Mei 1940. ‘Geen vlucht in den vreemde, maar een uitweg in de dood.’

Mij krijgen ze niet levend

388 Nederlanders pleegden in mei 1940 zelfmoord. Sommigen van hen bekend, zoals schrijver Menno ter Braak, de meesten onbekend. Schrijver en journalist Lucas Ligtenberg deed voor zijn boek Mij krijgen ze niet levend onderzoek naar bijna 400 mensen die niet wilden afwachten wat de Duitse bezetting hen zou brengen maar die het lot in eigen hand namen. Een mooi initiatief want er is onder historici weinig aandacht geweest voor de zelfmoordgolf in mei 1940. En een golf mag je het noemen. Want een aantal van 388 zelfmoorden in een maand is in de Nederlandse geschiedenis uniek hoog. Op grond van statistieken van andere jaren zou 50 á 60 “normaal” zijn.

Ligtenberg onderzocht niet alleen de aantallen maar vooral ook de verhalen achter de getallen. Wie waren de mensen die kozen voor de dood en waarom maakten ze die keuze? Van 311 mensen heeft hij de namen achterhaald. Hun verhalen leveren geen eenduidig beeld op, geen algemeen geldend motief. Zoals Ligtenberg zelf ook zegt: “er zijn net zoveel motieven als er mensen zijn […] daarnaast is het uiteindelijk niet mogelijk iemands precieze beweegredenen te achterhalen”. Toch is er volgens Mij krijgen ze niet levend één gemeenschappelijke deler. De meislachtoffers waren mensen die op grond van hun beroep, geloof, politieke overtuiging of soms door toevallige omstandigheden vreesden voor wat de Duitse bezetting hen zou brengen. Dat gaat dan allereerst natuurlijk om Joden (201 van de 388 zelfmoorden betrof Joden) maar ook om socialisten, publicisten en ondernemers met contacten in Duitsland. Een mooi voorbeeld hiervan is het verhaal van Louis Fles. Fles was een succesvol zakenman, een selfmade man. Hij werd in 1871 geboren als Levie Fles. Hij was Joods maar niet gelovig en veranderde zijn Joodse voornaam later in Louis. In 1933, dus net na de machtsovername door Hitler, schreef hij een pamflet Hitler. Hervormer of misdadiger. Het is een waarschuwing van wat Duitsland en de rest van de wereld te wachten zou staan als gevolg van het regime van Hitler. Het lot van de Joden werd door Fles angstig accuraat voorspeld. De ideeën over het ontwikkelen van een zuiver superras, het streven naar heerschappij over heel Europa; Fles las het in Mein Kampf en waarschuwde erover in zijn pamflet.
Fles ging in 1934 met pensioen, hij had met zijn zaken goed geld verdiend en hij had een zoon in de Verenigde Staten. Toch koos hij er niet voor om te emigreren, wat logisch zou zijn geweest als hij zijn eigen pamflet serieus had genomen. Hij bleef en pleegde in mei 1940 zelfmoord door het innemen van gif dat hij waarschijnlijk even tevoren uit de apotheek van zijn schoonzoon in Laag Keppel had gepakt.

Het gros van de Nederlanders lijkt het risico van een Duitse invasie toch te hebben onderschat. . Nederland had al 135 jaar geen oorlog meer gehad, de Eerste Wereldoorlog was in neutraliteit voorbij gegaan en regering, pers en bevolking leken (misschien tegen beter weten in) al hun kaarten te zetten op een herhaling daarvan om Nederland buiten de oorlog te kunnen houden. Op 10 mei bleek dat een illusie te zijn geweest. Mensen die reden hadden zich zorgen te maken over de toekomst hadden, in de woorden van historicus Jacques Presser, de keus tussen “een vlucht in den vreemde, de uitweg in de dood”. De vlucht in den vreemde, per boot naar Engeland bijvoorbeeld, lukte maar een paar honderd mensen. Tienduizenden gingen vergeefs naar de kust in een poging een plekje op een boot te bemachtigen. Onder hen bijvoorbeeld Jo Wins, Jood, actief in het zionisme en socialist. Hij was goed op de hoogte van de situatie in Duitsland door vluchtelingen (Joden, socialisten) die af en toe bij hem logeerden. 15 mei vindt de politie Jo en zijn gezin levenloos in huis. Met een briefje: we zijn naar IJmuiden geweest, maar de boot was weg, en toen zijn we weer naar huis gegaan.

Ligtenberg maakt aannemelijk dat veel Nederlanders verwachtten dat hun land weer neutraal zou kunnen blijven en, toen dat op 10 mei niet zo bleek te zijn, vervolgens de hoop koesterden dat het Nederlandse leger een paar maanden of op zijn minst toch een paar weken tegenstand zou kunnen bieden. Al te grote haast was dus niet nodig om drastische stappen te nemen als een emigratie of zelfs zelfmoord. Pas na het vertrek van koningin Wilhelmina op 13 mei slaat de paniek toe. Uit eerder onderzoek bleek al dat het aantal zelfmoorden hoog was onder intellectuelen, “bedrijfshoofden” en beoefenaars van vrije beroepen. Ook onder de portretten van de mensen in het boek van Ligtenberg komen we deze categorieën veel tegen. Maar ook iemand als Simon Dekker, brandstoffenhandelaar en visser uit Hippolytushoef, koos voor de uitweg in de dood. Een zwaarmoedig man die veel had gelezen over Duitsland en het lot van de Joden. Misschien, schrijft Ligtenberg, was er in zijn geval ook een verband met de nabijheid van werkdorp Wieringermeer. Dat was een in de jaren 30 opgericht agrarisch opleidingscentrum voor jonge Duitse en Oostenrijkse Joden. In de nacht van 14 op 15 mei maakte Simon met twee pistolen eerst een eind aan het leven van zijn vrouw en twee kinderen en daarna aan dat van hemzelf. De krant schrijft over de gezinszelfmoord en wijdt deze aan “zwaarmoedigheid door het noodlot der tijden”. In zijn afscheidsbrief schrijft Simon dat de familie “rustig en kalm de dood in gingen […] en men niet om hen moest treuren.

In Mij krijgen ze niet levend geeft Ligtenberg een goed overzicht van de mei-zelfmoorden. Van de gebruikte methodes, de omstandigheden, de afkomst van de slachtoffers en het hoge aantal zelfmoorden die in collectief verband (gezin familie, vrienden). Maar de grote verdienste van het boek zit er wat mij betreft vooral in dat hij van de 388 mensen die in meidagen van 1940 zelfmoord pleegden er 311 een naam heeft gegeven. Een aantal van hen (zoals Fles, Dekker en Wins) portretteert hij uitgebreid, honderden anderen krijgen een soort van klein altaartje. Soms in een pagina, soms in een korte omschrijving zoals:

Barend Braafhart (geb. 21 augustus 1885, Charlois – 16 mei 1940, Rotterdam) maakte een eind aan zijn leven door zich op te hangen op het adres Schulpweg 164 in Rotterdam. Over Braafhart, van beroep schaapherder, is verder niets bekend.

De lange lijst, 84 pagina’s, van korte omschrijvingen schreeuwt bijna om een crowdsourcing, een actie om het werk van Ligtenberg aan te vullen en nog meer mensen een gezicht te geven. Zodat we meer van hen te weten komen dan

Elisabeth Reiss (geb. 1913 of 1914 – 15 mei 1940, Utrecht) maakte een eind aan haar leven samen met Louis Ferdinand Feibel.

Mij krijgen ze niet levend. De zelfmoorden van mei 1940
Lucas Ligtenberg
Uitgeverij Balans
ISBN 9789460038457
Verschenen in mei 2017

Bestelinformatie

Koop bij Athenaeum Boekhandel

Bestel hier als paperback bij Athenaeum Boekhandel (€ 19,95)
Bestel hier als ebook bij Athenaeum Boekhandel (€ 9,99)

Koop bij bol.com

Bestel hier als paperback bij bol.com (€ 19,90)
Bestel hier als ebook bij bol.com (€ 9,99)

DELEN
Marcel Ermers
Marcel Ermers is radiomaker en historicus. Hij studeerde aan de Radbouduniversiteit af op een biografie van minister Johan Willem Beyen van Buitenlandse Zaken, bekroond met de scriptieprijs van het Nederlands Genootschap voor Internationale Zaken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here