Rie Brusse, journalist in achterbuurt en Koninklijk Huis

Rie Brusse in een biografie van Peter Brusse
Rie Brusse (1873-1941)

Wat zeg je tegen een man die een biografie wil gaan schrijven over zijn vader? In de meeste gevallen is dat geen goed idee. Ofwel wordt het boek een heldenepos, ofwel een afrekening in het niet-criminele circuit. In het geval van Peter Brusse, die een biografie schreef over zijn vader M.J. (Rie) Brusse, lijkt dat gevaar niet zo groot. Brusse heeft zijn vader maar kort gekend, hij stierf op 67-jarige leeftijd in januari 1941, toen de jonge Brusse vier jaar oud was.

De zelfkant van Rotterdam

Een biografie over Rie Brusse lijkt zeker op zijn plaats. De man was een vernieuwend journalist, schreef vele boeken, waarvan Boefje wel zijn bekendste zal zijn. In de chique Nieuwe Rotterdamsche Courant schreef hij 40 jaar lang verhalen over, vooral, de zelfkant van de Rotterdamse samenleving. Die stukken, met als titel Onder de Menschen, gebruikte hij ook om de nette liberale lezers van zijn krant te bewegen geld te geven ter verzachting van misstanden in de achterbuurten in en om de haven van de stad. Een aantal keren, zo blijkt uit de biografie, slaagt Brusse sr. er daadwerkelijk in om de politiek in beweging te krijgen. Ook in zijn persoonlijk leven was het allerminst saai, hij trouwde drie keer, kreeg bij al zijn vrouwen zoons, die vrijwel allemaal creatieve beroepen kozen. De bekendste zijn uiteraard Peter (derde huwelijk) en Jan en Kees (beide uit het tweede huwelijk).
Rie Brusse (met zijn doopnamen Marie Joseph was hij vernoemd naar de oma van vaders kant) leefde in een boeiende tijd, verkeerde onder grote namen als Herman Heijermans, Abraham Kuijper, Jan en Charley Toorop. Toch is het Brusse niet gelukt om zijn vader tot leven te wekken in deze biografie, wat mij betreft. Niet helemaal verwonderlijk als je leest dat het archief en alle persoonlijke bezittingen van de man bij een brand verloren zijn gegaan en dat het redactiearchief van zijn krant bij het grof vuil is gezet.

Verhalende journalistiek

Het werk en leven van Rie Brusse bieden stof genoeg; 40 jaar carrière bij de krant waarin hij een invloedrijke rubriek had, de boeken, de huwelijken, de vele kinderen. Over het werk van Rie schrijft Peter Brusse het uitvoerigst. Brusse schetst het werk van zijn vader als dat van een voorloper in de verhalende journalistiek. Hij schreef niet over politiek, geen beschouwingen en analyses, maar hij tekende verhalen op van gewone mensen. Rie deed ook aan participerende journalistiek, hij ging mee met zeelui die op de wal wanhopig probeerde een baantje te bemachtigen en verkeerde een week lang onder landlopers in Noord-Holland. Zijn belevenissen schreef hij dan niet op als politiek pamflet maar als het verhaal van de mensen die hij had leren kennen. Zo hoopte hij, een beetje naïef schrijft Brusse jr., dat als maar genoeg bazen en havenbaronnen zouden zien hoe slecht de mensen het hebben, er snel genoeg een einde aan gemaakt zou worden. Zijn grootste succes was het verhaal van Boefje, een jongen die hij enige tijd onder zijn hoede nam en op het rechte pad hielp. Het verhaal over de jongen werd een boek, een toneelstuk en zelfs een film.
Dat beeld van het oeuvre van de man is sterk, maar zou nog meer aan kracht gewonnen hebben als het was geplaatst in het perspectief van het werk van zijn tijdgenoten. Want dat de literaire en journalistieke productie van zijn vader bijzonder was leer je vooral doordat Brusse die constatering keer op keer herhaalt. Om zelf te kunnen beoordelen of de publicaties van Rie Brusse buitengewoon waren moet je eerst weten wat het gewone was. En dat vertelt Brusse niet, hij gaat van onderwerp naar onderwerp in steeds hetzelfde stramien: er gebeurde dit of dat, Rie schreef er heel mooi over en iedereen vond dat.
Dat loftuitingen van mannen als Kloos en Heijermans of van kranten als het Algemeen Handelsblad en Het Volk worden geciteerd is nog wel logisch maar die van de Sumatra Post of de Apeldoornsche Courant lijken toch wat minder relevant. Het is wat mij betreft teveel en, zoals gezegd, het helpt niet om de literaire en journalistieke kwaliteiten van Rie Brusse zelf te kunnen beoordelen. Als TV-maker zal Brusse bekend zijn met het adagium “show, don’t tell” maar hij past het in dit boek niet toe.

Rotterdam – De Zandstraat in 1910

Veel vragen die opkomen bij het lezen worden niet beantwoord. Waar kwam de drang van Rie Brusse vandaan om de zelfkant van de maatschappij op te zoeken? Hoe kan het dat hij dat als 27-jarige al in de vorm van een rubriek kon doen in een deftige krant als de NRC? Hoe is het te rijmen dat Rie met hart en ziel schrijft over het lot van de armen en tegelijkertijd lucratieve commerciële opdrachten aanneemt van bijvoorbeeld Philips (In Philips Wonderland). Het wordt me uit de biografie niet duidelijk. Evenmin trouwens als me wordt verteld hoe Rie Brusse in het paleis Noordeinde op de gang voor de kraamkamer kon staan te wachten op de geboorte van prinses Juliana…
Als het gaat om het persoonlijk leven komen we niet heel dicht bij de persoon Rie Brusse. Door het ontbreken van archieven en bewaard gebleven correspondentie (broer Ytzen had nog enkele brieven) moest Brusse het dus vooral doen met de verhalen en herinneringen van zijn broers. Broer Henk (uit het eerste huwelijk) was maar liefst 31 jaar ouder en zal dus veel meer herinneringen hebben gehad. Ergens in het boek is zelfs sprake van opgeschreven memoires. Maar een notenapparaat ontbreekt, zodat niet echt duidelijk is waar in het boek de herinneringen van broer Henk worden gebruikt.
Heel soms komt Rie Brusse tot leven door de gezamenlijke anekdotes van zijn zoons, bijvoorbeeld met het verhaal over een kogel die vader tijdens de Eerste Wereldoorlog zou hebben gekregen van een Servische officier. Toch blijven ook hier vooral erg veel vragen. Waarom vertrokken zowel zijn eerste als zijn tweede vrouw in een tijd dat echtscheidingen uitzonderlijk waren? Het wordt niet duidelijk. Volgens broer Henk was de scheiding van zijn ouders vooral het gevolg van het feit dat zijn vader altijd maar met zijn werk bezig was. Maar waarom werd zijn zoon dan toch aan hem toegewezen? Peter Brusse heeft, voor zover bekend, ook geen poging gedaan om informatie in te winnen bij de familie van Truus Visser, de eerste vrouw van zijn vader. Waarom liep de tweede vrouw, Antje, bij hem weg? Waarom werden de drie zoons uit dat gezin uit elkaar gehaald bij die scheiding? (Kees ging met zijn moeder mee, Jan en de oudste Ytzen bleven bij vader). Het verhaal krijgt pas diepte bij de treurige constatering van Kees: “Het is ironisch dat vader die zo prachtig over verwaarloosde kinderen heeft geschreven, nooit voor mij is opgekomen of me terug heeft gehaald naar mijn broertjes”.
Rie Brusse komt uit de biografie naar voren als een man van paradoxen. Een man die zowel geïnteresseerd was in de onderkant van de samenleving als in het wel en wee van de Oranjes. Die participerende journalistiek combineerde met goedbetaalde commerciële schnabbels. Die mooier over kinderen kon schrijven dan er voor kon zorgen. Maar voor een antwoord op de vraag wat Rie Brusse nou echt voor man was, daarvoor is de biografie te mager.

Onder de menschen. M.J.Brusse (1873 – 1941), journalist
Peter Brusse
Balans
ISBN 9789460034404
Verschenen in april 2017

Bestelinformatie

Koop bij Athenaeum Boekhandel

Bestel hier als paperback bij Athenaeum Boekhandel (€ 22,50)
Bestel hier als ebook bij Athenaeum Boekhandel (€ 9,99)

Koop bij bol.com

Bestel hier als paperback bij bol.com (€ 22,50)
Bestel hier als ebook bij bol.com (€ 9,99)

DELEN
Marcel Ermers
Marcel Ermers is radiomaker en historicus. Hij studeerde aan de Radbouduniversiteit af op een biografie van minister Johan Willem Beyen van Buitenlandse Zaken, bekroond met de scriptieprijs van het Nederlands Genootschap voor Internationale Zaken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here