Hannah Arendt, denker over het ondenkbare

© Av Ryohei Noda (CC BY-SA 2.0) (atr. 34) )

In de wereld van vandaag de dag , waarin groepen die steeds meer en gewelddadiger tegenover elkaar staan, valt de naam van Hannah Arendt vaker. Eichman in Jeruzalem. De banaliteit van het kwaad, De oorsprong van Totalitarisme, Politiek in donkere tijden, Over revolutie zijn enkele titels van boeken die ze schreef. Ze heeft niet alleen over die thema’s nagedacht en geschreven. Ze heeft ze zelf geleefd en dat maakt haar opvattingen geloofwaardig.

Bij biografieën heb je het niet snel over een ‘pageturner’. Toch is Hannah Arendt Over liefde en kwaad van de Zweedse schrijver en doctor in theologie en ethiek Ann Heberlein dat voor mij.
Zeker bij deze van een bekende vrouw als Hannah Arendt stuwt de spanning het lezen voort. Ga ik iets lezen dat ik nog niet weet?

Hannah Arendt studeerde in Heidelberg, had een verhouding met filosoof Martin Heidegger, vluchtte in 1933 naar Frankrijk en wist na een verblijf in concentratiekamp Gurs via Marseille naar de Verenigde Staten te ontkomen. Daar werd ze een bekende filosoof en politiek denker. Ze wist als Joodse de Holocaust te overleven, omdat ze al vroeg begreep dat een situatie die in eerste instantie veilig is,heel snel, door allerlei oorzaken in het tegendeel kan omslaan. Hannah was allesbehalve naïef.

Zocht ze in Martin Heidegger, haar filosofische held die zich verzette tegen het Duitse universitaire establishment van het interbellum, een vaderfiguur? Haar eigen vader Paul Arendt overleed toen ze 7 jaar was. Ze heeft hem van een relatief gezonde man zien veranderen in een door syfilis verwoest en licht waanzinnig mens.

Hannah koestert de verzameling nagelaten boeken van haar vader en wordt door haar moeder en grootouders gestimuleerd te lezen en te begrijpen hoe de wereld om haar heen in elkaar zit. Niet vanzelfsprekend in die tijd. Het is niet lastig te snappen hoe ze als jonge, leergierige en ambitieuze vrouw verliefd wordt op Heidegger. En hoe ze niet veel later uit Marburg vlucht en trouwt met Günther Stern. Ze weet dat ze om intellectueel te overleven weg moet van de relatie. Niets wordt geschreven over in hoeverre de opkomst van de Jodenhaat in Duitsland een rol speelde bij de beslissing om Heidegger te verlaten. Toch zal ze (in de jaren die volgden) nooit echt afstand van hem nemen.

Vergeving

Hannah en haar eerste echtgenoot Günther Stern gaan niet lang nadat ze getrouwd zijn op bezoek bij Heidegger en zijn vrouw Elfriede.

Die suggereert dat Günther zich bij de nationaalsocialisten moet aansluiten, hij heeft er volgens haar het perfecte fysiek voor….

Günther vertelt Hannah, die blijkbaar niet bij het tafereel aanwezig was, wat hij Elfriede Heidegger antwoordde: ‘Als u goed naar me kijkt, zult u zich realiseren dat ik tot de soort behoor waar u zo graag van af wilt.’ Al in 1929 heeft mevrouw Heidegger zich bij Hitlers aanhangers aangesloten. En er is geen bewijs dat haar man daar bezwaar tegen had.

Een moeilijk te begrijpen feit uit haar biografie is de vergeving die Hannah blijkbaar voor Heideggers gedrag weet op te brengen. Hannah herstelt in 1950 niet alleen het intellectuele contact met hem, ze pakt ook de vriendschap weer op, al is het onder andere voorwaarden en is zij dit keer ‘de machtige’ partij. Dit is wel nieuw voor mij. Ik dacht dat ze alleen contact in brieven, op grote afstand hadden.

Hannah Arendt vergeeft Martin Heidegger dat hij zich aan de kant van de nazi’s heeft geschaard. Niet als meeloper, maar als overtuigd aanhanger van Hitlers Duitsland. In mei 1932 meldt hij zich als lid van de NSDAP en een half jaar later is hij rector van de universiteit van Freiburg. Een jaar later vertrekt hij alweer omdat hij te weinig bereikt. Nooit heeft hij spijt betuigt. Hij beweerde, ook tegenover een kritische Hannah, dat hij geen voorstandervan het ‘laten verdwijnen van de Joden’ is geweest. Hij heeft nooit iets tegen Joden gehad. Zij zou dat toch moeten weten, was zijn argument.

Zelfmoord

Hoe verder je in Hannah Arendt. Over liefde en kwaad komt, hoe duidelijker de opvattingen van de biograaf naar voren komen.

Heberlein, doctor in theologie en ethiek, besteedt een heel hoofdstuk aan de zelfmoord die Hannah overwoog te plegen toen ze in Gurs gevangen zat.
In 1943, veilig in de VS, schrijft ze daarover in haar essay We Refugees :

”Wij zijn niet de eerste Joden die vervolgd worden maar wel de eerste niet-religieuze Joden – en onze reactie is ons van het leven beroven.”

En Heberlein voegt daaraan toe:

“Degene die niet gelooft staat niets in de weg om zich van het leven te beroven, geen God die het verbiedt, geen hel om eeuwig in te branden.”

Waar Heberlein zich eerder geen vragen stelt over de achtergrond van Hannahs keuze voor de verhouding met Martin Heidegger, zoekt ze in dit hoofdstuk wel uitvoerig naar de innerlijke drijfveren van Arendt.

Hannah las als tiener de filosofen Kant, Jaspers en Kierkegaard. Hun opvattingen over de sterfelijkheid van de mens moeten haar hebben beïnvloedt. Net als gebeurtenissen in haar directe omgeving.

Een vriend van Walter Benjamin, de filosoof die net als Hannah en haar tweede man Heinrich Blücher in Frankrijk uit de greep van de nazi’s probeerde te blijven, pleegt zelfmoord in 1939. Een jaar later maakt Walter Benjamin zelf een eind aan zijn leven door een overdosis morfine in te nemen.

Jean-Paul Sartre, die stelt dat je als mens zelf het leven creëert door de keuzes die je maakt, wordt aangehaald. Evenals mede-existentialist Jean Amery die in het boek On suicide zegt dat zelfmoord de hoogste uiting is van de radicale vrijheid om als mens je eigen leven te bepalen. Amery, pseudoniem van Hans Mayer, overleeft Auschwitz maar maakt in 1978 alsnog gebruik van die extreme vrijheid door een overdosis slaappillen te nemen.

© Universitätsbibliothek Heidelberg (CC BY-SA 4.0) (atr. 35)

Jaspers

In de biografie van filosofiestudent Afra Geiger waar ik momenteel aan werk, scheert de research rakelings langs en soms dwars door het leven van Hannah Arendt. Afra en Günther Stern studeerden allebei op hetzelfde moment bij Martin Heidegger, toen Arendt haar toekomstige echtgenoot nog niet had ontmoet.
Tijdens mijn interview met een nichtje van Trude Mayer, de echtgenote van filosoof Karl Jaspers, komt het gesprek op Arendt.
Dat nichtje logeerde als kind iedere zomervakantie bij het echtpaar Jaspers in Bazel. ‘Tante Hannah’ was er dan ook. Die kwam een paar dagen logeren, verdween met Jaspers naar de studeerkamer om te praten en te praten. Ze zagen haar alleen bij het ontbijt en het diner. Een aardige kettingrokende oma. Arendt promoveerde bij Karl Jaspers in 1929 en bezocht hem tot aan zijn dood in 1969 regelmatig thuis in Bazel.

Gulzig lezend ben ik op zoek naar voor mij onbekende details uit het leven van Afra Geiger, de vrouw die tussen 1920 en 1945 als filosofiestudente bij Karl Jaspers was begonnen. Die vond ik niet, wel is deze goed geschreven biografie een bevestiging van de waardevolle (filosofische) erfenis die Hannah Arendt de wereld heeft nagelaten.

Een van de lessen die de Holocaust ons volgens Arendt leert, voor mij een eye-opener, is dat de erkenning van de mensenrechten een individu nog niet beschermt tegen wreedheden. Daar is een staatsburgerschap voor nodig. In haar stuk ‘Het recht op rechten’, vier jaar na het eind van de Tweede Wereldoorlog, schrijft ze dat Mensenrechten mooi zijn, maar waardeloos als je geen staat hebt om die rechten bij op te eisen. Dat wrede mechanisme ondervonden miljoenen vluchtelingen in de jaren dat Arendt een van hen was.

Hannah Arendt. Over liefde en kwaad
Ann Heberlein
Uitgeverij Spectrum
ISBN 9789000370658
Verschenen in september 2020

Bestelinformatie

Bestel als hardcover bij bol.com (€ 26,99)
Bestel als ebook bij bol.com (€ 14,99)

Koop bij Athenaeum Boekhandel

Bestel als hardcover bij Athenaeum Boekhandel (€ 26,99)
Bestel als ebook bij Athenaeum Boekhandel (€ 14,99)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here