1815, ondanks zijn toenemende succes als componist, moeilijke jaren waren voor Beethoven. Doofheid en een slechte gezondheid, financiële problemen en eeuwige familieruzies eisten hun tol. In september 1815 overleed Beethovens broer en vanaf dat moment begon een bitter en langdurig gevecht om de voogdij van diens zoon tussen de weduwe en Beethoven, een gevecht dat Beethoven uiteindelijk won. Hoewel dit gevecht Beethoven veel energie kostte, vond hij toch nog tijd om te componeren.

Negende

Beethoven trok zich naarmate de jaren vorderden langzaam terug uit het openbare leven. Hij werd bijziend en was vaak ziek. Verschillende van zijn aristocratische vrienden waren dood of failliet. De Negende symfonie is het symbool geworden van dat sociale isolement. Beethoven hield zich bij de compositie van dit werk niet in en veel musici klaagden over de moeilijkheid van de compositie. En de symfonie werd niet onverdeeld positief ontvangen. Met name de koorfinale, de beroemde Ode an die Freude, werd overbodig gevonden. Ook Beethoven zelf twijfelde over het stuk en sommige recensenten stelden voor om twee versies van de symfonie te maken, een met en een zonder koor.

Toscanini dirigeert Ode an die Freude, 1938

Strijkkwartet opus 130

In het laatste hoofdstuk behandelt de biograaf het Strijkkwartet opus 130 , waarin Beethoven zijn banden met het verleden laat zien, en met name met Bach. Het is een van de laatste werken voor zijn dood. Op 26 maart 1827 stierf Beethoven, ‘de hemel werd duister en er stak een apocalyptische sneeuwstorm op, met donder en bliksem,’ aldus de apocriefe berichten over zijn doodsbed.

Hij liet zo’n 10.000 florijnen na, slechts 5% van de Weense burger liet een vergelijkbaar of groter inkomen na. Bij zijn begrafenis waren de straten van Wenen gevuld met een grote menigte, die eer wilden bewijzen aan de grote componist.

Via de negen hoofdstukken krijgen we een menselijker en complexer portret van Beethoven, van een leven dat net zo ongrijpbaar is als elk ander. Het boek sluit af met een coda, over de receptie van Beethoven na zijn dood en een uitgebreid en geannoteerd literatuuroverzicht.

Tunbridge toont door haar bijzondere benadering aan dat er altijd wel weer nieuwe kanten van een leven te belichten zijn. Ondanks dat Beethoven tijdens zijn leven eigenlijk al een gearriveerde componist was met een enorme status onder muziekliefhebbers, bleek hij een onzekere man met een moeilijk karakter, die het voortdurend aan de stok had met veel van de mensen van wie hij afhankelijk was. Tunbridge besteedt de nodige aandacht aan de dagelijkse strubbelingen waar Beethoven mee te maken had. Dat maakt het des te opmerkelijker dat Beethoven in staat was om zoveel werken te componeren die – dat mag zonder overdrijving gezegd worden – de muzikale wereld op hun kop hebben gezet.

Beethoven. Een leven in negen composities
Laura Tunbridge
ISBN 9789000373321
Spectrum Amsterdam
Verschenen in oktober 2020

Bestelinformatie

Bestel als hardcover bij bol.com (€ 24,99)
Bestel als ebook bij bol.com (€ 14,99)

Koop bij Athenaeum Boekhandel

Bestel als hardcover bij Athenaeum Boekhandel (€ 24,99)
Bestel als ebook bij Athenaeum Boekhandel (€ 14,99)
Norma Montulet
Norma Montulet heeft Literatuur en Filosofie gestudeerd en heeft een eigen bedrijf - Basiswerk - dat zich richt op educatieve dienstverlening. Filosoferen met kinderen is een hobby van haar en daarover heeft ze diverse artikelen gepubliceerd. Daarnaast is ze bezig om een biografie over Harriët Freezer te schrijven.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here