Marcus Bakker en zijn morele graadmeter

Marcus Bakker biografie Leo Molenaar

Marcus Bakker is op 20 juni 1923 geboren in de Zaanstreek, het broeinest van Neerlands morgenrood. Zijn vader Christiaan Christoffel Bakker ging hem voor in de sociale strijd, als sociaaldemocraat weliswaar, maar C.C. werd geroyeerd als lid van de SDAP nadat hij zich solidair had verklaard met de muiters van De Zeven Provinciën. Te links voor Troelstra en zijn kornuiten. Aanvankelijk beperkte de strijd voor Marcus Bakker zich tot de geheelonthouders van de NBAS; na de Duitse bezetting, met name tijdens de Februaristaking, werd zijn verzet militanter van aard. De achttienjarige Marcus wilde meestaken, maar werd door de schoolleiding teruggefloten. “Ik heb er altijd de pest over in gehad.” Hij spiegelde zich aan de moed van wiskundeleraar George Louise Jambroes, die het werk wel had neergelegd en kort na de staking Nederland zou ontvluchten. (Jambroers behoorde tot de eerste slachtoffers van het Englandspiel en werd in september 1944 vermoord in concentratiekamp Mauthausen). Bakker zette zijn aanvankelijke bezwaren tegenover het communisme overboord. Als gymnasiast had hij ze verslonden – Du Perron, Ter Braak, Marsman en Slauerhoff – maar nu de nood aan de man kwam, had de scepsis van Forum hem weinig meer te bieden. De arrestatie van Max Wessel en Elly Premsela in november 1943 gaf de doorslag. Het progressieve stel zat bij zijn neef en nicht, beide communisten, ondergedoken. Met Wessel en Premsela, die de oorlog niet zouden overleven, discussieerde Bakker over hoe het nu verder moest met Nederland. Na de arrestatiegolf van communistische verzetsstrijders in het najaar van 1943 nam hij de fakkel van de verweesde illegaliteit over.

“Eerst tegen de moffen en dan pas communist”

De oorlog was zijn levenslange morele graadmeter, zoveel wordt duidelijk uit Nooit op de knieën, de biografie van Marcus Bakker door Leo Molenaar. “Ik was eerst tegen de moffen en dan pas communist, om zo effectief mogelijk tegen de moffen te kunnen zijn,” schreef hij in 1982 aan zijn dochter Marisca. De CPN was toen al een aantal illusies armer, en het trotse baken van het verzet, De waarheid, leidde een zieltogend bestaan. “Er blijft behoefte aan een eerlijke, vechtende oppositie tegen alle onmenselijkheid en schofterigheid om ons heen, en wat zou het zonde zijn als je iets wat er is (organisatie en krant) zou vernielen.” Molenaar draait niet om de hete brij heen. De interne partijstrijd binnen de CPN was bij tijd en wijle hartverscheurend. Het royement van de groep-Wagenaar in 1958 ging met een karaktermoord gepaard, De CPN in de oorlog getiteld. Bakker liet zich het auteurschap van dat werkje aanmeten, waarin Gerben Wagenaar en zijn kameraden worden ontmaskerd als “werktuigen van het imperialisme”, die tijdens de Bezetting “fout” waren, dat wil zeggen: handlangers van Londen en het verfoeide Anglo-Amerikaanse imperialisme. Molenaar noemt het zogeheten onderzoek “een pseudowetenschappelijk knekelhuis, een ondoorgrondelijk mengsel van waarheid en fictie”, waarvan partijleider Paul de Groot uiteindelijk de auteur blijkt te zijn. De stijl herinnert in alles aan de paranoïde De Groot. Die moest op zijn beurt van zijn opponenten horen dat hij zich aan “desertie” schuldig had gemaakt nadat zijn Joodse vrouw en dochter waren opgepakt, om nooit meer uit de kampen terug te keren. De BVD, onder auspiciën van Louis Einthoven (medeoprichter van de Nederlandse Unie), beschouwde het schisma van 1958 als een mijlpaal van haar infiltratietactiek. Toen in een NOVA-uitzending in 1995 werd gesuggereerd dat De Bruggroep van Wagenaar zelfs was opgezet door de BVD, kreeg Bakker een hevig geëmotioneerde Ger Harmsen, medeoprichter, aan de lijn. Dat was niet waar, verzekerde Harmsen zijn politieke tegenstrever van weleer. Bakker beaamde de visie van Harmsen en stelde hem gerust. Hoezeer zij politiek ook verschilden, Harmsen beschouwde hij niet als een loopjongen van de BVD.

Democraat

“Het parlement is per definitie bijeengebrachte verscheidenheid en tegenstrijdigheid.” Bakker was opmerkelijk verknocht aan de arena van de Tweede Kamer. Hij groeide er uit tot een begenadigd spreker en oogstte bewondering van vriend en vijand, al was het maar om zijn snedige oneliners. “De tranen die men nu vergiet, komen van de uien die men zelf gesneden heeft.” Bakker over KVP-fractieleider Frans Andriessen: “Als Napoleon vandaag in de zaal zou zijn geweest had hij zonder twijfel gezegd: ‘Soldaten, honderd jaar mist spreken u toe.’” Hij was echter in het diepst van zijn ziel gekwetst als hij alleen maar als feestnummer werd neergezet, daarvoor was de parlementaire democratie hem te lief. In menig opzicht was Bakker een visionair. Hij was in 1970 een fervent tegenstander van de afschaffing van de opkomstplicht. Dat besluit zette de deur voor de niet-stemmers wagenwijd open, en voor reactionaire stromingen in de samenleving, die zich zouden beroepen op de Henken en de Ingrids. “Als de niet-stemmers de grootste partij gaan worden, is het onder bepaalde omstandigheden ook mogelijk, ze als een antiparlementaire partij te gaan organiseren tegen het systeem van politieke partijen in.” De grootste bijdrage van Bakker aan de parlementaire democratie in Nederland betreft wellicht de grondwetsherziening van 1981: die breidde het non-discriminatiebeginsel van artikel 1 behoorlijk uit. Door de inbreng van Bakker zagen voortaan ook “homofielen, zigeuners, Turken en gehandicapten”, het hele spectrum van de “menselijke individualiteit”, zich door dat artikel beschermd. Een kroonjuweel.

Er valt wel iets aan te merken op Nooit op te knieën. Marcus Bakker (1923-2009). Communist en parlementariër. Leo Molenaar, van 1980 tot 1989 lid van het partijbestuur van de CPN, deelde het geloof van de kameraden, wat hem weleens doet vergeten dat de lezer veelal minder ingewijd is. Vanzelfsprekend geachte voorkennis behoeft toelichting. Mij zegt “de door de SVB in te nemen houding inzake de universitaire campus in het Twentse Drienerlo”, om maar een voorbeeld te noemen, in ieder geval niets. Ook wordt de biografie zo nu en dan ontsiert door onvervalste Leninistische verdachtmakingen. Om Thomas Ross weg te zetten als een sikkeneurige anticommunist, louter omdat hij de zoon is van een hoge BVD-functionaris, overtuigt mij althans niet. Het zijn kanttekeningen in de marge. Wat overheerst is bewondering voor de grondige aanpak van Leo Molenaar. De psychologische karakterisering van Marcus Bakker is zonder meer gelukt, de geschiedenis van de CPN wordt genuanceerd weergegeven, de briefwisselingen – met name die met dochter Marisca Milikowski – ontroeren. Nooit op de knieën is een politieke biografie die er toe doet.

Nooit op de knieën. Marcus Bakker (1923-2009). Communist en parlementariër
Leo Molenaar
Uitgeverij Balans
ISBN 9789460038556
Verschenen in maart 2015

Bestelinformatie

Koop bij Athenaeum Boekhandel

Bestel hier als paperback bij Athenaeum Boekhandel (€ 22,50)
Bestel hier als ebook bij Athenaeum Boekhandel (€ 9,99)

Koop bij bol.com

Bestel hier als paperback bij bol.com (€ 22,50)
Bestel hier als ebook bij bol.com (€ 9,99)

DELEN
Eric Palmen

Eric Palmen is historicus en hoofdredacteur van Biografieportaal. Hij schreef onder andere Kaat Mossel, helleveeg van Rotterdam en Dwaze liefde, een familiegeschiedenis, uitgegeven bij Prometheus.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here