Maria Montessori, het kind is de meester

Maria Montessori, circa 1914. Op de achtergrond journalist Samuel Sidney McClure

In 2020 is het honderdvijftig jaar geleden dat Maria Montessori is geboren. Veel activiteiten die waren gepland om de beroemde pedagoge te herdenken zijn afgelast of uitgesteld. Dat gebeurt in de hele wereld, want Maria Montessori’s erfenis is een imperium met ongeveer 22.000 scholen in 140 landen. In Italië heeft president Matarella haar wel herdacht, niet alleen als de vrouw die het onderwijs voor altijd veranderde, maar ook als een van de grootste persoonlijkheden uit de Italiaanse geschiedenis. Dat mag gezien worden als een poging tot verzoening, want de verhouding tussen Montessori en Italië is lange tijd heel moeizaam geweest.

Strijdbare vrouw

Dat blijkt uit de nieuwe biografie Maria Montessori. Het kind is de meester van Cristina de Stefano, die eerder een biografie schreef over Oriana Fallaci, een andere sterke Italiaanse vrouw. Het is niet de eerste biografie over Maria Montessori maar de meesten zijn van oudere datum en geschreven door volgelingen of bewonderaars die haar opvoedkundige ideeën wilden uitdragen. Een uitzondering is Maria Montessori, 1870-1952, kind van haar tijd, vrouw van de wereld van de Nederlandse Marjan Schwegman uit 1999, die het leven en werk van Montessori in zijn tijd plaatst. De biografie van Cristina de Stefano volgt in grote lijnen het twintig jaar oudere boek van Schwegman, waarin het leven van Maria Montessori in twee grote perioden wordt onderverdeeld. Tot 1915 is Montessori een feministe, een strijdbare vrouw, die zich niet neerlegt bij de beperkingen die haar tijd en haar omgeving haar opleggen en die als arts in kindertehuizen en kinderdagverblijven werkt aan een nieuwe kijk op kinderen en een daarbij horende pedagogische aanpak. Vanaf 1915 staan haar ideeën grotendeels in de steigers en trekt ze op uitnodiging van een grote schare, vaak invloedrijke bewonderaars de wereld over om haar aanpak te verspreiden door lezingen, cursussen en het oprichten van lokale Montessori-organisaties. Vaak loopt dat uit op bittere conflicten over de zuivere toepassing van haar methode, de opleiding van leidsters en de rechten van het lesmateriaal. Ze werkt overal in de wereld, woont in Amerika, Barcelona, Laren, lange tijd in India en vanaf 1947 opnieuw in Nederland, in Noordwijk, waar ze in 1952 is overlijdt en waar ze ook ligt begraven. Vanaf 1915 beschouwt ze zichzelf als een wereldburger. In Italië komt ze nog maar sporadisch. Haar contacten met het regime van Mussolini, die ze enige tijd steunt maar waarmee ze later breekt, zijn omstreden.

Opvoeden als remedie

Maria Montessori wordt in 1870 geboren in Chiaravalle aan de Italiaanse oostkust, als enig kind van Alessandro Montessori, een strijder in de oorlogen die hebben geleid tot de Italiaanse eenwording en Renilde Stoppani, een onderwijzeres. Op jonge leeftijd verhuist het gezin Montessori naar Rome, waar vader een hoge positie krijgt op het Ministerie van Financiën. Maria maakt, gesteund door haar moeder, voor meisjes ongebruikelijke studiekeuzes. Ze gaat naar de technische school, gaat later geneeskunde studeren en studeert af als een van de eerste vrouwelijke Italiaanse artsen. Ze is zeer actief in de vrouwenbeweging en zet zich nationaal en internationaal in voor vrouwenemancipatie, met seksuele vrijheid en vrouwenkiesrecht als speerpunten. Als student en later als arts werkt ze in gestichten voor gehandicapte kinderen. In die tijd raakt ze zwanger van de mededirecteur van het gehandicapteninstituut. Ze wil niet trouwen, want dat zou in die tijd betekenen dat ze haar loopbaan zou moeten opgeven. Maar omdat ze als ongehuwde moeder ook niet geaccepteerd zou worden, brengt ze haar zoon Mario onder bij een pleeggezin op het platteland. Tot zijn vijftiende jaar zal ze hem nog maar sporadisch zien. Het afstaan van haar zoon leidt tot een persoonlijke crisis, waarvan ze maar moeizaam herstelt. Ze verlaat het gehandicapteninstituut en richt in een van de armste wijken van Rome enkele kinderdagverblijven voor verwaarloosde kinderen op, de casa dei bambini. Ze raak er steeds meer van overtuigd dat niet een juridische of medische, maar een pedagogische aanpak nodig is om de ellendige leefomstandigheden van de kinderen te verbeteren. Ze ontwikkelt een aanpak die uitgaat van respect voor kinderen en een actieve houding van kinderen bij het leren, ondersteund door uitgekiende leermaterialen. Die aanpak vormt een sterk contrast met het openbare en door de rooms katholieke kerk georganiseerde onderwijs, waar kinderen stil moeten zitten en in overvolle klassen, zonder rekening te houden met hun verschillen, worden volgegoten met kennis. Haar aanpak trekt de aandacht van rijke inwoners van Rome die een ander soort onderwijs willen voor hun kinderen. Door het boek De Methode waarin ze haar aanpak beschrijft en cursussen in Rome, die cursisten trekken uit de hele wereld, vestigt ze haar naam en tijdens een tournee door de Verenigde Staten wordt ze als een superster ontvangen en toegejuicht. Na een tweede langdurige tournee door de Verenigde Staten, waarin ze wordt vergezeld door haar zoon die ze uit het pleeggezin heeft weggehaald, vestigt ze zich in Barcelona omdat ze Italië vanwege de Eerste Wereldoorlog geen veilige plaats vindt voor haar zoon.

Mussolini

Nadat Mussolini aan de macht is gekomen, keert Maria tijdelijk terug naar Italië. Mussolini wil met zijn regime respect verwerven door in het onderwijs de aanpak in te voeren van zijn in het buitenland vereerde landgenote. Montessori staat daar aanvankelijk niet negatief tegenover omdat het Montessori-onderwijs in Italië tijdens haar jarenlange afwezigheid en door druk van de katholieke kerk en andere conservatieve krachten volledig is ingestort. Het wordt echter geen gelukkig huwelijk. Mussolini verliest zijn belangstelling als zijn medestanders hem ervan weten te overtuigen dat onderwijs volgens de Montessori-methode niet de beste garantie is voor het kweken van loyale en gedisciplineerde fascisten. Als de fascisten proberen haar methode te veranderen breekt Maria radicaal met het fascisme. Ze gaat terug naar Barcelona en na het uitbreken van de Spaanse burgeroorlog naar Nederland. In 1939 vertrekt ze naar India. Als Italië Engeland de oorlog verklaart worden alle Italianen in India als vijanden geïnterneerd. Maria komt echter spoedig vrij en gaat cursussen geven waarin duizenden Indiërs worden opgeleid in de beginselen van het Montessori-onderwijs. Pas na zes jaar keert ze terug naar Nederland, het land dat ze de rest van haar leven als uitvalsbasis zal gebruiken voor de verspreiding van haar methode. Het hoofdkantoor van de Association Montessori Internationale (AMI) is nog steeds in Amsterdam gevestigd.

In 1950 ontving Maria Montessori een eredoctoraat van de Gemeentelijke Universiteit Amsterdam © Daan Noske / Anefo (cc0)

De verspreiding van haar methode in de wereld gaat gepaard met vele conflicten. Ze heeft een groot aantal trouwe volgelingen die haar als een zieneres vereren, maar er zijn nog meer mensen die elementen van haar aanpak willen inbouwen in het onderwijs maar haar aanpak op onderdelen te star vinden. In veel landen ontstaan diverse Montessoriverenigingen naast elkaar, die elkaar soms hevig bestrijden. Maria verdedigt haar methode met hand en tand. Ze wil geen concessies doen aan de inhoud, ze wil de opleidingen in eigen hand houden en ze wantrouwt medestanders die ze er, vaak terecht, van verdenkt haar een poot te willen uitdraaien met de rechten van haar materialen. Ze is voortdurend bang de controle te verliezen. Door haar achterdocht en haar autoritaire persoonlijkheid lopen conflicten steevast uit de hand. Er komt wat meer rust als haar zoon Mario de zakelijke leiding van de onderneming op zich neemt, maar de conflicten verdwijnen nooit helemaal.

Rekkelijken en preciezen

Het ontstaan van conflicten zit ingebakken in een methode als die van Montessori. Mensen worden om verschillende redenen door haar aanpak gegrepen. Sommigen zien het Montessori-onderwijs als een middel om betere mensen te kweken en de wereld te verbeteren. Anderen zien haar methode als een op onderdelen bruikbare pedagogische of didactische werkwijze. Een van Montessori’s meest toegewijde en bekwame volgers, Helen Parkhurst, gaat uiteindelijk haar eigen weg en sticht met de Daltonscholen een concurrerend model. Montessori heeft met haar aanpak grote invloed gehad op het onderwijs in de hele wereld. Haar kijk op kinderen heeft het onderwijs, ook het niet-Montessori-onderwijs beslissend veranderd, maar in Montessorikringen is er altijd sprake geweest van een strijd tussen rekkelijken en preciezen en die strijd duurt voort tot op de dag van heden. De vrees voor het oplaaien van de historische stammenstrijd binnen de Montessoribeweging is mogelijk de reden dat Cristina de Stefano wel gebruik mocht maken van het Montessori-archief van de AMI, maar er niet zonder toestemming uit mocht citeren.

De vraag is of Cristina de Stefano, achtenzestig jaar na de dood van Maria Montessori, haar definitieve biografie heeft geschreven. Een antwoord is dat dit bij een belangrijk en complex persoon als Montessori nooit het geval is. Iedere biografie is een interpretatie en wordt gekleurd door de tijd waarin zij is geschreven. Maar een nieuwe of originele interpretatie kun je De Stefanos boek nauwelijks noemen. Wie de biografie van Marjan Schwegman kent zal in haar boek weinig nieuws vinden en ook de interpretatie sluit in grote lijnen aan bij die van Schwegman. Teleurstellend is dat de onderwijsvernieuwing van Maria Montessori wordt beschreven als een soloproject van een geniale pedagoge. Achtenzestig jaar na de dood van Montessori was het tijd geweest voor een ruimere blik, waarbij het werk van Montessori geplaatst zou zijn binnen de brede onderwijsvernieuwingsbeweging aan het begin van de twintigste eeuw, die door Ellen Key werd uitgeroepen tot de eeuw van het kind. Maria Montessori was niet de enige pedagoog die zich bezig hield met het scheppen van een meer kindvriendelijke school, zij het dat ze zonder twijfel wel een van de meest inspirerende was. Een en ander neemt niet weg dat het een verdienstelijke biografie is. De korte hoofdstukken, meestal niet langer dan drie bladzijden, houden de vaart erin, ook al omdat De Stefano het veelvuldig gebruik van cliffhangers niet schuwt. De titel Het kind is de meester wekt mogelijk de verwachting dat het gaat om een introductie in het werk van Maria Montessori, maar dat is het boek niet. Daarvoor moeten andere bronnen worden geraadpleegd. Maar een boeiend levensverhaal van een gedreven vrouw die de kijk op kinderen fundamenteel heeft veranderd is het zeker. Jammer is dat de doodzonde van veel biografieën die in Nederland uitkomen, namelijk het ontbreken van een personenregister, ook hier wordt begaan.

Maria Montessori. Het kind is de meester.
Cristina de Stefano
Xander Uitgevers
ISBN 9789401612623
Verschenen in september 2020

Bestelinformatie

Bestel als paperback bij bol.com (€ 24,99)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here