De beste biografie van 2021

Een keer per jaar bezondigt de redactie van Biografieportaal zich aan de lijstjesmanie rond oud en nieuw. We kijken terug op een mooie oogst aan biografieën van het afgelopen jaar. En verheugen ons, ondanks de barre tijden, op de komende.

Sjak Rutten

Ralph Bollmann, Angela Merkel, De kanselier en haar tijd
Veel mensen waren verbaasd dat Angela Merkel het nummer ‘Du hast den Farbfilm vergessen’ van Nina Hagen koos voor het concert ter gelegenheid van haar afscheid. Voor degenen die de biografie Angela Merkel, de kanselier en haar tijd zal dat minder een verrassing zijn. Wat veel meer verbaast is dat Angela Merkel met haar opvattingen en levensstijl koos voor de CDU toen ze na de Duitse hereniging besloot om de politiek in te gaan. Ralph Bollmann, die de kanselier al een kwart eeuw volgt, heeft een boeiende en zorgvuldige reconstructie van het leven en de politieke loopbaan van Merkel geschreven. Met als hoogtepunt het eerste deel over haar leven in de DDR.

Wim Huijser

Lieneke Frerichs, Nescio. Leven en werk van J.H.F. Grönloh
Er zijn schrijvers als Reve, Wolkers en Mulisch, die een leven uit één stuk hebben geleden. In alles wat ze (erbij) deden bleven ze in de eerste plaats schrijver. De biografieën van Nederlands schrijvers die in 2021 verschenen – onder andere Nescio, Jan Eijkelboom, Louis Lehmann – lieten veelal een vrijwel onbekende kant van de betreffende levens zien. Dat gold met name voor Nescio, wiens dagelijks leven als de zakenman Frits Grönloh heel lang verborgen is gebleven. Hij was misschien wel de meest bekende onbekende schrijver in de Nederlandse literatuur. Het is te danken aan Lieneke Frerichs dat het leven van Grönloh nadrukkelijk kleur heeft gekregen. Haar biografie heeft Nescio’s oeuvre nog meer glans gegeven.

Petra Teunissen

Mieke Tillema, Ida Simons. Pianiste, schrijfster, overlevende
De ster van 2021 was voor mij de biografie van Ida Simons door Mieke Tillema. Haar zeer goed geschreven en meeslepende levensverhaal Ida Simons. Pianiste, schrijfster, overlevende had eigenlijk ‘Slijk en sterren’ moeten heten, naar Simons’ prozadebuut. Empathisch, maar nooit sentimenteel beschrijft Tillema de grote successen en dramatische dieptepunten in het leven van de Joodse schrijfster van Een dwaze maagd. Hoe kon dit boek vijftig jaar later opnieuw een bestseller worden?

Tillema sprak voor haar onderzoek de nu 93-jarige auteur Dolf Verroen, die haar trakteerde op een bijzonder verhaal over Ida Simons. Die herinnering haalt hij ook op in zijn onlangs verschenen memoires Feestelijk maar vreselijk. Verroen beschrijft zijn ontmoetingen met vele schrijversvrienden: vergeten namen als Agnes de Haas en bekende auteurs als Tonke Dragt, Anna Blaman, Yvonne Keuls en Gerbrand Bakker. Hij kent en kende iedereen die actief was in de Nederlandse (jeugd)literatuur en ook nog eens vele kunstenaars en musici. Zijn boek is onmisbaar voor iedereen die zich op het pad van de biografie gaat begeven. Niet alleen voor de ‘anekdotes’, maar ook om een beeld te krijgen van de netwerken in de cultuursector. Verbijsterend scherp beschrijft hij zijn indrukken van mensen en gebeurtenissen. Natuurlijk leest Feestelijk maar vreselijk ook als een zelfportret: ‘Het geheugen is een wonderlijke zaak, maar ik heb geen letter gefantaseerd’, liet hij op de flaptekst zetten.

Ernst Bruinsma

Jolande Withuis, Geen tijd verliezen. Jeanne Bieruma Oosting 1898-1994
De biografieën van Roger van de Velde, Paul Méral en Jef Last: ik heb er soms ongemeen van genoten, notities gemaakt, in de kantlijn met potlood zelfs menigmaal streepjes gezet. Lezen dat de stukken er af vliegen. Maar Jolande Withuis heeft me dit jaar echt overdonderd met haar biografie over Jeanne Bieruma Oosting (1898-1994). Het is de female gaze van Withuis die zo ontzettend veel nieuwe inzichten heeft opgeleverd over een kunstenares die een leven lang tegen vooroordelen heeft gevochten. Met dank aan de prachtige stijl van de biografe is dit boek bovendien een groot genoegen om te lezen. En het is met dank aan haar retorische kracht dat Withuis er, zelfverzekerd en wilskrachtig als haar onderwerp, in slaagt een verrassend beeld neer te zetten van deze kunstenares die na de oorlog vooral bekend is geworden met sterk impressionistisch werk, stillevens en prettige landschapjes, maar voor de oorlog excelleerde in krachtige grafiek waarin het macabere, het duistere en het erotische de boventoon voerde. Volgend jaar is dat veelzijdige oeuvre in diverse musea te zien: Museum Belvédère, Museum Henriette Polak, Museum Maassluis, Museum Staal en het centrum voor prentkunst Nobilis.

Joep Boerboom

Jolande Withuis, Geen tijd verliezen. Jeanne Bieruma Oosting 1898-1994
Jolande Withuis schreef de biografie van kunstenares Jeanne Bieruma Oosting (1898-1994) die als vrouw in de kunst moest vechten tegen seksevooroordelen vanuit haar familie én vanuit de kunstkritiek. De auteur beschikte over een schat aan informatie, waaronder duizenden brieven, wat vele prachtige citaten oplevert. De auteur heeft goed gekeken naar Bieruma Oosting en haar werk. Dit leidt tot haarscherpe analyses van de hoofdpersoon, zonder dat de auteur hier overhaaste conclusies aan verbindt. Een prachtige, zorgvuldige biografie.

Sjoerd Karsten

Mathijs Deen, De grenzeloze rivier
Hoewel ik met veel plezier en interesse de, terecht bekroonde, biografie van Erasmus van Sandra Langereis heb gelezen, kies ik toch voor de zeer boeiende en ook uitzonderlijke biografie van de Rijn: De grenzeloze rivier van Mathijs Deen. Deen stelt zich de vraag wat als een rivier een personage was: heeft hij ook een geboorte en een dood? Het is een meeslepende vertelling over het ontstaan van de Rijn, onze vertekende kijk op rivieren, en belangrijke en ook komische gebeurtenissen waarin de Rijn als hoofdpersonage of als figurant aanwezig is geweest. Elk verhaal zegt ons iets over de geschiedenis van de rivier zelf, de Europese samenleving en over de nietigheid van onszelf.

Eric Palmen

Sandra Langereis, Erasmus Dwarsdenker
Wat heb ik genoten van Erasmus. Dwarsdenker van Sandra Langereis, de terechte winnaar van de Libris Geschiedenis Prijs van dit jaar. Het is een open deur dat een biograaf oog moet hebben voor de ‘historische context’ waarin het leven van haar protagonist heeft plaatsgevonden. Langereis doet veel meer dan dat. In haar prachtige biografie van Erasmus van Rotterdam komt de zestiende eeuw – de eeuw van het humanisme en de reformatie – tot leven. En je leert de man achter De lof der zotheid kennen, met al zijn nukken en luimen. Ik vond haar biografie van de Antwerpse uitgever Christoffel Plantijn al heel goed, maar met Erasmus. Dwarsdenker heeft Sandra Langereis zichzelf overtroffen.

Norma Montulet

Sandra Langereis, Erasmus Dwarsdenker
Mijn keuze was eigenlijk niet zo moeilijk. Ik heb vooral veel middelmatige biografieën gelezen op één na en dat was de biografie over Erasmus van Langereis. Een hele dikke biografie, maar nu kwam ik eens niet in de verleiding om te denken dat de helft van de tekst geschrapt kon worden. Wat ik bijzonder goed vind, is de manier waarop ze zowel de mens als de tijd neerzet. Kortom: een voorbeeldige biografie.

Martine van Poeteren

Rachel Holmes, Eleanor Marx. Een leven
De beste biografie die ik dit jaar heb gelezen is Eleanor Marx. Een leven van Rachel Holmes. De biograaf slaag er in om in een vlot leesbaar verhaal de onbekende feiten uit het leven van de jongste dochter van Karl Marx voor zichzelf te laten spreken. Daarmee schetst ze niet alleen een beeld van de vrouw die het werk en de gedachten van haar vader en zijn compaan, haar tweede vader, Friedrich Engels, uitdroeg en beschermde. Holmes weet ook in spannende verhaallijnen te vertellen hoe haar leven zich ontrolde in de tijd, hoe ze werd beïnvloed door haar ouders en welke risico’s de Marxen namen voor het uitdragen van hun idealen.

Hitlers Hofhouding van Heike Görtemaker is op een haar na tweede geworden, ook omdat het strikt genomen niet echt een biografie is. Een groepsbiografie van de mensen die Hitler aan de macht brachten zou je het kunnen noemen. Fascinerend, leerzaam en een boegbeeld voor geschiedschrijving.

Laura Molenaar

Margiet van der Heijden, Denken is verrukkelijk. Het leven van Tatiana Afanassjewa en Paul Ehrenfest
Deze biografie van natuurkundige Paul Ehrenfest en zijn wiskundige vrouw Afanassjewa werd terecht genomineerd voor de Libris Geschiedenisprijs. Ehrenfest en Afanassjewa leefden tijdens een kantelmoment in de natuurkunde, met de opkomende kwantummechanica en de relativiteitstheorie van Einstein (die hen trouwens ook vaak opzocht). Ehrenfest komt uit Wenen, Afanassjewa uit Petersburg, en we volgen hen tijdens een wat verweesde zoektocht naar een thuis in Europa begin twintigste eeuw. Uiteindelijk settelen ze in Leiden, maar ze blijven ontheemd en wat ongelukkig met hun positie in de ‘subtop’ van de wetenschap. Wat kan Van der Heijden spannend schrijven; je komt heel dicht bij de denkwereld van Ehrenfest en – in iets mindere mate – Afanassjewa. Met haar biografie staat een belangrijke periode in de natuurkunde voor het voetlicht, én krijgt een vrouw uit die tijd ook eens een hoofdrol.

Anneke van Ammelrooy

Nan Aurousseau, La Serpe Rouge
De beste biografie die ik 2021 las is La Serpe Rouge van de Franse schrijver en cineast Nan Aurousseau (1951). Hij raakte meteen geïnteresseerd in het leven van Georges Arnaud (1917-1987, de schrijver van de roman Le Salaire de la Peur, later verfilmd met Yves Montand en wereldwijd een succes), toen hij ontdekte dat die Arnaud waarschijnlijk zijn hele rijke familie uitgemoord en daarna het familiefortuin erdoorheen had gejaagd. Arnaud (pseudoniem van Henri Girard) was een gestoorde linkse anarchist en zijn hele leven boos omdat zijn rijke familie geen cent over had gehad voor behandeling van de tuberculose van zijn niet-aristocratische moeder. Zij stierf toen hij negen jaar oud was. Lezers van andere boeken van Aurousseau weten dat hij jong in de gevangenis heeft gezeten en die ervaring komt ook in dit boek weer aan bod, evenals het wangedrag van Franse criminelen die samenwerkten met de Gestapo. En nog veel meer. De stijl is heel persoonlijk, heeft niets van een traditionele biografie.

Marian Janssen

Heather Clark, Red Comet: The Short Life and Blazing Art of Sylvia Plath
Op de derde plaats: Red Comet: The Short Life and Blazing Art of Sylvia Plath, hier gerecenseerd door Petra Teunisse-Nijsse. Ik had eigenlijk geen zin om weer een boek te lezen over Plath, over wie inmiddels, zo lijkt het, bijna evenveel biografieën zijn geschreven als zij levensjaren had.  En dan zelfs bijna 1200 pagina’s, dus ongeveer veertig per jaar. Maar ik was benieuwd of Heather Clark erin zou slagen iets nieuws te brengen en dat deed ze.  Ze is er uitstekend in geslaagd om Plath te plaatsen als professioneel schrijver in de context van haar (vrouwonvriendelijke) tijd. Waar eerdere Plath-biografieën vaak als uitgangspunt Plaths zelfgekozen einde hadden, concentreert Clark zich op haar werkend leven. 

Gail Crowther, Three-Martini Afternoons at the Ritz: The Rebellion of Sylvia Plath & Anne Sexton
Nummer twee gaat ook al over Plath, samen met Anne Sexton, nl. Three-Martini Afternoons at the Ritz: The Rebellion of Sylvia Plath & Anne Sexton door Gail Crowther.  Crowther verweeft de levens van Plath en –  de veel minder bekende suïcidale dichter – Sexton met elkaar via thema’s als seks, huwelijk, moederschap, en schrijven. Crowther beschrijft hoe haar dames martini’s dronken in de chique Boston Ritz en daar elkaar hun intiemste gedachten toevertrouwden. In feite overlapten hun levens slechts één jaar en weten we niet waar zij over spraken. Maar dat we geen memoires of geheime opnames hebben van hun namiddagen in de Ritz, doet er uiteindelijk  niet toe. Het is alsof Crowther, zittend in de bar, zelf met een martini in de aanslag, flarden van hun gesprekken heeft opgevangen, zo levendig is dit boek.

Hilary Holladay, The Power of Adrienne Rich
Een heel andere biografie is The Power of Adrienne Rich door Hilary Holladay. Het is veel moeilijker een eerste biografie te schrijven dan een tweede, derde, of tiende. Latere biografen hebben een basis om op terug te vallen, of zelfs om de eerste biograaf aan te vallen. Zo heeft Holladay misschien wat weinig tijd besteed aan Rich als moeder, terwijl Rich het iconische Of Woman Born: Motherhood as Experience and Institution schreef. Maar als biograaf ben je ook altijd afhankelijk van je materiaal en Richs zonen werkten niet mee. De biografie is goed geschreven en bevat heel veel informatie, niet alleen over Rich’s leven en werk, maar ook over tweede-golf feminisme  in Amerika. Holladay’s eersteling staat voor mij op nummer één. 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here