Alfred Hitchcock en de angst voor het ongeregisseerde leven

“Als ik een boek schrijf, leef ik het leven van de hoofdpersoon. En omdat ik zoveel schrijf, leef ik steeds een ander leven. Dat is een rijke sensatie.” Thomas Verbogt zei het onlangs weer eens in de Volkskrant. Hij antwoordde op de vraag of het verzonnen leven mooier is dan het echte. Dit was wat hij zei: “Absoluut. Daarom ben ik zo blij dat ik kan schrijven.”

Er zullen meer kunstenaars zich in deze uitspraak kunnen vinden. Maar als het op iemand van toepassing is, dan is het wel op filmmaker en regisseur Alfred Hitchcock.
“Hitchcocks volle lippen bewegen mee met de woorden van de acteur, zijn ronde gezicht beweegt mee met alle emoties, hij gaat helemaal op in hun acties. Hij is om de beurt elk personage, in stilte speelt hij elke rol, zonder dat hij zich van zijn stoel verheft. Hij is als een kind dat kijkt naar een zaterdagmiddagthriller,” zo werd hij tijdens zijn werk eens beschreven.

Al jong begint Alfred zich uit het fysieke leven terug te trekken en bouwt hij aan een toekomst in zijn hoofd. Toen hij veertien jaar oud was overleed zijn vader, waarna de jonge Hitchcock werd opgevoed door zijn psychisch labiele moeder, die niet in staat was om haar kind goed op te voeden. Daarna werd hij naar een katholieke jongenskostschool gestuurd. Daar kreeg hij een extreem orthodox-katholieke opvoeding, waaraan hij veel nare herinneringen overhield. Een betere voedingsbodem voor een leven als ‘maker’ lijkt er niet te zijn.

Huwelijk met Alma Reville in 1926

Freud zou er wel raad mee hebben geweten. Alfred Hitchcock, een man die altijd een klein bang jongetje is gebleven. Die niet zonder zijn zelfgekozen moeder, zijn echtgenote Alma Reville, kan functioneren en een bange mislukkeling wordt zodra hij het gevoel krijgt dat hij geen waardering krijgt voor zijn werk.

Terwijl zijn vrouw aan het bevallen is, gaat Hitchcock de deur uit, hij kan de spanning niet aan en zal later tegen Alma zeggen: “Maar stel je mijn lijden eens voor. Ik stierf bijna van de spanning.”
Een man die zijn lichaam als een last met zich meedraagt omdat het hem regelmatig verraadt.

Omdat ik meer van biografieën dan van romans hou, en meer van documentaires dan van speelfilms, vertel ik mezelf bij het begin van het lezen van Peter Ackroyds biografie Alfred Hitchcock dat ik geen werk van de wereldberoemde regisseur van Thrillers en Horrorfilms heb gezien.

Dat is natuurlijk niet waar, want iedereen van rond de vijftig heeft in zijn of haar onderbewustzijn flarden van een film van Hitchcock zitten. Tegenwoordig kunnen jongeren zich dat bijna niet meer voorstellen.. Die kijken liever naar The Walking Dead waarin weerzinwekkende zombies de vreselijkste toeren uithalen, en liggen niet meer wakker van een verkrachtingsscène meer of minder.

Alfred Hitchcock groeide op in de buurt waar ook de Britse filmindustrie opgroeide. Het was zijn reddingsboei naar een leven zonder angsten en demonen, wat hem maar gedeeltelijk lukte. Ik was altijd al blij dat ik geen katholieke opvoeding heb gehad, maar na het lezen van de eerste paar bladzijden over het jonge leven van Hitchcock is dat helemaal het geval.

Hij was bang voor zijn lijf, hij rook naar vis vanwege de winkel van zijn vader en de Londense havenbuurt waar hij opgroeide en hij was bang voor het eind van de dag.
Ook al is hij er op sublieme wijze in geslaagd om de trauma’s uit zijn jeugd te verbeelden, verwerken lukte hem blijkbaar nooit. Vandaar dat hij stierf als een eenzame oude man, van wie gezegd wordt dat hij zijn handen niet thuis kon houden van de vrouwen die voor hem werkten. Of dat nu in de huishouding was of in een van zijn films.

Hij begint als assistent tekstschrijver in de tijd van de stomme film, waarin 2 films in 3 maanden tijd werden gemaakt. Dat is ook de tijd van experimenteren met alle nieuwe technieken. Alfred ontmoet Alma Reville, de vrouw die zijn ‘alter ego’, steun en toeverlaat en de regisseur van zijn persoonlijke leven zal worden.

Het duurt twee jaar voor hij laat merken haar leuk te vinden. Ze gaan samen naar het Duitse filmmekka Neubabelsberg. Daar leert hij van Friedrich Wilhelm Murnau een verhaal te vertellen zonder woorden te gebruiken. “ Het doet er niet toe wat je op de filmset ziet. Het doet er toe wat je op het doek ziet. “ Die les heeft ‘Hitch’ wel heel erg ver doorgevoerd, blijkt telkens weer. De Duitse cinema wordt gecombineerd met de montagekunsten van Sergej Eisenstein en Vsevolod Poedovkin. Zo ontstaat de Hitchcock-suspense.

Ik voel irritatie over de al te letterlijke vertaling door Arie Storm van het ongetwijfeld vloeiend taalgebruik van Peter Ackroyd. Wat moet ik met een zin als: “ In een essay dat de jonge Hitchcock verslond, over Moord beschouwd als een der schone kunsten, beschreef Thomas DeQuincy in 1812 de omgeving als ‘hoogst gevaarlijk’, ‘een hachelijke regio’ vol ‘veelvoudige gewelddadigheid’. Na drie keer lezen, kost het me nog steeds moeite de betekenis van de zin te vatten.

Gelukkig word ik al snel gegrepen door de mooie beschrijvingen van het verloop van de carrière van Hitchcock, zijn vertrek naar Amerika en het gevecht met de studiobazen. Ik realiseer me dat ik, geboren in 1965, het jaar dat Hitchcock in de herfst van zijn loopbaan is beland, films als Psycho, The Birds en Marnie gezien moet hebben. Tijdens het lezen over de filmopnames en alle psychologische ellende die dat voor acteurs en regisseur meebracht, duiken er geluiden en beelden op vanuit mijn onderbewuste dat niet heel erg visueel is ingesteld.

Als ik lees dat de douchescene in Psycho, die in de film 45 seconden duurt, 7 dagen filmen in beslag nam en vanuit meer dan 70 camerastandpunten werd gedraaid waarna zij van 78 stukjes film werd gemonteerd, dan wil ik de film zien om te kijken hoe ze dat gedaan hebben.

Edgar Allen Poe was zijn grote voorbeeld. Het laagje beschaving is dun en ‘het gewone leven is vol dreiging’, zijn de thema’s in het werk van Hitchcock.
Het is een mooi verhaal, de biografie over de man die alles wilde regisseren, behalve zichzelf. Zijn leven speelde zich af op de set, tussen de mensen die hij uitkoos, die deden wat hij wilde dat ze deden. Zonder vaak maar een woord te zeggen. Het moet het ultieme genot zijn geweest, zoveel emoties en gevoel teweeg te brengen. Ongemak, angst en onveiligheid. Eerst bij schrijvers, cameramannen en acteurs, en via hen bij het grote publiek.
“Hij had zo’n intieme band met zijn eigen angsten, dat hij intuïtief in staat was die van het publiek op te poken”, schrijft Peter Ackroyd. Mij lijkt het eerder dat het op de vlucht zijn voor die angsten de mens Hitchcock tot een soort psychopaat maakte die het geluk had zijn psychoses om te kunnen zetten in krachtige beelden op film. Het leverde hem, en daarmee ons als film-en tv-kijkers, een groot aantal films op. Sommige onnavolgbaar goed en succesvol, sommige die eerst als flop de filmgeschiedenis ingingen en later toch nog gerehabiliteerd werden. Fascinerend hoe dat werkt.

Ingrid Bergman was een van de eerste actrices die Hitchcock naar zijn fantasie probeerde te kneden. De enige keer dat ze ooit tijdens haar werk huilde, was tijdens het maken van Under Capricorn. Ze liet zich door Hitchcock intimideren en provoceren. Tot ze er vandoor ging met een andere regisseur, Roberto Rossellini.

Grace Kelly speelde de hoofdrol in I Confess, over een katholieke priester die tijdens de biecht een moord te horen krijgt maar daar niks over mag zeggen. Tot hij zelf voor de moord dreigt op te draaien. Ze ‘verlaat’ hem door met Rainier van Monaco te trouwen.

Hitchcock zag vrouwen graag als ‘ zijn project’. Eva Marie Saint dronk in de film North by Northwest koffie uit een wegwerpbeker. Dat verstoorde zijn illusie en dus gaf hij opdracht haar alleen koffie uit een porseleinen kop en schotel te schenken.

In 1956 wordt Hitchcock Amerikaan. Hij maakt voor de televisie zeven jaar lang Alfred Hitchcock Presents . Een half uur durend misdaadverhaal waarbij voor het eerst vanuit het perspectief van de misdadiger werd gefilmd. Voor de censuur en de zekerheid vertelt Hitchcock in zijn presentatietekst er maar bij ‘dat misdaad niet loont’. In die jaren ging het aantal tv-aansluitingen in de Verenigde Staten van 4 naar 48 miljoen. En dus verdiende Hitchcock 129.000 dollar per aflevering, ook al regisseerde hij zelf maar 20 van de 335 uitgezonden verhalen.

Het zijn deze details die, in combinatie met de uitgebreide beschrijvingen van de totstandkoming van het filmoeuvre van Alfred en Alma Hitchcock, die deze biografie tot een spannende en verhelderende leeservaring maken.

Alfred Hitchcock
Peter Ackroyd
Querido
ISBN 9789021400792
Verschenen in januari 2016

Bestelinformatie

Koop bij Athenaeum Boekhandel

Bestel hier als paperback bij Athenaeum Boekhandel (€ 22,50)
Bestel hier als ebook bij Athenaeum Boekhandel (€ 16,99)

Koop bij bol.com

Bestel hier als paperback bij bol.com (€22, 50)

DELEN
Martine van Poeteren

Martine van Poeteren is journalist en werkzaam voor de KRO-NCRV. Ze is directeur/eigenaar van M4 Producties en sinds december 2016 hoofdredacteur van Biografieportaal. Naast lezen en schrijven is beeldhouwen een passie.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here