Charles de Gaulle en de grandeur van Frankrijk

Charles de Gaulles

‘Zeer roerend gezwam in de ruimte,’ merkte koningin Juliana over zijn redevoeringen op, maar bij de Fransen ging het er in als zoete koek. Wanneer Charles de Gaulle sprak, gebeurde er wat. Toen hij zich vanuit Londen op 18 juni 1940 tot het verslagen vaderland richtte, veroordeelde het collaborerende Vichy-regime hem bij verstek tot de dood, maar het handjevol Vrije Fransen, dat de strijd tegen het nazi-regime wilde voortzetten, erkenden hem als hun leider. Toen hij, bejaard al, in 1958 het verscheurde vaderland van een dreigende burgeroorlog moest afwenden, deed hij dat met een hartstochtelijk beroep op alle citoyens. ‘Françaises, Français, aidez-moi!’ Het werkte. De Gaulle kreeg bijkans een vrijbrief om in zijn eentje de Vijfde Republiek te ontwerpen en breidde de presidentiële bevoegdheden behoorlijk uit. Hij zou er elf jaar profijt van trekken. Toen in mei 1968 het opstandige vaderland zich massaal van de generaal leek af te keren – ‘tien jaar is genoeg’, vonden de rebellerende studenten – wist hij met één toespraak een half miljoen medestanders op de been te brengen. Zij zagen liever Charles de Gaulle dan de verbeelding aan de macht.  De Gaulle representeerde de grandeur van Frankrijk, hij wàs de grandeur van Frankrijk. Hij overtuigde de Fransen ervan dat het geweldig is om deel uit te maken van zo’n fantastische Republiek.  Volgens Henk Wesseling  was dat ook de diepste drijfveer van de generaal: de rechtmatige plaats van Frankrijk op het wereldtoneel opeisen, die het bij Waterloo verloren had. Daarover gaat De man die nee zei. Charles de Gaulle 1890-1970.

Charles de Gaulle, Fransman van het noorden

Charles André Joseph Marie de Gaulle wordt op 22 november 1890 geboren in Lilles. Hij is ‘un Français du Nord’,  de enige windstreek waar Frankrijk geen natuurlijke grenzen heeft. Vandaar dat het noorden het strijdtoneel werd van de grote oorlogen. Mars-le-Tour en Gravelotte in 1870-71, Verdun en de Somme in 1914-18. Hij ambieert al vrij vroeg in zijn leven een militaire loopbaan, op een moment dat het leger – als nasleep van de Dreyfusaffaire – bij een groot deel van de Fransen in een kwaad daglicht staat. Zijn grote inspiratiebronnen zijn Charles Maurras en Maurice Barrès, nationalisten in hart en nieren, fasticoïde volgens sommigen, die niets moesten hebben van het pacifisme en antimilitarisme van links Frankrijk. De Gaulle ‘zag de wereld als een toneel van strijd tussen volken, staten en rassen waarin de sterksten ook moreel de besten waren,’ aldus Wesseling. De Eerste Wereldoorlog brengt hij grotendeels in krijgsgevangenschap door. Hij probeert te ontsnappen, maar zijn reusachtige gestalte – de Gaulle is bijna twee meter lang –   gooit keer op keer roet in het eten. In 1921 trouwt hij met Yvonne Vendroux, een meisje uit een welgestelde familie, en krijgt met haar drie kinderen: Anne, lijdend aan het downsyndroom, is het zorgenkindje. Zijn militaire carrière tijdens het interbellum verloopt uiterst moeizaam. De Gaulle haalt zich met zijn eigenzinnige publicaties de woede op de hals van het militaire establishment. Hij deelt het onwankelbare vertrouwen van zijn superieuren in de Maginotlinie niet, maar ziet meer in een dynamisch beroepsleger dat, uitgerust met tanks,  een Blitzkrieg moet ontketenen, mocht het weer eens tot een Frans-Duitse confrontatie komen. Alleen maarschalk Pétain, de ‘held van Verdun’,  ziet wel iets in de brutale jongeling. Hij haalt de Gaulle naar zijn persoonlijke staf.

His finest hour

Charles de Gaulle krijgt gelijk, als de Duitsers op 10 mei 1940 de aanval inzetten. Zij laten via de ondoordringbaar geachte Ardennen de Maginotlinie links liggen en steken met een aantal tankdivisies bij Dinant en Sedan de Maas over. Frankrijk wordt in zes weken tijd onder de voet gelopen. Pétain capituleert, de Gaulle niet. Hij vlucht naar Londen en roept de Fransen op de strijd voort te zetten. Hij weigert de wettigheid van het Vichy-regime te erkennen en acht het een gemiste kans dat de militaire top niet naar de overzeese gebiedsdelen is uitgeweken. Frankrijk beschikt immers over een immens koloniaal rijk in Noord- en West-Afrika. Vandaar had het de strijd tegen de Duitse bezetter duurzaam kunnen voortzetten. Tijdens de oorlog neemt de Gaulle een buitengewoon ambivalente houding tegenover zijn bondgenoten aan. Vooral met Roosevelt ligt hij vaak in de clinch. De Gaulle wantrouwt de vrijheidsretoriek van de president, want die verhult de diepere drijfveren van de Verenigde Staten: het ontmantelen van de Europese koloniën en het uitbreiden van de economische en politieke invloedssfeer van de Amerikanen op mondiale schaal.  De geallieerden gunnen hem de triomfantelijke intocht in het bevrijde Parijs op 26 augustus 1944, maar voor de top in Jalta, waar de toekomst van het naoorlogse Europa bezegeld wordt, krijgt hij geen uitnodiging.

Charles de Gaulle en de bevrijding van Parijs
Charles de Gaulle en de bevrijding van Parijs. Bron: Imperial War Museum

De Algerijnse kwestie

Na de bevrijding verdwijnt de Charles de Gaulle al snel van het politieke strijdtoneel. Hij verfoeit de grondwet die aan de Vierde Republiek ten grondslag ligt. Die behelst in zijn ogen niet meer dan een terugkeer naar de vooroorlogse situatie: het regime van de partijpolitiek, dat van de instabiliteit. Op het eerste oog krijgt hij ook daarin gelijk. De Vierde Republiek kent tot aan haar verscheiden in 1958 vierentwintig kabinetten, met een gemiddelde levensduur van vijf maanden. De stabiliteit en kwaliteit van het Franse ambtenarenkorps is echter nog nooit zo groot geweest, Parijs wordt het centrum van het culturele leven van Europa. De Algerijnse kwestie betekent de genadeslag voor de Vierde Republiek. De Franse Algerijnen, de pied-noirs of kolonisten, verzetten zich meer en meer tegen de in hun ogen lankmoedige houding van het regime in Parijs tegenover de opstandelingen van het FLN. Het conflict escaleert in de meidagen van 1958, wanneer de FLN drie Franse militiairen executeert, als vergelding voor de terechtstelling van drie van haar leden. Met behulp van het leger grijpen de pied-noirs de macht in Algiers. Parijs is zijn greep op het geweldsmonopolie kwijt, wat nog eens benadruk wordt als Franse parachutisten op 24 mei Corsica bezetten en daar de macht grijpen. Frankrijk staat aan de vooravond van een burgeroorlog. Het leger en de opstandelingen zijn bereid slechts één gezag te erkennen, en die zit in zijn boerderij in Colombey-les-Deux-Eglises zijn mémoires te schrijven. Charles de Gaulle, op dat moment 67 jaar oud, wordt ingehaald als de redder des vaderlands.

De Vijfde Republiek

De Gaulle regeert elf jaar en weet in die periode de bevoegdheden van de president enorm uit te breiden. Hij heeft rekening te houden met een ander kopstuk van de uitvoerende macht, de premier. De Gaulle maakt er drie mee tijdens zijn presidentschap, maar dat  zijn stuk voor stuk vertrouwelingen: Michel Debré, George Pompidou en Couve de Murville. Het optreden van de Gaulle is eigenzinnig, buitengenwoon eigenzinnig. Hij gunt de Algerijen hun onafhankelijkheid, tot grote woede van zijn militaire vrienden, die hem in 1958 aan de macht hebben geholpen. Er worden aanslagen op zijn leven gepleegd, er is de hernieuwde dreiging van een muitend leger. Weer roept hij de Fransen op hem te helpen. De Gaulle legt zich neer bij de naoorlogse dekolonisatie, maar erkent geenszins de suprematie van de Verenigde Staten: hun antikolonialisme is verkapt vrijhandelsimperalisme. Hij brengt met Konrad Adenauer de Frans-Duitse verzoening tot stand en steekt een stokje voor de toetreding van de Britten tot de EEG, want die zijn in zijn ogen te transatlantisch gericht. Om dezelfde reden verlaat hij in 1966 de NAVO. Onder zijn leiding wordt Frankrijk een atoommacht, want hij gelooft niet in de strategie van de ‘massive retaliation’. Riskeert een Amerikaanse president, als het er op aan komt, de vernietiging van New York, Washington en Chicago, ter verdediging van Berlijn en Parijs? In 1965 ruilt hij met de nodige bombarie Amerikaanse dollars voor degelijk goud om, want het bevalt hem niet voor zijn huishoudboekje afhankelijk te zijn van de begrotingsdiscipline van zijn ambtsgenoot aan de andere kant van de oceaan. Soevereiniteit, daar is het de Gaulle om te doen. Hij is tegen de oorlog in Vietnam, voordat die goed en wel begonnen is, en geeft de Amerikanen op een briefje dat ze die zullen verliezen. ‘Geen land, hoe machtig ook, kon een volk verslaan als dat eenmaal in de ban van vrijheidszucht en nationaal verlangen was geraakt.’ De Fransen wisten waar ze het over hadden, zij waren in 1954 Indochina uitgeschopt.

Mei ‘68

En toen waren er de meidagen van 1968. Vrijwel uit het niets sloegen de onlusten aan de universiteit van Nanterre over naar de Sorbonne. Nadat die op 3 mei ontruimd werd, braken in het Quartier Latin heftige rellen uit; in de nacht van 10 op 11 mei kwam het tot een heftige explosie, met honderden gewonden en massa-arrestaties als gevolg. Andere delen van de samenleving  sloten zich aan bij het protest: op 20 mei waren bijna 10 miljoen Fransen in staking. De Gaulle vreesde voor zijn leven, en dat van zijn familie. Toen op 29 mei in de buurt van het Elysée een demonstratie stond aangekondigd, nam hij de wijk naar Colombey.  Hij herpakte zich, en vertrouwde op zijn retorische begaafdheid om het tij te keren. ‘Françaises. Français.’ Hij kondigde nieuwe verkiezingen aan, waarin de burger om een nieuw mandaat werd gevraagd en riep intussen op het communistische gevaar met man en macht te bestrijden. Een uur later verzamelden zich op de Place de la Concorde een grote menigte, geschat wordt een half tot driekwart miljoen mensen, die haar steun betuigde aan de generaal. Bij de kamerverkiezingen in juni wonnen de gaullisten 365 van de 485 zetels in de Assemblée. Een jaar later overspeelde de Gaulle zijn hand. De Fransen werden wederom voor een referendum opgetrommeld, dit keer om over de toekomst van de Senaat te beslissen. Die zou in zijn bevoegdheden beperkt worden, uiteraard ten faveure van de president. Het electoraat stemde, met een krappe meerderheid, tegen het voorstel. Wesseling suggereert dat de Gaulle het echec zag aankomen, dat hij er doelbewust op aangestuurd heeft. Zijn grote schrikbeeld was een tweede Pétain te worden, die op zijn 84ste het land naar de verdoemenis hielp en daarmee zijn reputatie als held van Verdun te grabbel gooide. Charles de Gaulle verlangde naar Colombey. Hij heeft nog ruim een jaar van zijn pensioen kunnen genieten. Op 9 november 1970 overleed hij, tijdens een spelletje patience.

Henk Wesseling schreef met De man die nee zei een meeslepende biografie. Hij heeft een vlotte pen, verliest zich niet in details maar houdt het vizier gericht op de grote context, zoals het hoort. Toch verlang je als lezer zo nu en dan naar een pas op de plaats. Met name de oorlogsjaren worden vaak in staccato afgeraffeld. ‘De Gaulle weigerde echter onder Giraud te dienen. Hij kreeg steun van het Franse binnenlandse verzet. Op 30 mei 1943 arriveerde de Gaulle in Algiers. Op 3 juni werd het Comité Français de la Liberation Nationale (CFLN) gevorm onder de gezamelijke leiding van de Gaulle en Giraud. Het werd eind augustus door de geallieerden erkend. Weldra zou echter blijken dat deze duoleiding in de praktijk niet werkte en zou uitlopen op het eenhoofdige leiderschap van de Gaulle. Op 31 juli was het zover.’ Mag ik even op adem komen? Ook de accenten begrijp ik soms niet. Joseph Luns komt uitgebreid aan de orde, met smakelijke details over de opmeting van beide kemphanen door prins Bernard, die weleens wilde weten wie de langste was van de twee (Luns won, volgens de prins). Die aandacht is volkomen terecht, want Luns was de luis in de pels van de Europese politiek van de Gaulle. Maar waarom zo weinig aandacht voor de Frans-Duitse verzoening, de verstandhouding met Konrad Adenauer, wat toch een groot thema is in een leven dat getekend werd door twee wereldoorlogen? Vaak zijn biografieën te dik, soms te dun.  De man die nee zei behoort, als u het mij vraagt, tot de laatste categorie.

De man die nee zei. Charles de Gaulle 1890-1970
H.L. Wesseling
Uitgeverij Prometheus / Bert Bakker
ISBN 9789035136601
Verschenen 24 april 2012 

Bestelinformatie

Bestel hier als hardcover bij bol.com (€ 24,95)
Bestel hier als ebook boek bij bol.com (€ 19,99)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here