Hanns Albin Rauter. Het gezicht van het kwaad

Hanns Albin Rauter

Gedetineerde 44755 Hanns Albin Rauter kijkt in de lens zonder schaamte. Priemende ogen in een sterk vermagerd gezicht, een diepe frons in het voorhoofd en een scheve mond, stille getuige van de aanslag die hij op 6 maart 1945 ternauwernood overleefde. Tijdens die aanslag doorboorde een kogel zijn rechter kaak. Verder de littekens. Bij zijn linker oor, zijn linker mondhoek, zijn kin. Die had hij al sinds zijn studententijd in Graz. De feuten (in Graz Fuchsen genaamd) bewezen hun moed door twintig minuten onbeschermd te schermen met een lid van een concurrerend studentenkorps. De rake slagen met de floret in het gezicht waren eretekens voor het leven.

Zoenoffer

Over zijn lot maakt Rauter zich weinig illusies. Hij is het zoenoffer (‘Versöhnungsopfer’) dat het Nederlandse volk in het reine moet brengen met de bezettingsjaren. Rauter vindt het een eer dat de autoriteiten voor zijn executie de duinen van Scheveningen hebben uitgekozen. Daar fusilleerden zijn manschappen immers de leden van het verzet, die hij ‘het beste deel van ons volk’ noemt.

Op 25 maart 1949 loopt Hanns Albin Rauter zonder handboeien naar zijn executieplaats, dat privilege wordt hem gegund. Rauter gaf zijn erewoord dat hij niet probeert te ontsnappen. Op het moment suprême werpt hij de blinddoek af, roept ‘Deutschland!’ en daarna ‘Vuur!’ De leden van het executiepeloton zijn zo verbouwereerd dat ze  het bevel stante pede uitvoeren.

De innerlijke zielenroerselen van Hanns Albin Rauter

In zijn biografie Rauter. Himmlers vuist in Nederland waagt Theo Gerritse zich nauwelijks aan een psychologische duiding van de höhere SS- und Polizeiführer, die in het bezette Nederland rust en orde moest bewaren. Pas in zijn epiloog heeft Gerritse het over de ‘compromisloze levenshouding’ van Rauter. Een Oostenrijkse oud-strijder voor wie de Eerste Wereldoorlog de belangrijkste ervaring van zijn leven is geweest. ‘Der grosse Krieg war für uns die grosse Offenbarung. Wir sind als völlig andere Menschen aus dem Krieg herausgekommen,’ verklaarde hij in de strafgevangenis van Arnhem. Rauter was volkomen doordrongen van het Germaanse ideaal van moed, trouw en eer. Smaad vreesde hij meer dan de dood. Zie hier de innerlijke zielenroerselen van de tweede man van het civiele bestuur in Nederland.

Politiestaat Nederland

Het Rijkscommissariaat wilde aanvankelijk het Germaanse broedervolk met zachte hand aanpakken. Na de Februaristaking werd de sfeer grimmiger, om in het voorjaar van 1943, de April-mei-stakingen, volkomen te ontaarden. Ruim de helft van de Joodse ingezetenen was toen al gedeporteerd. Het debacle bij Stalingrad maakte helder dat de Duitsers de oorlog aan het verliezen waren. Goebbels proclameerde in het Sportpalast in Berlijn de totale oorlog. Voor de bezette gebieden behelsde die op de eerste plaats de vestiging van een slavenstaat. Het Nederlandse leger zou weer in krijgsgevangenschap worden gevoerd, studenten die weigerden de loyaliteitsverklaring te ondertekenen konden rekenen op een enkeltje Duitsland. Zij moesten de miljoenen Duitse mannen vervangen die de Wehrmacht aan het productieproces onttrokken had. De maatregelen leidden ertoe dat het verzet professionaliseerde en dat het aantal liquidaties van landverraders toenam. Aktion Silbertanne, uitgevoerd door lieden als Heinrich Boere, moest de illegaliteit lik op stuk geven. De onzinnige sluipmoorden op prominenten, waaronder die op schrijver A.M. de Jong, misten iedere uitwerking. Rauter was de verpersoonlijking van dat kwaad.

De aanslag bij Woeste Hoeve

Sterilisatie of deportatie, dat is de keus

De perversie van het regime uitte zich vooral tijdens de naoorlogse verklaringen. Rauter voerde alleen bevelen uit, hij wist niet wat er met de Joden in het oosten gebeurde, hij wenste na de aanslag bij Woeste Hoeve uitdrukkelijk geen represaillemaatregelen te nemen (het was rijkscommissaris Seyss-Inquart, inmiddels terechtgesteld in Neurenberg, die de mannen van Putten naar Neuengamme deporteerde) maar bovenal: zonder hem zou het zoveel erger zijn geweest. Die riedel kennen we van zo’n beetje elk nazi-kopstuk dat zich voor een rechtbank moest verantwoorden. De perversie schuilt vooral in de uitspraken van Rauter over de karakterloosheid van zijn slachtoffers. Hij vindt het onbegrijpelijk dat ‘Juden helfen ihre Volksgenossen abzuschieben’, een sneer naar de Joodse Raad. Dat zou een Sudeten-Duitser nou nooit doen. Rauter liet er zich op voorstaan dat hij gemengd-gehuwde joden de keus gaf zich te laten steriliseren, als alternatief voor deportatie, en was verbaasd over het succes van zijn campagne. ‘Mich hat es sehr gewundert, dass ein Mann sich dies tun liess.’

De morele verdwazing van een idioot, de banaliteit van het kwaad.

Theo Gerritse eist nogal wat van zijn lezer aan Ausdauer. Hij citeert rijkelijk uit het -veelal Duitse – bronnenmateriaal, wat zijn proza stroperig maakt. Rauter. Himmlers vuist in Nederland wordt gepresenteerd als een ‘gitzwarte biografie’, maar is veeleer een duizelingwekkend gedetailleerde kroniek over de verwording van de nazificatiepolitiek in het bezette Koninkrijk der Nederlanden. De hamvraag wordt niet beantwoordt. Alhoewel.

Wie was Hanns Albin Rauter? Volgens zijn verklaring tijdens het vooronderzoek van zijn proces werden er tijdens de aanslag bij Woeste Hoeve 260 kogels op de dienstauto afgevuurd. Had hij werkelijk de tegenwoordigheid van geest ze een voor een te tellen? Je zou het haast geloven na het lezen van deze biografie.

Rauter. Himmlers vuist in Nederland
Theo Gerritse
Boom
ISBN 9789461055286
Verschenen in november 2018

Bestelinformatie

Koop bij bol.comBestel als paperback bij bol.com (€ 39,90)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here